Intussen zoek ik naar nieuwe uitdagingen. Het herinneringsboekje voor Wim is al onderweg naar Meppen waar Doris het voor mij in ontvangst neemt en me waarschuwt als het binnen is. Van het ‘Fotoboek rond de Familie Eggink’ is ook een proefexemplaar gedrukt en wordt meegestuurd. Dat kan nog een keer gecorrigeerd of veranderd worden.
Toen ik het er met Gerhard over had, wat een nieuwe uitdaging kon zijn bedacht ik dat ik ook mijn eigen soort van biografie al wel heb. Alleen tja… is zo persoonlijk. Is ook niet interessant voor anderen. Maar als ik ook ineens zou omvallen net als Wim vinden de jongens het nooit weer terug op mijn pc. Ik heb het de titel Hobbels gegeven door alle bijzondere hoogte- en dieptepunten in mijn leven. Ik overlegde om die maar vast door te sturen naar beiden.
Ik kreeg meteen een reactie van Gerhard:’ Er was heel veel dat ik nog niet wist wat je daarin allemaal schreef’.
Ja zo is dat. Over mijn jeugd heb ik het nooit uitgebreid met de kinderen gehad. En dat is toch de basis van de rest van je leven. Ik vertelde wel eens wat maar als het gedrukt staat komt het toch meer binnen. . Hij vond wel dat ik aan het eind abrupt gestopt was. Dat was een stukje in dagboekvorm tijdens het herstel en de chemo- en immunotherapie van Wim en aanverwante belevenissen. Hoewel dat een heftige tijd was bleek het een intens beleefde en goede periode.
Toen ik vroeg wat Rick was opgevallen, zei hij: ’Ik heb het nog niet gelezen. Dat doe ik later pas als je er niet meer bent’. Tja… dat is helemaal Rick. Geen zorgen voor de tijd. Dat is voor later.
Ik heb er intussen een vervolg aan geschreven en is Hobbels up to date. Ik weet niet hoeveel tijd me nog gegeven is, maar heel spannend wordt het vast niet meer. Misschien moet ik nu iets bedenken of schilderen voor de cover.
