Kippengedoe

Het was dat voorjaar aan het Schoolpad een glorieuze tijd wat eieren betreft. We hadden 6 kippen en elke dag 5 eieren. Iedereen die aan kwam waaien kon wat meekrijgen. We moesten er soms wat moeite voor doen want onze kippen hadden de neiging om hun eieren op verstopplekjes te leggen. Maar uiteindelijk wees hun gekakel ons de weg en konden we de nieuwe leg plek ontdekken. Dan legden we gauw een kunst ei op het nieuwe nest en haalden elke dag het ei of de eieren weg. Zo kwam Jan Splinter door de winter.

Maar het tij was ineens gekeerd. Vier van de zes werden broeds en hoewel Wim ze steeds van het nest afjoeg had het weinig zin. Eens broeds, blijvend broeds en dat minstens drie weken lang. We hadden de natuur maar zo hun gang laten gaan. Eén kip zat verstopt achter de schutting op twee eieren. Drie zaten er boven op elkaar broeds te wezen en ik wist niet eens of er nog een ei onder zat.

De haan liep trots as een pauw rond met de andere twee. Die hadden  een nest gevonden in een plantenbak op het terras. Lekker makkelijk. Elke dag 1 eitje. Daar moesten we het mee doen.

Het was even afwachten hoe lang dit proces ging duren. Zes kippen en één haan en toch maar één ei per dag leek me wat armetierig toch? Ik ben vergeten hoe het afliep. Langzamerhand nam ook bij de kippen de natuur het van ons over: de buizerd, de vos en zelfs de steenmarters… Ons kippenhokje was er niet tegen bestand… opengebroken… Er was een tijd dat we er teveel hadden en dat buurman Jans ze kreeg voor ‘onder het dekseltje’ zoals hij het noemde. Maar wat hebben we al die jaren van onze kippen  genoten.