Weblog1

Het leven gaat door….

De eerste verjaardag van Mark na zijn overlijden- 2 februari 2018

Mark zou gisteren 48 geworden zijn als niet…als wel? Veel lieve sterktewensen gehad. Vriendin Susan kwam langs met een mooie paarse kaars en na ons wat trieste begin van de dag knapte die zienderogen op. Afleiding hè! Dat is een toverwoord. We planden bewust ons uitje naar de markt, aan de kibbelingen en daarna in de bibliotheek op zoek naar een boek van Tim Krabbé, Kathy’s dochter. De beschrijving had me nieuwsgierig gemaakt. Ook dat lukte zij het niet onder het kopje romantiek maar literatuur. Op de terugweg haalden we Wims nieuwe bril op, staat hem goed.

Dan komt het lastigste maar ook het mooiste van deze dag. Op de terugweg fietsen we langs het bos, hèt bos. We stappen van de fiets om op de stilteplek waar de as van Mark is uitgestrooid een groepje kleine narcisjes te planten. Ze zitten nog in knop.

En dan houden we elkaar een poosje heel stevig vast, beiden huilen we. Ik zeg tegen Wim: ’Mark wist het’. ‘Wat wist Mark?, vraagt hij. ‘Dat wij het redden samen, hij heeft het zelfs wel eens tegen me gezegd’

De honden staan beiden achter het hek op ons te wachten, altijd blij als je thuiskomt.

Die middag gaan we op verjaar bezoek. Onze oudste buurjongen, Frank, wordt al 15 en verheugt zich op zijn stage bij de supermarkt. ‘Ik mag alles doen’, zei hij pas tevreden, ’ook achter de kassa’

Als we naar huis gaan krijg ik een boeketje freesia’s van Anja: ’Ach… een troostboeketje’, zegt ze. ‘Het zijn nog wel onze bruidsbloemen’, zeg ik en Wim vult aan: ’En die ruiken zo lekker’. Dat wist ik….’, zegt Anja

Het leven gaat door, het wordt voorjaar.

Het leven gaat door…. Meer lezen »

De Oliver….. toen al een oudje.

Hier sta ik dan… meegenomen naar weer een nieuw huis en ik heb er al heel wat gezien.

Toch mooi dat ik altijd een speciaal plekje kreeg. Ik was al op een aardige leeftijd toen mijn nieuwe baasje in 1940 mij in gebruik nam werden er vooral rekeningen op getypet, rekeningen over hout dat in de zagerij werd verwerkt. Maar toch stond ik in een klein boerderijtje voor het werk dat in de avonduren gedaan werd. Ik hoorde alle geluiden die bij een jong gezin horen, kindergelach en gehuil, ik hoorde verhalen vertellen en meer. Op een spannende dag liep er een andere man langs me heen, stond even stil, keek naar mij en merkte op: ’Nou nou… dat is al een oudje!’ Dat was ik dus  al…. een oudje. Toen kwam er een dag dat ik niet meer gebruikt werd. Mijn baasje was er niet meer en ik ging een tijdje mee naar een andere plek. Daar werd ik flink gebruikt. Er werden veel brieven op mij getikt. Ja ik deed mijn best. ‘Jazeker, de typemachine van Hendrik Jan’, werd er dan gezegd. Het was fijn dat ik zoveel gebruikt werd. Maar na heel wat jaren vond mijn nieuwe baas dat hij toch beter schrijven kon met een pen. Dat getik begon blijkbaar lastig te worden. Opnieuw ging ik terug naar mijn oude gezin en… ik hoefde nu niet meer te werken maar kreeg een mooi plekje waar mensen die op bezoek kwamen ook graag naar keken. Dan werd er even stil gestaan en er werd over mijn leven verteld, over wat ik allemaal had beleefd. En ook nu ben ik al weer heel wat keren mee verhuisd samen met dat meisje uit dat kleine boerderijtje van toen en mag ik staan pronken. Ik hoef allang niet meer te werken maar nog steeds word ik gewaardeerd om wie ik ben.  

De Oliver….. toen al een oudje. Meer lezen »

De 12e januari

De 12e januari was het Wims verjaardag. Hij zou 86 geworden zijn. En vanzelf gaan mijn gedachten terug naar de verjaardagen zoals die vroeger gevierd werd toen iedereen er nog was. Rick kan nu heel beeldend vertellen hoe ze  er daarboven nog steeds bij zijn, maar toch… het was wel een andere dag dan Wims verjaardag zoals we toen gewend waren… of moet ik zeggen verwend waren want het was altijd een feestje. Even terug naar 2013…of toch 14.

‘Ik mag niet klagen’, antwoordde Wim op de vraag hoe het gaat. Meteen antwoordt broer Ben: ’As klagen heulp dan begun ik der gelieke mee’. De favoriete uitdrukking van moeder Siet.

Het was een drukte van belang. Wim had z’n feestje! De Vordense familie kwam eerst : Ben en Diny èn Johan en Joke en hebben we nog tijd om op ons gemak bij te praten. Daarna haalde Wim Henry en Tonny van de trein. Net als vorig jaar kunnen ze zijn verjaardag komen meevieren. Net op tijd want woensdag gaan ze weer vertrekken naar hun plek in Dickson in Canada, dichtbij Fred en Gera en hun gezin. Ben en Niesje kwamen vanuit hun weekendje uit met het gezinnetje van Paul Sietse in Aalden en meteen kregen we ook broer Piet aan de telefoon vanuit Frankrijk. Zo was de van der Kolkfamilie even compleet.

En dan komen ook onze kinderen. Robin heeft de verzorging van de gevulde eitjes weer op zich genomen en met deze bezetting barst ons huis bijna uit zijn voegen. Intussen is de Finse kota wat opgewarmd en trekken een aantal zich terug met een hapje en een drankje. Wim geniet van alle belangstelling. Tegen de avond legt Wim de laatste hand aan de nasi, z’n eigenste beroemde van der Kolknasi met de zelfgemaakte pindasaus. In onze Hengelotijd aten we dat altijd als er zondags visite kwam. Toen we een keer wat anders maakten was de teleurstelling bij pa groot. Hij had net tante Gerritje ingelicht over de overbekende nasi die ze zou krijgen bij ons. Die hebben we er dus lang in gehouden. Nu gaan we dus op herhaling. We maken er een soort lopend buffet van en ik kan je melden dat alles schoon op ging.

De avond wordt besloten in de kota met Henry en Tonny en Ben en Niesje. Even napraten. En als ze weg zijn weten we dat dit keer het afscheid niet voor heel lang zal zijn. Henry en Tonny komen terug, waarschijnlijk voor de winter en dit keer voorgoed. Tonny kan uiteindelijk slecht tegen de lange winters in Alberta. Zelfs hun labrador Tonca zal meekomen. ‘Brrrr’, zegt Henry, als ze weggaan. ‘Ik hou niet van deze kou’. Het is wel boven nul maar het is nat en mistig. Tja…. na de zon van vandaag kan het ook anders zijn. Nederland hè…!

De 12e januari Meer lezen »

Over een tochtje door de sneeuw en een paar jongedames

Al een paar dagen heb ik geen echt nieuws meer gemeld. Ik was wat stressig omdat eindelijk die bult- lipoom- weggehaald ging worden. Het was niet alleen die ziekhuisopname maar ook hoe kom ik er. Het weer helpt niet echt mee. Wanneer Gerhard vanuit de Rietlanden eerst mij van achterin de Torflang moet ophalen en dan naar het ziekenhuis brengen….. en later weer halen.. Die bult zat er al 25 jaar alleen is die nu twee keer zo dik geworden en begon pijn te doen. Het trok helemaal door van mijn hoofdhuid naar mijn nek. Dus nu was het zover. De chirurg die mij beoordeelde was dr. Amir, een arts redelijk op leeftijd. Ik had vertrouwen in hem. Ik heb weinig geslapen die nacht.

Nou ja, de tocht door de sneeuw aan de Torflang ging prima. Gerhard is de rust zelve. We haalden nog even aan dat de drie jongens indertijd samen met Wim een middagje een slipcursus gevolgd hadden bij ons tegenover.

Nou ja, ik werd in de watten gelegd zoals alleen verpleegsters dat kunnen en ik was klaar voor de ingreep die onder een roesje zou gebeuren. Ik werd zo comfortabel neergelegd. Kussentje hier, kussentje daar… je weet wel. En toen stonden ineens een paar jonge meiden voor me klaar met een brede glimlach. Zij gingen het klusje klaren. Ik heb drie kwartier heerlijk geslapen en mooi gedroomd. En het was zomaar gebeurd. Even wachten met zwemmen tot de hechtingen er over twee weken uitgehaald zijn, vertelde een van  de jongedames chirurgen die me geholpen hadden. Ik kon een half uurtje bijkomen en Gerhard werd gebeld. Tussen de middag was ik weer thuis, nog niet erg helder, maar opgelucht dat het gebeurd was. Vandaag ben ik het heertje weer.

Over een tochtje door de sneeuw en een paar jongedames Meer lezen »

Over grommen en pröttelen

Het genot van met pensioen zijn is dat je over het algemeen ’s morgens tijd hebt om je krantje te lezen. Wim maakte daar altijd uitgebreid gebruik van. Hij wilde de krant ook graag heel houden. Ken je dat? Ik was meestal wat sneller, las de koppen en alleen de dingen die mijn interesse hadden. Als ik hem eerst had lag er overal een stuk. Ik stond er gewoon nooit bij stil. Was Wim het eerst dan mocht ik een stuk van de krant en die ruilde ik om voor een volgend stuk. Dat werd door mij gewaardeerd en… zo bleef de krant heel.
Wanneer Mark vroeger tussen de middag snel de krant doornam zag ik aan het eind een stapeltje opgevouwen onderdelen. Ha!
Ik begon altijd met de column van Jan Wierenga in ons Nieuwsblad van het Noorden. Hij is de opvolger van Jaap Kwak die alleen al vanwege zijn naam opviel en me nieuwsgierig maakte. De laatste jaren is het Herman Sandman die afkomstig is uit het Groninger veengebied. Dat merk je aan zijn taalgebruik en de gewoonten van die streek.
Die morgen stond er ‘Grommen’ boven het stukje van Wierenga en was benieuwd wat dat met de inval van koning Winter te maken zou hebben, want die hadden we dat jaar ook. Aan het eind bleek dat grommen hier in het noorden betekent: licht sneeuwen. Nooit van gehoord.
Maar nu gromt het maar door….

De Achterhoekse spreukenkalender gaf de volgende spreuk:
Op straote is ’t net Onzen Leven Heer,
In huus ’n groten pröttelbeer.
Dat pröttel’n hoor ik opoe Bijenhof nog zeggen wanneer er gemopperd werd. En een pröttelbeer…. .. aan wie moet ik dan toch steeds denken?

Over grommen en pröttelen Meer lezen »

Buurman Jans

Doortje 32

We woonden nog niet zolang aan het Schoolpad, maar we hadden al snel goed contact met de buren. En als we weer eens bij Jans en Geesje aan de koffie zaten, dan kwam het: “Het is nergens zo mooi als hier”, placht Jans te zeggen als wij het er af en toe over hadden om er op uit te trekken. En daarbij wees hij dan met een breed gebaar over zijn landerijen en de pony’s. Vroeger had hij ook nog een koe, Doortje 32, een goedzak. Die hadden ze aangehouden toen ze met het melkvee stopten. Een gedeelte van hun land was opgekocht voor de industrie en Jans ging halve dagen buiten de deur werken. De hele familie profiteerde van de melk van Doortje 32. Wij ook. Het was zo’n gruwelijk makkelijke koe, pochte Jans. Hij zette ’s avonds om 6 uur de emmer er onder, ging koffie drinken en een kwartier later zat de emmer vol, zo hield hij vol. Ik had mijn bedenkingen. ‘Nou… geleuf -ie et niet? Zölle wij een wedje maken? Veur een slagroom taartje?‘ Daar was Jans gek op. Dat wou ik wel eens zien. De volgende dag was het zover. Wij tegen zessen met een slagroomstammetje naar de buren. En ja hoor Jans zette om klokslag  6 uur de emmer onder Doortje 32, de dichte  melkemmer van de melkmachine wel te verstaan. We gingen aan de koffie en inderdaad na een kwartier was de emmer vol. Toen was er taart bij het tweede kopje. Jammer, Doortje 32  kreeg telkens  melkziekte na de geboorte van een kalf. En Doortje ging en een andere koe kwam, maar die kon niet aan Doortje tippen en nu zijn de koeien allang verleden tijd bij Jans en Geesje. De pony’s zorgden daarna voor de afleiding.

Jans en Geesje

Ze waren op elkaar ingespeeld en iedereen  was er welkom. Bijna 30 jaar waren we buren. Ze stonden altijd voor ons klaar. Als het kippen- lees hanenbestand- weer te groot was geworden en ze  bij ons in de boom zaten in plaats van het hok, kwam Jans zo gauw het donker was met een grote jute zak om het overschot te vangen. Nee, ik hoefde geen eigen haantje en ze gingen mee voor ‘onder het dekseltje’ zoals Jans het noemde. Zelfs zijn tante Jantina lustte er graag een zoals ze vertelde.

De tractor

Wanneer we neef Wim op bezoek hadden met zijn hippe camper was het plekje bij de wei voor hen. Maar ja als het even flink geregend had zat die nogal vast in het drassige gras en ook dan was een telefoontje naar Jans voldoende en kwam hij met zijn tractor het geval even los trekken.

Jans en zien moe

Buurman Jans stond voor iedereen klaar en zeker voor zien moe. Bij verjaardagen kwam hij gewoon even met haar mee op de koffie. Hij heeft tot bijna haar eind voor haar klaar gestaan, dankzij de babyfoon kon hij bij ieder verdacht geluid even naar haar toe.

De kota

Toen wij een Finse kota aanschaften stond Jans weer klaar met de tractor om het grote bouwpakket naar ons toe te brengen. Verder was er meer hulp, alleen de klimpartij om de schoorsteen er op te zetten gebeurde natuurlijk ook weer door ons buurman Jans

Jans en zien Spartametjen

Buurman Jans ging met pensioen! Hij had nog wel z’n akkerbouwbedrijf maar z’n werk bij de Lange om gasflessen rond te brengen was afgelopen. Lang zagen we hem tussen de middag voorbij komen over de Bargerweg op zijn Spartametje. Dan ging de arm altijd even omhoog als groet. Denk maar niet dat hij zich daarna verveelde. Toen ik die middag even langs kwam om z’n moeder een bezoekje te brengen Jans was volop bezig in zijn hobbyruimte, ook wel het stookhok genoemd. Het kacheltje brandde lekker. Hij was bezig om de echte originele berkenbessems te vervaardigen, zoals hij dat nog kon. Er lag al een heel stapeltje. Wim had er al eens één proberen te maken, maar toen Jans dat ding zag, schudde hij zijn hoofd, afgekeurd dus .
‘Wat gao’ j der mee doen, Jans’, vroeg ik hem. ‘Ja, ik mot nog zien da’k ze kwiet wodt’, zei hij toen.
‘Zal ik ze es veur oe op Marktplaats zetten?’, stelde ik voor. Dat leek hem een goed idee. Ik kreeg meteen een hele serie prachtige nestkastjes en voederhuisjes in het oog. Die man heeft gouden handjes. Vooral een voederhuisje met een stukje plexi glas trok mijn aandacht. Daar kun je een voorraadje vogelzaad indoen en het zakt vanzelf naar onderen als de vogeltjes ervan snoepen. ‘Zal ik die der ok maor bie’j opzetten, op Marktplaats?’ ‘Dat mag wel’, zei Jans. En dat betekent hier in Drenthe: heel graag.

Beste Jans, wat had ik je graag nog langer als buurman willen hebben. Dank voor wie je voor ons was

Buurman Jans Meer lezen »

De slinger van Foucault

Wat jaren geleden waren we in Veere. Wanneer we terugkwamen vanuit België was het aantrekkelijk om ook even Walcheren aan te doen met de caravan. Bovendien woont neef Wim, -je weet wel van die hippe camper- in Vlissingen. Nu we toch ook Veere bezochten daagde die enorme hoge Grote Kerk van Veere ons uit om even binnen te kijken. Het eerste wat we zagen bij binnenkomst was een bewegend voorwerp, 35 kg, aan een 24 m. lang touw dat in 5 seconden heen en weer ging zonder dat het aangedreven werd. Het bleek de slinger van Foucault, die aantoont dat de aarde roteert. Deze was speciaal ontworpen voor de Grote Kerk van Veere door beeldend kunstenaar Kees Wijker.
Even dacht ik aan het Perpetuum Mobile, de eeuwige beweger, maar deze slinger hier wordt toch elke twee uur weer in gang gebracht.
Ooit dacht opa Eggink ook een perpetuum mobile te hebben gemaakt. Ik heb het van horen zeggen en heb het instrument nooit gezien. Misschien weet neef Joop er meer van, die woonde in zijn jonge jaren immers op ‘TOP’, dichtbij ‘de Boskamp’. Tot opa’s verdriet stopte de eeuwige beweger er na een jaar toch mee.
Maar toch…. een jaar lang bleef het bewegen!

De slinger van Foucault Meer lezen »

Winter

Het is binnenkort weer vogelteldag. Ik deed er altijd graag aan mee. Soms zagen we binnen een half uur wel 25 verschillende vogels aan het Schoolpad. Ik had daarvoor natuurlijk de voerplekken steeds goed voorzien van lekkers. Aan de kant van de vijver waren er heel andere, vooral kleinere soorten dan achter. Daar waren de kraaien, eksters, kieviten en de grotere roofvogels. Hoewel wanneer het even rustig was kwamen de kleinere soorten ook aan bod. Er waren veel beschutte plekken.

Hier is de vogelpopulatie beperkt en heb al een soort vriendschap gesloten met een dikke zwarte kraai. Met een handige pik kan hij toch bij de pindakaaspot. Nu heb ik achter ons huis aan de Torflang de tafel nog staan zoals met kerst. Alleen heb ik de lampjes uit het dennetje gehaald. Ik had er voer bij gestrooid voor de vogels. Maar hier durven ze blijkbaar niet aan te zitten, ook de mussen niet die wel in groten getale hun heil zoeken boven de bak waar het zonnescherm in zit. Dat brengt nogal troep, lees vogelpoepjes, met zich mee. Kan het elke dag wel aanvegen.

Nu zijn er toch twee koolmeesjes die zich af en toe op die beschutte tafel wagen.. Daar zit ik nu veel naar te kijken want de deur ben ik al twee dagen niet uit geweest vanwege de ijzel. Storm zit me verbaasd aan te kijken als ik niet meega naar buiten. Morgen heb ik wat op te ruimen als tenminste de ijzel weg is. Ook zout strooien helpt niet genoeg op de tegels. Nou ja, zolang het dit weer blijft hou ik de kersttafel nog in gebruik

Winter Meer lezen »

Barry en Moniek op pelgrimage

Na een kort woordje van Aly en een mooi lied was het zover…

En daar was ie dan. Barry Gepken kwam onze Hedera avond vullen met enthousiaste verhalen over zijn pelgrimstochten samen met vriendin Moniek en bordercollie Maurice. Ooit was hij als jonge knul aangestoken door de verhalen van Frans Muter die in zijn jonge jaren ook een tocht naar Rome afgelegd had. Het liet hem niet los, zijn vrijheidsgevoel deed de rest. En zo begon het in het heilig jaar van de St Pieter 2018 voor hen. Barry vertelde met verve over hun voorbereiding: rugzak, goede schoenen, regenkleding, tentje en de rest. Hun weg naar Rome die begon met de inzegening in de kerk in Bargeroosterveld deden ze met omwegen, ze legden de afstand naar Rome in 2700 km af, veel langer dan gewoon rechttoe rechtaan, want zo zei hij: Der Weg ist dat Ziel.

Eenmaal de grubbe over ging het in Duitsland eerst naar de Hermanshöhe, Winterberg usw. Bijzonder was het dat ze het boekje met stempels van Frans Muter niet voor niets bij zich hadden. Zo wonderlijk kan het zijn. En door naar Zwitserland en Italië

Ze ontmoetten onderweg een dochter van een vriend van Frans Muter, die daar 68 jaar ervoor was geweest op zijn pelgrimage. En de familie kwam daarop gewoon die kant op, heel bijzonder. Ment to be, noemde Barry het. Was zo bedoeld. Terwijl ze overal onderweg zomaar overnachtingsplekken kregen was het in Assisi minder gastvrij voor een pelgrim, de plek waar Franciscus van Assisi vandaan kwam. Toch mooie ontmoetingen, mooie gesprekken.

De onrust bleef bij Barry. Nu kwam het nieuwe plan: Op naar Jeruzalem. Nog verder. Hier waren er meer tegenslagen, hond Maurice werd ziek, Moniek werd ziek en moest  een tussenstop maken terug in Nederland waar ze een herniaoperatie nodig had. Moniek voegde zich later in Kroatië weer bij hem. Ze maakten kennis met een berengebied daar, maar ook een gastvrije pastoor en dito nonnetjes. Opnieuw tegenslag door dat Maurice ziek werd en Moniek opnieuw met hem naar Nederland terugging waar hij helaas overleed. Daarna trokken ze verder door Montenegro, Albanië, waar moeder Theresa vandaan kwam, en verder door Griekenland, het manneneiland Mount Athos met zijn serene sfeer, Rhodos, Patmos en Cyprus deden ze aan en overal werden ze bijzonder gastvrij ontvangen.

Uiteindelijk bereikten ze Israël waar ze geregeld in kibboetsen verbleven. Ze volgden de Gospeltrail, waren met Oud en Nieuw in Nazareth en gingen via het meer van Galilea de grens naar Jordanië over. Dat bleek een gevaarlijk onderdeel en via de grens langs de Dode Zee met de grijze modder ging het naar Jericho en Bethlehem naar de Geboortekerk. Natuurlijk bezochten ze de Tempelberg en de Klaagmuur. Dit waren voor een aantal van onze groep bekende plekken. Natuurlijk probeerde Barry op bijzondere plekken een klein hunebedje neer te leggen van meegebrachte Drentse keitjes.

Of hij nu klaar is met zijn reizen als Pelgrim? Nee hoor. In mei gaat hij naar Fatima, een plek midden in Portugal waar Maria vereerd wordt, maar dit keer alleen.  Barry werd heel hartelijk bedankt met applaus en een envelop.

Heel toepasselijk zongen we voor deze mooie lezing en ook erna een mooi lied dat over reizen ging.

Het was opnieuw een waardevolle avond met Barry Gepken, de man die ik als 13 jarige jongen Nederlands mocht geven op de  R.k LTS De Zuidoosthoek.

Barry en Moniek op pelgrimage Meer lezen »

Wonen

Het is nu een herinnering geworden….

Ik hou van onze krant op zaterdag, lekker dik en… die keer met een apart gedeelte over Wonen. Er staan wat huizen te koop, maar toen was er geen in Emmen bij. Wat er een paar jaar geleden wèl was? Een pagina over het Huis van je Hart. Eens vertelde een jonge vrouw uit Emmen dat ze hun huis in één middag gekocht had met haar man met de twee rechterhanden. Alles zag er daarna strak en modern uit, minimalistisch heet dat tegenwoordig. Zo was er al eens een huis met een verzameling uit grootmoeders tijd. Een hele tegenstelling! Maar als je je daar nou lekker bij voelt? Iedere keer als ik die bladzijde weer zag op zaterdag dacht ik: en ons droomhuis dan?

Meer dan 30 jaar geleden stond ons huis aan het Schoolpad in de krant, maar omdat Wim het ‘op de borstrok’ had waren we niet verder gekomen. Hij moest zelfs zo erg hoesten dat zijn ribben hierdoor kneusden. En toen we even gingen zoeken konden we het niet eens vinden. Wij deden net als iedereen… Schoolpad op, de snelweg oversteken en doorrijden. Je hebt zo gauw niet in de gaten dat het dan ineens Bargerweg heet en dat het Schoolpad verder linksaf gaat. Daar bleef het dus bij.

Toen hetzelfde huis in februari weer in de krant te koop werd gemeld reden we er wel langs èn gingen we echt kijken. Meteen toen ik het huis zag was ik al verkocht. Toen we binnenkwamen net zo. Het uitzicht was geweldig. Ik voelde me thuiskomen. Boven werd het wat krapper, twee slaapkamers in de punt. Een middeleeuws deurtje bracht je bij de ouderslaapkamer die toen alleen een klein raampje had aan de voorkant. De andere slaapkamer was wel licht door een dakraam.

Maar die ruimte om huis. Het was meer een groot erf met daarachter een paar weilanden, een Drentse kapschuur en een gewone schuur met een klein appartementje. Ik zag meteen Rick er al wonen…. en schapen in de wei…

En zo is het gekomen!

Ik had ons droomhuisje als ‘Huis van het Hart’ ook kunnen aanmelden….

Die week kregen we onverwacht bezoek van een mede-volleyballer van E en O. Het was intussen meer dan 20 jaar geleden dat Wim daar volleybalde. Deze man vertelde dat hij dit huis ook in de krant had zien staan maar dat ze deze plek net als wij niet konden vinden. ‘Anders hadden wij het gekocht’, zei hij. Ze kozen toen voor een huis in het Haantje, ook lekker buitenaf.

Foto: Ja, en in alle jaargetijden … mooi!

Wonen Meer lezen »