Toen Wim me influisterde: ‘Ik wil ook een boek’, dacht ik… hoe dat zo… Jij komt in bijna al mijn schrijverij voor. Maar daarna besefte ik ook dat dit slechts momentopnamen zijn in die stukjes. Zo noem ik ze maar, ik wil het geen columns noemen. Dat is voor journalisten en zo. Ik ben een verteller, mag ook toch. In al onze gezamenlijke belevenissen speelt hij vaak een sleutelrol. Daarom ging ik aan de slag om toch te laten zien wie Wim was en waarom hij die toch sterke man geworden is zoals ik hem ken. En dat heeft ook veel met zijn jeugd te maken. Al was ik er zelf niet bij maar door alle verhalen van moeder en de broers en natuurlijk Wim zelf is het net of ik er altijd al bij geweest ben. Ook dit heeft me goed gedaan, heel goed zelfs. Het was net of dit gewoon nog gebeuren moest.
Het is een herinneringsboekje geworden voor wie hem gekend heeft en dit graag zou willen hebben. Morgen gaat het concept naar de drukkerij van Peter Koers in Nürnberg, want natuurlijk is hij het die er een mooi geheel van maakte.
