De winters van toen… en nu?

Maart roert zijn staart- 5 maart 2005.

De jacht op het winters overleven is toch begonnen. Een merel jaagt de kleinere mussen weg bij de hulst, de koolmezen zijn de baas bij de vetbolletjes. Suze en Loedertje vechten om de warmste plek op het speciale dekentje op het bed in het kleine kamertje.
Zelfs Tessa wil naar binnen. Op de buienradar zien we een bult sneeuw aankomen …daar zeg je u tegen.
Zou het dan toch nog?
In de winter van 78/79 ging ik vaak van Hengelo naar Lochem. Onderweg moest de trein dan regelmatig stoppen omdat de wissels met de hand omgezet moesten worden. Of die eerste winter in Hattem, de winter ook van die beruchte elfstedentocht. In het weekend reden er geen bussen en ik mocht met oom Jan Aartsen mee in de taxie naar Zwolle naar de trein om toch naar huis te kunnen. Toen ik ’s maandags weer terug wilde waren we in Linde ingesneeuwd en moest pa eerst met z’n speciale driekantige slee, met Vurose er voor, een weg banen om tenminste weg te kunnen.
Ik heb Wim al geroepen. We gaan ons wapenen. We gaan boodschappen doen voor het weekend en meer. Als we hier ingesneeuwd raken zitten we dan in elk geval goed.
De kachel snort. Laat de echte Hollandse winter maar komen.