Altijd was er genoeg te beleven aan het Schoolpad, dus ook genoeg te schrijven over de bedrijvigheid daar. Dat mis ik echt wel, maar ja mijn mobiliteit is ook niet meer je dat. Nu doe ik het met herinneringen. Ik heb net met Rick een stukje van Nederland zingt gekeken waarin Valerius prachtig uit de verf kwam en Wim met volle overtuiging zijn best deed.- 2017-
De jaren ervoor hadden we de pony’s Sara en Amber nog. Sara was intussen al verkocht. De pony’s zijn weg. Wim zal zelf weer moeten maaien.
Klement had zijn eigen drachtige Sara, tenminste zo noemden wij haar, meegenomen en meteen ook onze Amber. Die werd in een weitje gezet bij een klein hengstje. De tactiek was om wanneer dat hengstje belangstelling voor Amber ging tonen hij haar mee zou nemen naar de hengst die hij voor haar in gedachten had. Die liep bij zijn dochter in een wei. ‘En dan hol ik eur gewoon vaste an ’t touw. ’t Is bie ons altied nog goed egaon’. Volgens mij had Amber totaal geen zin in het hengstje dat twee jaar geleden hier een tijdje in de wei liep. Dus Klement heeft deze tactiek verzonnen. Ben benieuwd!
Het lam Geesje brak ook net weer door de draden die Wim zo mooi bedacht had voor het enige plekje waar ze misschien nog door kon. Als ze de fles ziet aankomen is er geen houden aan.
Ha… en Hendrik, onze haan was ook niet meer single. Rob, onze schapenman, bracht een paar leuke kippen voor hem mee, een witte en één met grijze veertjes tussen het wit. Het waren bescheiden kipjes. Ze vonden Hendrik nog niet alles. En ook Hendrik moest wennen. Ze waren intussen al een week bij elkaar in de ren, maar veel lol hadden ze nog niet.
-Wim had die winter de vogelhuisjes opgehangen, maar eentje was hij vergeten en die stond op zo’n oppottafeltje tegen de schutting. Ik kon vanuit mijn stoel steeds een koolmeesje op de deur van de schutting zien zitten en dan ineens met een boogje richting tafeltje vliegen. En warempel, voor het oog van ons, de hond en de katten werden er jonge vogeltjes gevoerd. Ik moet zeggen dat er niet gevlogen werd als er ook maar iemand in de buurt was. Ook Loeder had er nog geen lucht van gekregen maar ik had er toen een zwaar hoofd in dat deze kleintjes de katten zouden overleven want dat waren allebei lelijke rovers.
Ik kan je intussen vertellen dat er vanaf die keer elk jaar vogeltjes zijn uitgebroed in dat vogelhuisje en heb nooit gemerkt dat de katten er aandacht aan schonken. De meesjes hielden hen wel steeds argwanend in de gaten.
Foto: De koolmees kijkt nog even om voor alle zekerheid…
