’t Kon minder

Ik besef dat we gezegend zijn met de beide jongens in de buurt. En niet alleen omdat ze in Emmen wonen, ze staan altijd voor ons klaar als we het nodig hebben. Gisteren was Rick hier zoals vaak op zaterdagmiddag. Hij geeft adviezen, weet overal raad op en ziet in een oogopslag hoe het met je is. ‘Ik rij gewoon tussen de buien door’, gaf hij aan.
Vanmiddag kwam Gerhard even kijken of er iets te doen viel of alleen voor een luisterend oor. Hij ging zelfs even mee naar de lammeren.
Bovendien staan ook onze buren steeds voor ons klaar. Gelukkig redden we ons met de meeste gewone gang van zaken maar het is fijn om te weten dat er altijd mensen om ons heen zijn die we alleen maar even hoeven te bellen of te appen. Ons keuken boilertje gaf het op en een keuken zonder warm water is niks. Ja hoor, Gezienus komt.
Ratten gespot? Jans komt met de vangbak. Zware wekelijkse boodschappen? Frank rijdt even mee. Teveel hanen om het huis. Jans haalt ze op en meldt een paar dagen later: ’Ze hebben al een koud kontje’. Anja komt regelmatig even kijken en ook de telefoon is geduldig. Komen we aan bij de kerk? We zijn al gesignaleerd en komen ze al aan met de rolstoel.
Nee, we mogen niet mopperen of zoals de Drent zou zeggen: ‘t Kon minder’.