26-4–2016–We hebben de eerste verrassing van de dag al te pakken. Dit keer nog geen nieuwe lammeren al kan ik ze bij de laatste grijze ooi er wel uit kijken.
Nee, we hebben net ons ochtendritueel achter de rug, hond, katten, vissen voeren, lammetjes de fles, thee zetten, kom yoghurt met vruchten klaargemaakt en de krant uit de brievenbus. Ik zit net als een klein gekleurd, blauw met oranje vogeltje op de stenen eenden op de vlonder bij de vijver zie neerstrijken, hooguit drie meter van ons af. Nog nooit had ik in het echt een ijsvogeltje gezien, maar dit was er een. Zo mooi! Hij keek spiedend over en in de vijver, de vissen zaten alweer diep met dit koude weer. Blijkbaar niks te halen, jammer, ik had hem best een goudvisje gegund. Even later vloog hij de struiken in en toen ik gauw mijn camera pakte was hij weg.
Mooi begin van de dag toch?
Maar wel een koolmees kunnen knippen op dezelfde plek.
Soms maak je iets bijzonders mee. We hebben hier in Emmen het Pionierscafé en deze week waren er drie bijeenkomsten in de verschillende kerken met alle drie hetzelfde thema:
Geloven en weten
Dit werd geleid door een van onze predikanten die vaak met iets moois komt, Dineke van Oort.
Nu had ik zelf mijn laatste boekje af die ook over dit onderwerp gaat – De reis van een ziel. Daarin vertel ik ook hoe mijn geloven zich veranderd en ontwikkeld heeft
Behalve een aantal bekenden uit onze eigen kerk was er een echtpaar uit Emmen Zuid die het deze dag beter uitkwam. Na het aansteken van de kaars las Dineke dit mooie gedichtje:
Er is iets, iets persoonlijks dat mij kent,
Als een schaduw aan mijn rechterhand.
Een koestering in de hitte
Geloof heeft te maken met wie ik ben.
Het reikt naar de bron die in mijn borrelt.
Daarna gingen we bij onszelf na waardoor wij ons het meest aangetrokken voelen: handen uit de mouwen – bidden- de natuur- stilte- zorgen voor anderen- meditatie – en meer… En zo kwamen er hele gesprekken op gang.
Welke mensen, schrijvers, gebeurtenissen waren belangrijk voor jouw proces van spiritualiteit en geloof. Ben je een zoeker of een twijfelaar of… ?
Welk beeld van het goddelijke heb je- Geloof is een levenslang zuiveringsproces. Ervaar jij dat ook? Voel je je nog thuis in de kerk? Vind je er nog houvast Enz. Er kwamen zinvolle intieme gesprekken in deze kleine groep. Mijn naaste buurman hier was heel open over het feit dat hij door ziekte in zijn laatste levensfase was. Dat ontroerde mij. Nee hij was niet bang om dood te gaan, zo zei hij, maar vond het wel heel moeilijk om zijn gezin achter te laten. Wat een bijzondere middag!
Het bracht mij ook ineens 45 jaar terug toen onze moeder te horen had gekregen dat ze ongeneeslijk ziek was. Na de eerste grote schrik bij haar maar ook bij ons allemaal, kwam er ook die rust over haar. Ze was altijd al open in haar gesprekken. Maar nu ze veel bezoek kreeg van heel veel familie en vrienden zag ik dat iedereen eigenlijk wat zenuwachtig was voor ze naar haar toe gingen maar blij en opgelucht weer naar buiten kwamen omdat ze zo’n mooi gesprek hadden gehad. Ja, ook bij onze moeder zag ik het, het vertrouwen dat het goed komt. Ze regelde alles wat er te regelen was met pa en met ons, ook haar uitvaart samen met de dominee.
Na de opening door Aly en het meeleven met de zieken op onze Hedera avond in Zuidbarge is nu onze gast aan de beurt, Petra Heeroma van de Heeroma Zorgwinkel. Zij komt ons wegwijs maken met alles waar we mee te maken kunnen krijgen bij het ouder worden en vooral wat ons daarbij kan helpen.
Hun Zorgwinkel die ze samen met haar man runt is aan de Dordse straat waar je de grotere hulpmiddelen kunt krijgen zoals de scootmobiel. Maar sinds kort is er ook het Rollatorhuis op Hoofdstraat 71 waar allerlei kleinere hulpmiddelen te verkrijgen zijn. En we ontdekken dat er veel mogelijk is, ook gratis recht op verschillende hulpmiddelen bij ziekte. Zit gewoon in het basispakket van de Zorgverzekering. We horen over de ‘stenen winkel’ naast internet. Haar advies is: vooral eerst zelf uitproberen. Een tip die ik nooit gehoord had is ook wanneer je niet erg mobiel meer bent om na het douchen een katoenen badjas aan te doen, dan hoef je alleen je voeten maar af te drogen. Ze had een tip om doekjes uit de wringen en de handy legs en een donner voor het aantrekken van steunkousen.
Dan kwam het beugeltje voor in de wc i.p.v. het je op moeten trekken aan het wasbakje, het handvat voor in de douche, extra leuning aan de trap, tasje om de nek bij het bestijgen van de trap, èn de beugel bij het bad.
Haar advies was vooral: Denk vooruit! En… ga een stok of rollator als een winst zien. Ik zelf kan er intussen over meepraten. Ze liet ons de prachtigste stokken èn rollators zien. Vraag je af: Wat ga je er mee doen, wel of geen rugsteun. De carbon rollator is de lichtste en de mooist versierde kost 490 euro, maar voor de eenvoudige die net zo goed zijn is het 339 euro. En voor een paar krukken heb je al voor 38-49 euro.
En wat er nog meer handig is? De beentiller- voor het in- en uitstappen van de auto, de sok-aantrekker, de bril voor de oogdruppels( al is de oplossing van de buurman van Ida ook een idee. Die gaat daar gewoon de buurt voor langs). Bekers( voor trillen of reuma bv, de pot of dop opener en tot slot het incontinentie verhaal, vooral handig als het tijdelijk nodig is. Het plasschuitje bracht Petra op haar eigen verhaal van vastzitten in de sneeuw en daar een prullenbakje moest gebruiken. We kennen nu het plasschuitje voor deze noodgevallen of als liggend patiënt.
Ida verzorgde de avondsluiting. We zongen samen: God zal met je meegaan. En het lied van Vera Lynn:
Ervaringen die verwerkt moeten worden. Bijna ieder mens komt in zijn leven wel eens voor de opgave te staan om pijnlijke of verdrietige ervaringen te verwerken. Dat houdt in dat je net zo lang met bepaalde ervaringen bezig moet zijn, totdat je ze kunt aanvaarden en daarmee ook loslaten. Je zou verwerken een vorm van geestelijk verteren kunnen noemen. En pas als alle pijn en teleurstelling is verteerd, kun je loslaten.
Als je bijvoorbeeld op jonge leeftijd een van je ouders verliest, is dat een ingrijpende ervaring die verwerkt moet worden.
De manier waarop je die ervaring, bewust of onbewust verwerkt, is zelfs bepalend voor de manier waarop je later in het leven komt te staan. Ook in ons latere leven doen zich ingrijpende gebeurtenissen voor die we moeten verwerken, willen we met een zekere openheid en onbevangenheid in het leven blijven staan. Een scheiding, de dood van een geliefde, een ziekte, een kind dat zijn eigen weg wil gaan en geen contact met jou als ouder meer wil hebben: het zijn allemaal ervaringen die verwerkt moeten worden. Pas als je die ervaring ook écht verteerd en verwerkt hebt, kun je deze loslaten en verder gaan met je leven.
Ook als je gaat sterven en bewust naar de dood toeleeft, moet dat verwerkt worden. Maar juist dan wordt heel duidelijk of je dat in je leven al geleerd hebt: verwerken en loslaten. Er zijn mensen die de pijnlijke ervaringen van hun leven verdrongen hebben. Gewoon, omdat het hen te zwaar viel om zich die ervaringen bewust te maken en stap voor stap te doorleven. Ze hebben als het ware een muur om hun hart gebouwd, waarachter de pijn verborgen bleef. Wie dat deed zal, zo blijkt uit de praktijk, niet zo gemakkelijk kunnen sterven: de verharding maakt het loslaten van het aardse leven zoveel moeilijker. Alleen al daarom: om straks gemakkelijker te kunnen sterven, is het belangrijk de levensles van verwerken en loslaten ook écht te leren.
Vluchten en verdringen
Het verwerken of verteren van je ervaringen vergt veel ziele-arbeid: je moet in stilte, zonder dat anderen het zien of beseffen, innerlijk hard werken. Je mag zelfs zeggen dat deze innerlijke, geestelijke arbeid meestal zwaarder is dan ons dagelijkse werk. Het is niet alleen zwaar werk, maar ook pijnlijk en eenzaam: er zijn maar zo weinig mensen die écht beseffen waar je doorheen gaat. Daarom is het niet zo vreemd dat nogal wat mensen kiezen voor wat een gemakkelijker weg lijkt: het verdringen of wegdrukken van de ervaringen of gebeurtenissen die pijn doen. De keuze om de emoties, waarmee die pijnlijke ervaringen gepaard gingen te verdringen, wordt meestal onbewust gemaakt, dus zonder erover na te denken. De keuze bijvoorbeeld om je te storten op je werk en elke vrije minuut meteen weer in te vullen. Of om te vluchten in de roes van alcohol of drugs. Anderen kiezen voor bepaalde sportactiviteiten om niet naar binnen te hoeven kijken en niet stil te hoeven staan bij de emoties die daar leven. Maar wanneer je een dergelijke keuze maakt, leef je niet echt: je bent eigenlijk voortdurend op de vlucht voor jezelf. Maar wie vlucht voor zichzelf en het contact met het eigen innerlijk verliest, verliest ook het echte contact met anderen. Als jij je eigen innerlijk afsluit, zullen anderen immers ook nooit jouw innerlijk kunnen aanspreken of bereiken.
Ik had vroeger al iets met kabouters. Opoe vertelde ons over kabouter Pum. Ik had nl zo’n gebreid popje met een puntmuts die ik zo noemde. Zij bedacht er steeds andere avonturen voor. Het mooiste vond ik dat kabouter Pum met z’n eigen vliegtuigje dieren ging halen uit Afrika…. voor de dierentuin. Later heb ik de juf op de kleuterschool op haar woord geloofd dat de paddenstoel, rood met witte stippen, echt waar …een kabouterhuisje was. Ik heb er wel eens een middag naast gezeten, wachtend op mijn kaboutervriendje, want ik wist het zeker dat het míjn vriendje zou worden. Ik was hevig teleurgesteld toen er na uren nog niks tevoorschijn was gekomen. Daarna kwamen de verhalen van Piggelmee, de kabouter die in een Keulse pot in de duinen bij de zee woonde met zijn vrouwtje Tureluur en in een hele grote schelp de zee ging bevaren. Bij Flipje in Tiel kon je ze bestellen als je er wat zegeltjes van de Betuwejam bij deed. Zo ga je toch in kabouters geloven. Net toen dat kinderlijke kaboutergeloof begon te tanen kwam Rien Poortvliet met een prachtig levensecht getekend èn verteld boek De Kabouter. Tja… en dan ga je weer twijfelen… toch? Toen we jaren geleden ergens in Noord Holland zomaar in een tuincentrum een paar betonnen kabouters ontdekten die precies op die van Rien Poortvliet leken hebben we ze gekocht en bij de vijver gezet. Jammer genoeg is het vrouwtje door een manoeuvre van Wim met de tuinslang in de vijver gevallen en hebben we haar niet kunnen redden. Maar weet je… ik ben niet de enige kabouterfreak. Dan moet je eens bij Ben en Diny rondom hun huis in de tuin op onderzoek en je zult er verscheidene ontdekken, de meeste zijn op de kop getikt bij de Kringloop… dat wel. Ja… ik heb iets met kabouters…bekende ze. En wij zijn niet de enige, mijn buurvrouw Geesje heeft er een heel stel, gemaakt van schuin afgesneden takken waarvan ze de schuine kant voorzien heeft van een geverfd kaboutergezichtje. Toch was er een uitdaging. Ze had ook een dikkere boomstam van een oude appelboom die schuin afgezaagd was. Daar moest ook een kabouter op en dàt zag ze niet zitten. Tja en toen ………vroeg ze mij.. En dit is het geworden… Geesje was er blij mee.
Ik heb geen idee of die de verhuizing overleefd heeft. Moet ik toch eens vragen…
Al woonden we wat afgezonderd , er viel altijd wat te beleven met dieren om je heen. Onze haan, een prachtige donkere Barnevelder was een half jaar daarvoor gesneuveld, waarschijnlijk door een roofvogel of andere rover. Ik was in de veronderstelling dat er bij de kuikens van afgelopen augustus een paar haantjes zouden zijn, maar nee dus. Gerald had ze bekeken en kwam al snel tot de conclusie: allemaal hennetjes! Intussen hadden we die week een haan gekregen van Rob. ‘Ik heb er ook nog wel een paar dezelfde hennetjes bij’, zei hij. En die bracht hij gisteren mee. Intussen was ons haantje al geacclimatiseerd en de enige bruine kip, naast de donkere Barnevelders die we hadden, had hem al voor zichzelf uitgekozen. Toen dus die beide nieuwelingen bij in de ren kwamen was het hek van de dam. Madam de Bruine vond het niks dat die er bij kwamen. De haan bleek namelijk nog geïnteresseerd in de nieuwe want die kende hij nog. In de ren bleek de bruine een kwaaie, zo jaloers als het maar kan en joeg de nieuwelingen alle kanten op. Die middag ging de ren weer open na een anderhalve dag gewenning. Bruintje liep in het kielzog van de haan en die zorgde dat de witte indringers op afstand bleven. Toch zag ik de haan eventjes bij de witte de baas spelen… je weet wel… Tja, maar intussen was ik wel benieuwd wie straks de broek aan zou hebben, Bruintje of meneer de Haan.
Het grut begon al aardig te wennen. ’s Nachts zaten ze lekker warm in de stal, overdag in de wei en daarbuiten. De laatste nachten liet ik zelfs de deur van de stal open.
‘Bij mij liggen alle lammeren altijd gewoon buiten’, zei Rob. Ik mocht ze van hem niet te veel verwennen. Toch kwam hij een extra baal stro brengen op mijn verzoek.. Ze zijn beiden van een sterk oerras, uit deze streek. De witte is een Schoonebeker heidelam en het zwartje een Drentje. Beiden zijn sterke lammeren.
‘Maar die bij jou hebben wel een moeder om warm tegen aan te liggen’, was mijn reactie dan. Toen ik net van een boodschap terugkwam fietsen, zag ik ze onder de schommelbank liggen. Ze braken nogal eens uit en dan was dat de veilige plek want daar zaten we vaak en wij waren nu eenmaal een soort van moederfiguren voor ze.
Die avond vonden ze het blijkbaar wat te lang duren voor ‘de fles’ kwam. Storm was ook bij de wei om voorbijgangers op de Bargerweg in de gaten te houden. Maar toen hij er op een gegeven moment genoeg van had kwam hij op huis aan, beide lammeren in zijn kielzog. Ja wat doe je dan? Als ik me laat zien komt dat stel steeds terug. Ik liet de hond gauw binnen en deed de deur dicht. Vonden ze niet leuk, te horen aan het kabaal dat ze maakten, maar binnen een paar seconden namen ze een sprintje terug naar de wei. Toen ik later met de fles kwam lagen ze onder de schommelbank op me te wachten. Het zwartje klom na de fles altijd tegen me op, heel even warm op schoot. Het zou niet lang meer duren en dan is ook dit afgelopen.
Toen ik toch even weer eens aan het Schoolpad ging kijken kwamen de herinneringen vanzelf boven aan de tijd dat we er met zoveel plezier woonden… de honden, het kattenspul, de schapen en hun lammeren en ga zo maar door. Ook was het bijzonder dat Wim er net zo van kon genieten als ik terwijl hij er niet mee opgegroeid is. De haan van de buurman die je besprong als je daar de achterdeur in ging en het jaarlijks terugkeren van het feest rondom de koeien die in het voorjaar naar Homoet gebracht werden, was het enige. Hiervoor kregen de kinderen zelfs vrij van school.
Maar in onze tijd aan het Schoolpad was het volop beestenspul om ons heen en zo kom ik nu geregeld mijn belevenisjes tegen uit die tijd. Zo ook de deze:
Die maandag- ‘Ooh… en nog wel Schoonebekers’, zei ik. Rob mailde gisteren: ‘Kun je er nog twee gebruiken?’ Tegen fleslammeren zeg ik nooit nee. Even later kwam hij met de twee slanke lammeren, mooi in hun soort. De moeder was er slecht aan toe en heeft van de drieling die met moeite geboren werd alleen het rammetje nog bij zich, in de hoop dat ze zich daar aan optrekt. Soms zijn dieren net mensen. Zo was er ineens behoorlijk leven in de tent.
Dan hebben we ook nog een loopse Queeny die daar geen enkele last van heeft, maar Storm des te meer. Hij eet niet meer en jankt er wat af. Queeny verblikt of verbloost niet van haar grote vriend. Hij krijgt geen kans. Toch hou ik ze maar apart. Queeny met haar 11 jaar is te oud om haar aan een zwangerschap te wagen. En is er ook nog een slimme haan. De kippen vliegen gewoon over elke afrastering maar de haan is misschien al op leeftijd en kan dat niet. Als het hekje naar de vijver dicht zit kan hij niet met de kippen mee. Daar heeft hij het volgende op gevonden. Hij komt gewoon naar binnen in het halletje en kijkt me enigszins smekend aan. Ik dacht al: wat moet die bij ons in de gang. Toen zag ik de kippen rondstruinen en krabben bij de vijver. Ik begreep en maakte het hekje voor hem open. Als een macho schreed hij op de hennen af en liet merken dat hij nog steeds de baas is.
De lammeren hadden we vanmiddag om ons heen op het terras. Ria kwam spinnen en we zaten er lekker bij. Zonet heb ik alle drie lammeren naar de schuur gebracht. Straks om half 11 krijgen ze hun laatste fles en hebben we rust na een enerverende dag.
Henk Braakhekke is overleden. Broer Henk stuurde me een mail met een mooi stuk met herinneringen aan Henk, een fotograaf in hart en nieren die zich het fotograferen zelf aanleerde èn hoe!
Ik ken hem vooral als de buurjongen van opa en opoe Eggink op de Boskamp waar hij prachtige foto’s voor maakte als Herman weer eens overkwam uit Amerika of als opa en Jan en Jantje zelf de oversteek maakten. Henk was erbij tot bijna in het vliegtuig.
Toen ikzelf meer met foto’s bij mijn geschreven stukjes aan de slag ging was het Henk die me inspireerde en heel wat van zijn werk op een stick meegaf. Ik had het voorrecht om in zijn domein boven aan de trap in hun mooie verbouwde boerderij in Barchem te mogen komen om de foto’s uit te zoeken die voor mij handig waren. Gerrie voorzag ons voor het weggaan nog even van een mooi opgemaakt bloemetje uit de tuin, zoals ze dat ook vaak voor de kerk deed.
Wanneer we zomers op de Boomgaard waren bezochten we hen geregeld, vaak met Ben en Riet. Ook in hun nieuwe appartement dichtbij de oude plek waarheen ze verhuisden was het goed toeven maar van zijn werkzaamheden hoorde ik weinig meer. Dat was geweest. Een jaar na het overlijden van Gerrie bezochten we hem nog eens. De kamer had een wand met allemaal mooie foto’s van Gerrie, de liefde van zijn leven èn grote steun bij zijn werkzaamheden. Zij was het die steeds in de gaten hield waar hij met zijn fototoestel moest zijn als er weer iets bijzonders in de streek aan de hand was. Toen we eens op zoek waren naar een familiegraf van ome Jan en tante Jantje konden we het niet vinden. Toen we even bij Henk en Gerrie aanschoven en het vertelden ging Gerrie meteen met me mee om de plek aan te wijzen en ook hun uitgezochte plek te laten zien die ze voor zichzelf al aangekocht hadden. Een reden om over een tijdje nog even terug te gaan naar Barchem en daar op de begraafplaats de ons bekende graven te bezoeken èn die van Henk en Gerrie.
‘En nu weet ik niks meer’, zo zei ik dat tegen de jongens. Gerhard had me nog aan de hand gedaan om over de dieren in mijn leven te gaan schrijven. Dat werd Trixie– naar mijn allereerste hondje nog op de Haar. Het werd het begin van deze rode draad over de dieren die in mijn leven een rol speelden en die eindigt met Storm. Die is intussen wel 13 jaar maar er zit gelukkig nog genoeg leven in.
Daarna zette Nielspeter me op het spoor van de ontwikkeling van mijn geloofsleven door de jaren heen. Het is een soort een soort levensreis geworden met alles wat vanaf mijn jeugd tot nu toe invloed heeft gehad op mij- De reis van een ziel-. En heeft me goed gedaan. Binnenkort worden de laatste boekjes verstuurd.
En ja.. toen kwam ik ineens een onafgemaakt kinderboekje tegen als 3e van een kleine reeks waar ik zo’n 20 jaar geleden al mee beginnen was. Zelfs de naam wist ik al. Het wordt: Ik ben Beertje, het fleslammetje.
Van Ik ben Moniek– de poes- en Ik ben Scotty– over een van de pups van Scott en Tessa- heb ik er ieder nog één over. Daarom laat ik er ook hier opnieuw een kleine hoeveelheid drukken voor de liefhebber. Ik zal het een en ander op mijn website bijwerken want ook van de andere boekjes zijn er nog een paar voor wie interesse heeft. Dus heb je kinderen of kleinkinderen die je de liefde voor dieren bij wilt brengen?
Of raak je geïnteresseerd in De reis van een ziel , of…Hobbels of een van de Tweets van het Schoolpad met korte verhaaltjes uit het leven gegrepen, of toch een van mijn andere boeken? Meld het gewoon even en ik reserveer het voor je.
Kijk maar eens onder het kopje Boeken op www.hettysite.nl