hetty

Over sneeuw…

Hoe komt het toch dat  hier in Nederland alles meteen in de soep loopt als we dit weer hebben. We hadden vroeger toch wel vaker een flink pak sneeuw? Alleen waren er nog niet zoveel auto’s. Wanneer het flink had gesneeuwd  gingen we lopend naar school, de 4,5 km vanuit onze buurtschap Linde naar Vorden, die weg die we anders fietsten. Was ook nog gezellig om samen met buurtgenootjes te lopen. Ik herinner me dat we in zo’n geval net de namen van de plaatsen in Gelderland moesten leren, zal de 3e of 4e klas geweest zijn. En zo dreunden we samen, Berdy en ik, de namen van de plaatsen in Gelderland op, bij iedere stap één: Arnhem Velp Dieren Brummen Apeldoorn het Loo Hattem Elburg Harderwijk  Nijkerk Barneveld Ede Wageningen. Dan kwamen: Zutphen Vorden Lochem Ruurlo Borculo Neede Eibergen Groenlo Winterswijk. Aalten Doetinchem Doesburg Zevenaar ’s Heerenberg . Tenslotte: Lobith Pannerden Elst Tiel Kuilenburg (nu Culemborch) Geldermalsen  Zaltbommel Druten Neerbosch Nijmegen. Dat riedeltje zit nog steeds in mijn geheugen. Die van de andere provincies zitten er minder vast in, maar zo hoorde dit vroeger nog bij onze aardrijkskunde les. Natuurlijk kwamen dan te laat op school, ook al omdat we onderweg in Vorden aangekomen even bij bakker Schurink om krummels konden vragen en bij de slager om stukjes worst. En eenmaal op school werden we gewoon met open armen ontvangen omdat we er waren. Of het druk was onderweg? Nee… geen auto gezien. Een favoriet spelletje later was het opschrijven van plaatsnamen met een bepaalde  beginletter. Ik weet nog dat veel later moeder Siet er erg goed in was. Ik denk dat je hier de kinderen of tieners van nu niet mee aan moet komen. Die zoeken toch alles op, zelfs met AI Dat ik me die sneeuwwinters nog zo voor de geest kan halen zegt ook wat van mijn leeftijd natuurlijk. Toen ik later na een weekend thuis weer naar Hattem moest had het die nacht ook flink gesneeuwd en kon ik er niet door met de fiets of auto. Er moest eerst sneeuw geruimd tot aan de weg. Daarvoor had pa een soort zelf getimmerd driehoekig soort slee gemaakt. Daar ging Jonita of later Udoorntje voor en zo werd die weg in elk geval weer begaanbaar.

‘Ie wet wel.. van ’t Helderboom’, zo vertelde Henk Braakhekke me bij deze foto.. ‘Die mensen hadd’n zelf gien kinder, maor as t-r snee lag ging e wel met ’t peerd en de slee een pad maken dat de kinder uut de buurte naor schole kon’n’. Henk Braakhekke weet meer dan ik wat betreft de namen uit Linde.
Dit is net zo’n sleetje als vader Hein had. Die deed het net zo. Het was een zelf getimmerde houten slee die bestond uit een soort driehoek. Als je er zelf op zat was het zwaar genoeg om een pad te maken door de sneeuwbulten die vaak door de jachtsneeuw veroorzaakt werden.

Over sneeuw… Meer lezen »

Het Rijndal

Onze eerste vakantie in Badenhard 1972 was een openbaring. De Rijnstreek en het uitzicht op de Rijn is prachtig. We bivakkeerden in de tot vakantiehuisje omgebouwde jachthut van de fam. Laborenz, een inspecteur bij de TUV. Wim had veel met hem te maken bij Stork. Hij bood ons deze gelegenheid omdat Wim voldoende techniek in huis had om de gaslampen en de generator aan de praat te houden om aan het eind van je verblijf te kunnen stofzuigen. De enige voorziening in de hut was de waterleiding. We douchten beneden in het toilet of zelfs buiten terwijl het waswater gewoon van de berg afliep. Er in deze streek boven het Rijndal volop wijnbouw en hier zitten we tussen de druivenvelden. Je ziet het: Rick neemt de foto. We zouden hier nog vaak terugkomen. Wim heeft hier nog z’n ‘kale billen gezicht’ zoals Rick het wel eens noemde. Dat zou het blijven tot de zomer van 1978. Tijdens onze vakantie in Auvergne, samen met Dick en Anda en hun jongens, liet Wim z’n baard groeien. Dat was de directeur van Stork een doorn in het oog. ‘Dat ding gaat er af’, sprak hij. Nou ja… zoiets moest je natuurlijk nooit tegen Wim zeggen. Hij heeft de rest van zijn leven al veel lengtes geprobeerd maar het bescheiden baardje van de laatste jaren beviel hem toch het beste.

Het Rijndal Meer lezen »

Loeder

 Loeder, de ondoorgrondelijke. Uiteindelijk was zij lang de baas in huis èn tuin. Ze maakte duidelijk wanneer ze naar binnen wilde of toch liever naar buiten. Ze besliste zelf waar ze wilde liggen of zitten. Buiten was het vogelhuisje haar uitverkoren plekje. Zo had de grande dame een goed overzicht op alles wat zich op het erf afspeelde. Wanneer we een paar dagen weggeweest waren zat ze ons op te wachten met een verontwaardigde blik in de ogen en met de staart trots omhoog liep ze mee en was het eerst binnen van allemaal en ontdooide pas wanneer we haar bakje met haar favoriete voer hadden gevuld. Ze had een bijzondere schoonheid en daardoor dachten sommige kattenliefhebbers dat ze wel een aanhalig typje zou zijn. Maar daar kwam je snel achter als je haar oppakte. Het was meteen duidelijk dat ze dat geen voorrecht vond.

Kijk haar hier zitten, die Loeder van ons. Die maandagmiddag zaten we te kijken van de nieuwste capriolen van onze kat op leeftijd. Ze klom wijdbeens omhoog en nestelde zich op het vogelhuisje, daarna op het voederkastje om even later met haar pootje pindakaas uit de hangende pot voor de vogels te snoepen.
Deze kat was ons gewoon de baas. Ze zeggen wel eens: een hond heeft een baas, maar een kat heeft personeel. Helemaal waar. Als ze je aankeek ging je al voor de bijl.

Alleen Daan liet haar in haar waarde. Hij praatte tegen haar, aaide haar voorzichtig maar probeerde nooit om haar op te pakken. Je zag dat die twee elkaar volledig begrepen. Daan heeft iets bijzonders met poezen. Er was altijd wel iets over Pookie, Karel of Boyd te vertellen. Ik noemde hem al de kattenfluisteraar in navolging van Cesar die alles van honden begrijpt of de paardenfluisteraar die dat met paarden heeft. Loeder mocht oud worden aan het Schoolpad net als haar moeder Suze. En warempel nam ze de plek in huis van haar over nadat Suze overleed, maar een knuffelpoes is ze nooit geworden.

Loeder Meer lezen »

Een witte wereld

’t Is vandaag de witte wereld,

veld en bos en boom ehen tak.

Alles ligt nu weggedoken,

in het witte winterpak.

Ik alleen loop blauw en bont

van de koude hier in ’t rond

op de wit besneeuwde grond…

op de wit be he sneeuwde grond, zo zong opoe Bijenhof me op de Haar al voor. En zoals je ziet is dat stevig blijven hangen.

Ook nu ik uit het raam kijk wil ik het zomaar weer gaan zingen zoals ik het voor mijn schoolklas deed en later voor onze jongens. Ik herinner me nog dat Rick het geen leuk liedje leek te vinden, vooral die regel met blauw en bont van de koude.

Ach… het zijn allemaal herinneringen, maar als je zoals ik hier in het noordelijk deel van Nederland woont en naar buiten kijkt, komen deze herinneringen vanzelf terug. Wim had die keer in 2015 de eerste laag sneeuw al weggeveegd, maar er lag al weer een nieuwe. Toch echt winter…. eindelijk.

Net als nu….. Alleen… laat ik het hier aan de Torflang achter lekker liggen en voor alleen een smal paadje naar de weg. De rest deed de buurt net als ook het maken van de sneeuwpoppen door Eline, haar moeder Sanne en ik vermoed ook nog opa Luuk.

Een witte wereld Meer lezen »

Een verkreukeld stukje papier

Toen Wim zelf de Schipholfoto nog eens goed bekeek, hij gebruikte zelfs het plusje om te vergroten, kwamen er zomaar allerlei herinneringen boven. “O kiek… Gaitie van Eikenhorst.. oo en dat mut Trijnie Roetman wezen. En dat was – ik zal geen namen noemen- zien moe kwam bie-j ons an de deure veur dee 25 gulden.” Dat vergeet Wim van z’n leven niet.
In de tijd dat vader Gerard al ziek was had moeder Siet het niet breed met hun vier jongens. En laat Wim nou op een dag een verkreukeld stukje papier zien liggen. Hij schopt er eerst tegen aan, maar hij is nieuwsgierig en wanneer hij het opraapt blijkt het 25 gulden te zijn. Helemaal over de rooie laat hij het moeder zien. Die stuurt hem meteen door naar het politiebureau om aangifte te doen. “En niks afgeven heur”, krijgt hij als waarschuwing mee. Het is nl. zo dat wanneer een jaar lang niemand dat geld komt opeisen… dan mag je het houden.
Een paar dagen later laat Wim zich in de klas ontvallen dat hij zomaar 25 gulden gevonden heeft en dat hij dat opgegeven heeft bij het politiebureau.
Laat nu meteen de volgende dag de moeder van die jongen bij moeder Siet aan de deur komen: “Ik kom effen dee viefentwintig gulden ophaal’n die jullie Wim evunnen hef”. Maar moeder Siet is niet van gisteren en vraagt :”Wanneer denk ie-j da’j ‘m verleuren bunt?”
“Oo… gistermiddag…. dat wet ik zeker.” “Dan kan et dissen niet wean”, zei moeder gevat, “want Wim hef ‘em eergisteren al evunnen.”
De 25 gulden is een jaar lang goed bewaard en daarna was t-ie van hun.

Foto: Wim rechts vooraan

Een verkreukeld stukje papier Meer lezen »

2025-2026

Hoe mijn jaarwisseling was? Ik moet nog steeds wennen aan de veranderde omstandigheden. Natuurlijk mis ik Wim, dat mag duidelijk zijn, maar verder was mijn dag goed gevuld. De Timmertjes kwamen zoals gewoonlijk helpen met het bakken van de appelbeignets. Ik was al een eind op streek en ze konden al bijna aan schuiven voor de eerste appelflap. En nu was ook Franks vriendin Indy van de partij. Ach zij missen de gezelligheid van Wim ook rond dat gebeuren. Hij werd door Daan al de opperappelflapproever genoemd.

Ik had er al een paar apart gelegd voor buurman Luuk, maar die kwam zelf al met een trommel vol oliebollen, zelfs een met ananas. Ik kon nog even met de beentjes omhoog voor Gerhard en Rick er waren en hadden we weer een gezellig proefuurtje. Rick bleef bij mij het oudjaar uitzitten, samen voor de tv. We proostten samen op 2026 en hopen op een goed jaar voor ons allemaal.

2025-2026 Meer lezen »

Over goeie bazen en rooie ganzen…

Ben was aan z’n laatste werkzame jaar begonnen bij zijn baas, maar het laatste voorstel om er eerder uit te gaan stond hem niet echt aan. De ene dag vertel je dat je een nieuwe heup nodig hebt. De volgende dag komen ze met een voorstel om er per 1 augustus uit te kunnen, maar dit voorstel leek nergens op. Het stond hem niet echt aan. Hij moest teveel inleveren. En dat na 43 jaar trouwe dienst. “D’r bunt net zo veule goeie bazen as rooie ganzen”, zuchtte Ben. Wanneer Ben en Niesje er waren was er altijd iets van vroeger in de gesprekken.

Moeder van der Kolk was vaak onderweg. Soms om koffie en thee te verkopen op haar vaste adressen, om kranten te bezorgen of naar de kerk waarvan ze kosteres was. Dat beroep werd niet erg gewaardeerd. Ze verdiende er weinig aan. “Ie-j mag blie-j wean da-j in Gods huis mag werken”, kreeg ze eens te horen. “Brek mien de bek niet lös”, zei Ben toen dit ter sprake kwam. Soms was er zelfs iemand die onder de mat van de kerk keek of er wel goed stof gezogen was. De jongens werden vaak ingeschakeld voor de kranten, om koffie naar de kerkenraadsvergaderingen te brengen of de psalmborden in orde te maken. Wim heeft ’s winters heel wat sneeuw geveegd voor het begin van een kerkdienst.

Moeder had eens in een gesprekje met de vrouw van Gait Witkak gezegd: ”Ik bun zo druk, bidden doe ik vaak op de fietse”. Weer wat nieuws: “Hoezo Gait Witkak?” “Nou gewoon umdat e zon ieuwig bleek gezichte hef”, wist Ben. Zo kom je in Hattem aan een bijnaam. Je hoeft er helemaal niks voor te doen. De mooie dochter van de ijsboer werd Lammie met de moccabenen. Om de Mulders uit elkaar te houden werd de ene de Zoere en de andere de Taoie genoemd.

De groentezaak van Pik kwam ook weer eens langs. Heel beeldend omschreef Ben hoe de jonge katjes daar over de kisten met prei, sla en wortels raceten. ’s Avonds werd het paard dwars door de groentewinkel naar de zich in het achterhuis bevindende stal gebracht. Dat waren nog eens tijden. Op een keer onweerde het flink net toen Pik met z’n groentekar met paard er voor bij z’n winkel aankwam. Het ging zo te keer dat hij maar even naar binnen ging om te schuilen en z’n paard en groentekar buiten liet staan. Er kwam op een gegeven moment zo’n harde klap dat een stuk van de pui van zo’n oud huis naar buiten omviel boven op de tomaten en sla van Pik. “Hij kon verder met tomatenpuree”, besloot Wim toen. Hangjongeren waren er toen ook al. Deze Pik ging zondags met z’n kar met paard naar camping de Leemkule om fruit en snoep te verkopen en bond daarbij het paard aan een boom een eindje verderop. Zo kon hij nog een centje bijverdienen. Wat opgeschoten jongens kwamen op een idee: ”Hee Pik… oew peerd löp lös!” Pik er op af natuurlijk en intussen deden de jongens een graai naar de snoep. En… weg was de winst van zo’n dag. Vertel me nu niet dat vroeger alles beter was.

Waarom ik dit verhaal weer opduikel? Al meer dan 25 jaar komt de bromfietsclub op zondag bij elkaar op de Leemkule en ze vroegen mij of ik nog een foto ergens had van groenteboer Pik. Maar nee… in die tijd in Hattem—1963-65 maakte ik nog niet zoveel foto’s. Maar wie er wel een heeft mag zich melden dan stuur ik het weer door naar Henk van Ogtrop van de bromfietsclub.

Foto: Hattem. Links de Achterstraat en rechts de Kerkstraat. Aan het eind van die Kerkstraat was de groentewinkel van Pik.

Over goeie bazen en rooie ganzen… Meer lezen »

Tijden….

Wat is er allemaal al niet veranderd de afgelopen jaren. Toen we in 1984 in Emmen kwamen wonen hadden we nog nooit van een computer gehoord. Ik kan me herinneren dat we een jaar later een soort spelletje kregen, tetrix meen ik, dat je op de tv kon spelen. Daarna ging het snel.

Tegen 1990 begon op school het spektakel van cursussen om je de computertaal eigen te maken. Collega Glenn deed z’n uiterste best om ons bij te brengen hoe je een oefening voor de leerlingen zelf kon maken. Het heeft me heel wat moeite gekost om alleen al de schoolse cijfers ingevuld te krijgen toen dat eenmaal verplicht werd. Zweten meneertje! En net als ik dacht het voor elkaar te hebben was er altijd weer een kink in de kabel en ging ik ten einde raad naar Wim Veenker die mijn hulp en toeverlaat was op pc gebied. Toen ik eenmaal thuis kwam vanwege de FPU en niets meer hoefde begon ik te schrijven en ja…ook Messenger was een aardige optie, vond ik. Maar voordat het werkte bij mij…. Ik had nooit typ les gehad en als ik een berichtje wilde sturen onder mijn schuilnaam Elsje had Gerhard meteen door dat Elsje zijn eigenste moeder moest zijn, te oordelen naar het tempo. Ik ben zover geweest om het hele ding het raam uit te smijten. Maar ja… die pc heeft genoeg gekost, je laat het wel. Intussen heb ik genoeg geoefend en kan niemand me meer herkennen aan mijn snelheid of het moet zijn met de what’s app, want mijn vingers zijn wat dik voor mijn mobieltje.

Dit jaar was ik ook benieuwd naar de kerstkaarten die verstuurd zouden worden. Tegenwoordig worden er vooral veel digitale kerstwensen verstuurd.

Ikzelf heb de meeste nog gewoon gestuurd en was verbaasd om te zien dat we nog zoveel moois binnen kregen. De echte computerfanaten èn de jongeren versturen hun beste wensen inderdaad op de pc. Het wordt dus een aflopende zaak met kaarten sturen, meer voor de ouwelui! Je zult het zien en beleven, over 5 jaar is het gebeurd met de pret. Of…. zouden er net als ik toch nog meer zijn die het leuk vinden om een kaart vast te kunnen houden en te bewonderen die speciaal voor jou is uitgezocht?

Nu aan de Torflang nog steeds een heel stel kaarten, maar ik mis wel de grote houten boog om ze aan op te hangen.

Tijden…. Meer lezen »

Toen…

Af en toe komen er bij het zien van een oude foto heel wat herinneringen boven.

Hier op de bank werd zó gelogen…
Deze plank is er van kromgebogen,

staat er op de bank die ik Wim cadeau gaf voor z’n 57e verjaardag. Hij was gemaakt door de vader van onze hovenier Bernd Schulte, wiens hobby dit was. Er is jammer genoeg niet veel meer van over. Alleen de plank waar de tekst op staat was er nog toen we naar de Torflang verhuisden en is meegegaan met Alle voor je weet maar nooit. Die maakt van oude dingen nieuwe. 

Op deze foto is te zien dat Wim z’n laatste volleybalwedstrijd heeft gespeeld. Hij kwam ongelukkig terecht met als gevolg uitgerekte enkelbanden en zes weken gips. Z’n voet stond er dwars onder en is met veel moeite weer op z’n plek gebracht. Het is voorjaar 1997, de tijd van ons eerste nestje pups van Kim en Scott. Rechtsonder is er nog één te zien, ik denk Senna, vlakbij de tas waarin we ze meenamen naar de wei. Ze liepen nog niet erg. Kim ligt achter de bank een ander stel pups te zogen en Scott loopt op de voorgrond. Hilda was regelmatig bij ons aan het Schoolpad en Rick woonde toen zelfs nog bij ons in de studio in de schuur.

Toen… Meer lezen »

Vrienden voor altijd.

Het is lang geleden dat Anda bij mij voor de deur stond met de woorden: “Heb je misschien nog een stukje behang over?” Het was nog aan de Jan Voermanstraat in Hengelo waar Wim net een paar maanden bij de fa Stork werkzaam was. Dick, mijn vroegere buurjongen, en Anda waren vlak achter ons komen wonen in een hoge torenflat. We hebben een mooie tijd gehad. We kregen twee dagen na elkaar een zoon. Bij hen Ernst en bij ons Mark. Samen met de kinderwagens naar het hertenkamp vlakbij was een uitje voor ons. We deelden vanaf die tijd lief en leed.
Zij kozen dat eerste jaar voor kamperen met een tent ergens in de buurt van Hardenberg. Het was met Ernst  geen groot succes, vertelden ze daarna. Ieder middag gingen ze met de auto een eindje rijden omdat Ernst anders niet in slaap kwam.
Later gingen we achter elkaar aan en soms een nachtje gelijktijdig naar Badenhard in de Hunsrück, naar de verbouwde jachthut van de familie Laborenz. Maar we wilden ook wel eens samen met hen en alle jongens op vakantie. Dick en Anda hadden er intussen ook Stefan bij.  Dus gingen we naar de Harz, daarna het Zwarte Woud, Auvergne, Ventemiglia en Peschiera aan het Gardameer. Wanneer je onze jongens vraagt wat hun leukste vakantie was blijft Ventemiglia met stip aan de top. Ik had het na Peschiera niet zo erg met die hitte en de jaren daarop gingen wij de bergen in en zij hadden Italië als favoriet. Maar steeds werden er huisjes gehuurd.
Later kregen ze zelfs hun eigen onderkomen in Les Issambres met uitzicht op de Middellandse Zee. We hebben een aantal keren bij hen gelogeerd. Mark en Jennifer gingen er zelfs in juli eens een paar weken naar toe.
En toch…….. die eerste tent hè. Hun huwelijksreis was met zo’n klein tentje heb ik me laten vertellen. En ineens hadden ze toch weer een tent. Ze gingen toen vanuit hun vakantiestulpje telkens een paar dagen kamperen. Matjes gekocht en slaapzakken, een brandertje en pannetjes. De eerste berichten vanuit Toscane waren positief en er zouden nog meer van deze tussenuitstapjes volgen.

Waarom ik deze herinneringen ophaal? Ik ga binnenkort vanuit Eefde op de terugweg naar huis ook bij Dick in Apeldoorn aan om bij te praten, herinneringen op te halen en elkaar een goed 2026 te wensen. Anda overleed helaas al 11 jaar geleden en Wim nu 2 jaar terug, maar de onderlinge band die we toen al hadden zal blijven.

Vrienden voor altijd. Meer lezen »