Wat doe-j et eerste?

Ken je dat? Er was iets uitgevonden waardoor de ruit van de auto springt wanneer je te water raakt met het spul. Jarenlang hebben we rondgereden met zo’n lifehammer voorin de auto en nu blijkt dat je daar de ruiten niet eens mee stuk krijgt. Ik rijd trouwens niet graag langs water, mama vroeger ook al niet. Wanneer we vanaf Linde naar Hattem reden was de kortste weg langs het Apeldoorns kanaal naar Hattem. Dat ging nog want dan reed je aan de ‘goede’ kant van de weg, maar ging je weer terug dan reed je aan de kant van het kanaal. Dan ging ik liever over de gewone straatweg, de autosnelweg was er natuurlijk nog lang niet.

Maar Wim kon zich maar met moeite in mijn angst om te water te raken verplaatsen. We waren nog niet eens verloofd toen hij al begon met adviezen van wat je vooral het eerste moest doen als eenmaal het onvermijdelijke gebeurd was. Eerst lamp aan, dan de auto vol laten lopen….huhuhu. Dan ging de deur gewoon open… en hup zwom je zo naar de kant. Tenminste als ik het goed onthouden heb. Maar ik wist natuurlijk zeker dat ik me verstijfd van angst niet zou kunnen bewegen.

Het toppunt was toen we eens in Bronckhorst de oversteek per pont wilden maken naar Brummen, of misschien was het andersom. De IJssel stond aardig hoog en het stormde wat. Het donkere water van de IJssel gromde ons toe. We reden de pont op en Wim vroeg ineens: ”Wat doe- j noe ‘t eerste a- j in ’t water terechte komt?” Ik wist niet hoe gauw ik de auto uit moest komen.