Niks menselijks is ze vreemd…

Al woonden we wat afgezonderd , er viel altijd wat te beleven met dieren om je heen. Onze haan, een prachtige donkere Barnevelder was een half jaar daarvoor gesneuveld, waarschijnlijk door een roofvogel of andere rover. Ik was in de veronderstelling dat er bij de kuikens van afgelopen augustus een paar haantjes zouden zijn, maar nee dus. Gerald had ze bekeken en kwam al snel tot de conclusie: allemaal hennetjes! Intussen hadden we die week een haan gekregen van Rob. ‘Ik heb er ook nog wel een paar dezelfde hennetjes bij’, zei hij. En die bracht hij gisteren mee. Intussen was ons haantje al geacclimatiseerd en de enige bruine kip, naast de donkere Barnevelders die we hadden, had hem al voor zichzelf uitgekozen. Toen dus die beide nieuwelingen bij in de ren kwamen was het hek van de dam. Madam de Bruine vond het niks dat die er bij kwamen. De haan bleek namelijk nog geïnteresseerd in de nieuwe want die kende hij nog. In de ren bleek de bruine een kwaaie, zo jaloers als het maar kan en joeg de nieuwelingen alle kanten op. Die middag ging de ren weer open na een anderhalve dag gewenning. Bruintje liep in het kielzog van de haan en die zorgde dat de witte indringers op afstand bleven. Toch zag ik de haan eventjes bij de witte de baas spelen… je weet wel… Tja, maar intussen was ik wel benieuwd wie straks de broek aan zou hebben, Bruintje of meneer de Haan.