Loeder

 Loeder, de ondoorgrondelijke. Uiteindelijk was zij lang de baas in huis èn tuin. Ze maakte duidelijk wanneer ze naar binnen wilde of toch liever naar buiten. Ze besliste zelf waar ze wilde liggen of zitten. Buiten was het vogelhuisje haar uitverkoren plekje. Zo had de grande dame een goed overzicht op alles wat zich op het erf afspeelde. Wanneer we een paar dagen weggeweest waren zat ze ons op te wachten met een verontwaardigde blik in de ogen en met de staart trots omhoog liep ze mee en was het eerst binnen van allemaal en ontdooide pas wanneer we haar bakje met haar favoriete voer hadden gevuld. Ze had een bijzondere schoonheid en daardoor dachten sommige kattenliefhebbers dat ze wel een aanhalig typje zou zijn. Maar daar kwam je snel achter als je haar oppakte. Het was meteen duidelijk dat ze dat geen voorrecht vond.

Kijk haar hier zitten, die Loeder van ons. Die maandagmiddag zaten we te kijken van de nieuwste capriolen van onze kat op leeftijd. Ze klom wijdbeens omhoog en nestelde zich op het vogelhuisje, daarna op het voederkastje om even later met haar pootje pindakaas uit de hangende pot voor de vogels te snoepen.
Deze kat was ons gewoon de baas. Ze zeggen wel eens: een hond heeft een baas, maar een kat heeft personeel. Helemaal waar. Als ze je aankeek ging je al voor de bijl.

Alleen Daan liet haar in haar waarde. Hij praatte tegen haar, aaide haar voorzichtig maar probeerde nooit om haar op te pakken. Je zag dat die twee elkaar volledig begrepen. Daan heeft iets bijzonders met poezen. Er was altijd wel iets over Pookie, Karel of Boyd te vertellen. Ik noemde hem al de kattenfluisteraar in navolging van Cesar die alles van honden begrijpt of de paardenfluisteraar die dat met paarden heeft. Loeder mocht oud worden aan het Schoolpad net als haar moeder Suze. En warempel nam ze de plek in huis van haar over nadat Suze overleed, maar een knuffelpoes is ze nooit geworden.