We waren vroeg op pad vanmorgen. Schoonzus Tonny is jarig. Dus werd het al vroeg einddoel Hattem. Ik had net een blik in ons Dagblad van het Noorden geworpen en had ontdekt dat het vandaag de laatste column van Rosa Timmer zou bevatten. Ik was aan haar gewend geraakt in de zaterdageditie net als elke dag aan Herman Sandman die ons met Groninger uitspraken om de oren kan slaan. Ook mooi en toch zo anders dan Drents, Veluws of Achterhoeks. Dan is er nog elke zaterdag Daniel Lohues die je ook niet over kunt slaan. Vandaag had ik het gevoel dat hij zijn eigen leven beschreef zoals het had kunnen zijn. Gek is dat.
Maar nu Rosa. Ze vertelde hoe ze aan haar columns kwam. Het was voor haar een tijdlang nogal zweten geweest en onzeker over het resultaat. Was het goed genoeg? Dat krijg je als er druk achter zit. Tot een collega het zo had genoemd: het is een hoogvlakte met enkele pieken. Daar kon je het mee doen. Vanaf die tijd werd het blijkbaar gemakkelijker. Toen ze eenmaal voor het DVHN ging schrijven kreeg ze wel de boodschap mee: je mag niet over politiek, religie of seks te schrijven.
Meteen zie ik dan mijn moeder voor me die bij de komende verjaarsvisite lastige gesprekken wil voorkomen. ‘Wi-j gaot et vanaovend niet hebben aover politiek en ok niet aover de kerke’, was haar vaste advies tijdens het avondeten. Er waren nogal verschillende stromingen qua religie binnen onze familie. Sex kwam nooit ter sprake, in elk geval niet met duidelijke aanwijzingen en helemaal niet met kinderen erbij. Af en toe hoorde je wel eens als de tantes zachtjes begonnen te praten: ’Foi toch… o foi toch… Tegen ons meisjes kwam het niet verder als:’ Goed oppassen heur en op tied thuus.’ De enige keer dat er een poging in de richting van iets op seksueel gebied kwam, was toen we naar het dorp fietsten. Ik denk dat ik net ongesteld was geworden en mama vond het nodig om me te waarschuwen… voor wat? Ik kapte meteen af: ’Ik wette alles al’.
Wat ik me wel herinner van die gezellige verjaardagen met sigaretten en sigaartjes op tafel, werd uit de hoek van ome Jaap duidelijk dat hij een PvdA man was, maar nooit op een vervelende manier. En als we met het oor op de grond van onze slaapkamer eens meeluisterden naar de gesprekken was het oom Wim die het over ‘het aardse slijk’ had. Opa en opoe waren bij een stroming gegaan die de Zuid-Afrikaanse broeders werd genoemd en oom Wim en tante Janna vonden ook een groepering die thuisdiensten hield. Daar bleef het bij. Met zoveel boeren en boerinnen bij elkaar was er altijd gesprekstof genoeg. En ome Jaap, hoofdemployé bij de Post, en ome Sjoerd die een kleermakerij had waar we allemaal van geprofiteerd hebben, pasten zich naadloos aan En de tantes? Dat ging vaak over de kinderen en hun leven als huisvrouw en boerin.
Foto: Coba, Hermien en Janna
