Weblog2

Donderdag, 9. April 2015 - 21:00 Uur
Contact

Het zal in de zomer van 1968 geweest zijn, tenminste aan deze foto te zien. Diny had nog niet zo lang verkering met Ben en ze kwamen voor het eerst samen onze kant op naar Hengelo…. op de brommer. Het werd een gezellig bezoekje want ik kende Ben al vanaf de lagere school en ook van het fietsen naar het Baudartius in Zutphen. Ik herinnerde me zelfs dat hij als eerste klasser nogal stevige benen had in zijn korte broek. Brintabenen waren het, want dat kreeg hij iedere morgen voor hij naar school ging. Net zoals bij ons pannenkoeken als ontbijt op tafel kwam.
Maar nu was hij al volwassen en na zijn diensttijd onderwijzer geworden. Op de rijvereniging hadden ze elkaar leren kennen en de liefde voor het paard breidde zich dus uit.
Ben had zijn fototoestel bij zich en schoot wat leuke plaatjes van onze kinderen, toen nog alleen Gerhard en Rick. Deze foto vind ik nog steeds prachtig door het contact dat ik hier met Rick heb. We hebben op deze leeftijd net ontdekt dat Rick behalve aan zijn linkerhand ook spasme in zijn linkerbeen heeft.

Donderdag, 2. April 2015 - 19:51 Uur
Over taal....

Opa Bijenhof hielp graag mee op de Boomgaard.

Nee, vloeken was er vroeger bij ons thuis niet bij. Het ergste woord was verdikkemien van vader Hein als er iets heel erg mis was. Ook grove taal kan ik me niet herinneren, wel wat aardige uitdrukkingen van pa of opa. Als we weer eens lekker gegeten hadden zei opa Bijenhof vaak: ‘Zo… de katte geet ons niet meer met de mage lopen. En: ‘Buikje buikje wat heb je goeie dagen’. Of pa als hij me bezig zag met iets handwerk: ‘Een vrouwenhand en een peerdetand die staot nooit stille’. Je neemt blijkbaar ook iets mee al verhuis je naar een ander deel van het land. ' Dat zeg je altijd', zei Mark me eens toen iemand mij ergens voor bedankte en ik antwoordde met:' Daor zö'j 't veur hebben'.
Toen we Jan Roeterdink op de Boomgaard als knecht kregen waren Diny en ik al pubers en was het af en toe wel lachen. Hij wijdde ons in als hij weer eens een meisje op het oog had: ‘ Jao daor zit teminste kant’n an’. Het was een nogal stevig meisje. Het is toch niet wat geworden. ‘Kö’j ok wel Engels Jan’, vroegen we hem eens. ‘O,jao zeker…. heur maor: I love you….. met de kop tussen de deure en dan maor drukken’. Of: ’I love you… met de poepert in de götsteen’. Ja met Jan bleef je lachen.
Ook bij Wim thuis werden er geen ruwe taal of krachttermen gebruikt. Als het menens werd zei moeder Siet enkel: potverdriedubbeltjes en dat was al heel wat.
Ik denk dat je dit ook weer doorgeeft aan je eigen kinderen
.

Maandag, 23. Maart 2015 - 14:07 Uur
Weet je nog?

Ken je dat… dat je zit te denken over je eerste levensjaren? Wat weet je er nog van? Ze zeggen dat herinneringen van voor je vierde jaar zeldzaam zijn. Of dat je er iemand over hebt horen praten. Dan is het geen echte herinnering van voor die tijd meer. Toch heb ik een duidelijk beeld van vader Hendrik Jan. Hij overleed toen ik 2,5 was. Het zal net voor die laatste kerst zijn geweest 1945 dat ik zag hoe hij een konijn vilde die aan de zolder van ons keukentje op de Haar hing. Hij trok het vel zo van boven naar beneden er af, terwijl ik bij opoe of mama op schoot zat. Ik hield mijn handen voor de ogen, wel met een klein kiertje natuurlijk. Ik doe het nog steeds bij iets dat ik griezelig of eng vind. Ik zie hem met de lichtere strook haar, overgehouden na het ongeluk met tante Dina waar hij bij was. In twee weken tijd was die ontstaan volgens de tantes. Hij droeg een vestje met puntjes van voren en had de mouwen opgerold. En ik herinner me zijn stem. Die had wat weg van die van oom Bram. Het blijken waardevolle herinneringen. Toen ik het mama vertelde over wat ik nog wist, ik zal toen een jaar of 8 geweest zijn, wist zij nog dat dat vlak voor de kerst geweest moest zijn. Later kwam de herinnering aan een beeld dat we met opoe en opa in het keukentje zaten. Vader Hendrik Jan naast mama die Diny op schoot had. Hij zei iets grappigs tegen mama, want zij moest glimlachen. En ik herinner me het gevoel, de trilling, toen ik bij hem voor op de motor mocht zitten en we een rondje op het erf reden, een veilig gevoel vlak voor papa. Meteen vroeg mama naar andere beelden. ’Weet je dan ook nog dat we met jou in de wandelwagen door Vorden liepen? En dat papa je bij tante Hermien en oom Sjoerd aan de tafelpoot vastbond omdat je anders wegliep?’ Nee dat niet, maar dat zal voor haar bijzonder geweest zijn.

Zaterdag, 21. Maart 2015 - 14:03 Uur
Over licht....en donker.

Moeder Coba in de hof op de Haar. Opoe had het nooit over de tuin maar had het altijd over 'de blumekes in d'n hof'.

Op de Haar hadden we heel vroeger geen elektriciteit. Ik herinner me de gaskousjes die in de kraaltjeslamp zaten en die bij de minste aanraking stuk gingen. Op vakantie in Badenhard in de jachthut was dat net zo: gaskousjes. En er waren altijd kaarsen bij de hand.
Op de Boomgaard was wel elektrisch. Er liepen een paar geveurlijke draoden naar de voorkant van het huis wat opoe de griezels bezorgde. Voor de trouwerij van mama met vader Hein in 1950 moesten er daarom latten voor het slaapkamerraam van Diny en mij gespijkerd worden. We zouden eens willen proberen naar die draden te reiken! Bij onweer stond er uit voorzorg steeds een grote petroleumlamp op tafel voor ’t geval de bliksem op de draod sloeg. Dan zat je immers meteen in het donker. En dat is zeker regelmatig gebeurd. Ik herinner me de lamp, best gezellig vond ik toen. Was ook wat spannend maar volgens mij kwam dat meer door de angst die opoe Bijenhof voor onweer had dan door het onweer zelf.
Gisteravond ging ook bij ons het licht uit. Bij Alle en Anja hadden ze de draad in de grond beschadigd en moest gerepareerd worden. Dan besef je pas dat je hele leven in deze tijd afhankelijk is van elektriciteit. Koffie of thee zetten kan niet meer. Radio en tv doen het niet, laat staan de computer. We hadden een zee aan kaarsen op tafel gezet. Het leek best gezellig, maar wat ga je dan doen. Ik zag in gedachten de mensen vroeger bij het haardvuur zitten en naar de verhalen van opa luisteren die over vroeger vertelde. Na een tijdje te zitten peinzen probeerde ik een boek, maar onze meer dan 70 jaar oude ogen hadden daar geen zin in.
Ik belde Rick maar eens. Die heeft een oorontsteking en was toch maar eens naar de huisarts gegaan. Je raadt het misschien al. We zijn naar de Ruinerbrink getogen, gezellig koffie gedronken en ‘Witse’ gekeken. Ach… Rick keek altijd naar ‘De tv kantine’ en ‘Alles mag op vrijdag’ , maar vooruit hij gunde Wim z’n Witse en zou later zijn eigen favoriete programma’s wel zien. Hij heeft zo’n tv waar je ook later naar je programma kunt kijken of natuurlijk bij Uitzending gemist.
Om half 10 sms-te Anja dat het licht er weer op zat. Thuis keek ik eens rond en zag wel heel veel licht, kan eigenlijk best wat minder….

Donderdag, 12. Maart 2015 - 20:19 Uur
Uit de oude doos...

Uit een fotoalbum bij de Lettinks in Linde kwam deze foto te voorschijn. Dick kreeg hem te zien bij zijn broer Johan. Ze kwamen tot de ontdekking dat het vader Hein moet zijn aan de rechterkant en middenin zit zijn eerste vrouw tante Hanna. Tussen hen in zit 'tante Dien' die op dat moment verkering had, of net getrouwd was, met Jan, een broer van ome Derk Lettink. Zo te zien zal deze foto ergens in de oorlogstijd 40-45 gemaakt zijn. Vader Hein ziet er hier nog zo jong uit en zijn haardos is nog aardig compleet. Wie zijn toch die oudjes op de foto. Het is niet opoe Lettink, want die herinner ik me nog goed. Dick wil het zus Annie nog eens navragen.

In an old shoebox from the Lettink's family ( neighbour's from the Boomgaard) this picture was found. It's father Hein it on the right with his first wife tante Hanna, sitting in the middle. Hanna passed away after kidney failure in 1948. In 1950 Hein and Coba got married and we all moved to the Boomgaard, mama, opa and opoe Bijenhof and Diny and I.

Nieuwe bijdrage  Oudere bijdrage

Aanmelden