Jut en Jul

Tijdens Wims behandeling en herstel van de Non Hodgkin, begin 2019, sliep hij ’s nachts in de voorkamer en ik in het kleine kamertje ernaast. En ook toen hadden we fleslammetjes. Eerst moesten ze altijd een paar dagen in het nest in de keuken. Wim zag toen het gemekker al voor zich….vooral ’s nachts….

Ik had er tegen op gezien, deze 6 maart vol herinneringen. Toch begon de overgang naar deze datum op een leuke manier. Rob kwam met een tweeling lammeren aan, zwakke moeder. En het nest stond al klaar.’

‘Je zult dit jaar wel geen schapen willen’, had Rob een tijdje daarvoor gemaild. ‘Je hebt andere dingen aan je hoofd, denk ik’. ‘Maar juist daarom zijn we deze zomer veel in en om het huis, Rob. Als we op de schommelbank bij de wei zitten willen we toch schapen zien!’. ‘Maar fleslammeren wil je nu zeker niet?’ ‘Natuurlijk wel Rob’

En zo kwam het dat Jut en Jul, zoals Rob ze noemde, hier die avond al in het nest naast de open haard zaten. De melk ging er grif in. Het enige probleem, vond Wim, was dat hij op drie meter afstand sliep. Daarom probeerde hij toch maar weer eens om zich bij mij in het door buurman Alle nog getimmerde bed te hijsen.

Maar Jut en Jul hielden zich gedeisd en halverwege de nacht verkaste Wim toch weer naar zijn eigen superbedje. De tweeling gedroeg zich perfect en bovendien stond vanmorgen onze tuinhulp voor de deur. Hij had voor morgen afgesproken maar had zich blijkbaar een dag vergist met het afspreken. Zo werd de tuin weer opgeknapt zodat we straks als het weer voorjaar wordt van een opgeruimde tuin kunnen genieten.