In september wordt er in het kader van de Monumentendagen een expositie gehouden in Vorden en Gerda Rossel is er druk mee om de Wildenborchse emigranten en hun connecties met de achterblijvers te laten zien. Ook de fam Levenkamp afkomstig uit de Wildenborch. Opa bezocht ze in 1932 in Zuid Dakota. Ik had geen idee wie deze vrienden van opa waren toen ik deze foto zag.
Heel bijzonder dat juist Berdena vanuit het verre Minneapolis het raadsel van het bezoek van dit echtpaar aan de Boskamp oploste. Zij herkende deze mensen. Zij waren het die borg stonden voor Herman toen die in 1925 naar Zuid Dakota emigreerde. Het is opa’s goede vriend Albert Levenkamp en zijn vrouw. Opa bezocht hen in 1932 tijdens zijn verblijf bij Herman en Nettie in Iowa. Ik pakte er even zijn dagboekje bij en zocht naar het bezoekje aan Albert Levenkamp.
29 juni
Vandaag zijn we naar Zuid- Dakota gegaan. Op ’t ogenblik ben ik bij A. Levenkamp, waar ik blijf slapen.
Slaap wel, huisgezin.
30 juni
Vandaag heb ik heel wat visites gemaakt. Tot half 11 zijn we bij A Levenkamp gebleven. Heerlijk geslapen hier en heerlijke uren gehad ook. Albert was toch zo blij dat ik hem had opgezocht. “Nu sta je hier bij me en ik nog kan ik het haast niet geloven dat je gekomen bent, wat wonder… wat wonder…” Een dappere man die Albert. Een prachtig woord moet ik nog van hem opschrijven. Hij was uit dat knusse Iowa vertrokken naar hier, waar nog de prairie is.
“Maar Johan”, zegt hij, ”je kunt niet geloven wat een zegen het is om de ploeg te mogen zetten in grond waar nog nooit een mensenvoet op gestaan heeft.”. Dit zei hij twee maal om er de nadruk op te leggen.
Verder gingen we naar een schoonzoon van Lenkeek. Daar moest ik mee naar de kelder om te zien hoe droog het in Zuid Dakota is. Eerst heb ik wijn geproefd uit paardebloemen gemaakt, heel fris en gezond. Toen nog wijn uit aardappels. Die was niet zo, maar toch een goede drank. De meeste boeren maken wel bier, maar dit had ik nog bij niemand gezien.
Slaap wel.
