Weblog1

Goedgekeurd

Gerhard en Rick hebben beiden handige tips voor me, wel heel verschillend. Gerhard is degene die over financiën, administratie, verzekeringen en dergelijke gaat. Rick biedt andere hulp zoals toen Wim in het Isala in Meppel lag. Hier nog een ontboezeming uit die tijd- eind 2018.

-Dat auto rijden wordt nog wat met mij. Parkeren is mijn ding niet. Laatst op de parkeerplaats bij het Isala kon ik eerst geen plekje vinden. Zelfs dan slaat de paniek toe. Maar met Rick bij je verandert dat snel. ‘In geval van nood kan ik het wel’, zei hij. ‘Maar ja… ik mag niet’.

Even later: ’Als je nou even één rijlesje neemt om dat parkeren te oefenen’. Is een mogelijkheid. ‘Of je maakt de indraai iets ruimer…’ Ook dat is een goede suggestie. Ik ben natuurlijk zo verwend omdat Wim graag rijdt en als ik achter het stuur zat kreeg ik zoveel aanwijzingen dat ik daar weer niet tegen kon. Nu houdt hij zich keurig in, nou ja… een beetje.

Gisteren zag ik gewoon vlak bij huis een rood stoplicht wat laat en stond meteen op de rem, een soort noodstop. ‘Zo, de remmen zijn goedgekeurd’, was Ricks droge reactie. Ik dacht nog: vertel dat straks maar niet aan je vader. Maar ja hoor, eenmaal alle boodschappen binnen, kwam het: ’De remmen zijn ook goedgekeurd’.

Och, Wim was niet erg onder de indruk.-

Foto: Rick met de Noorse bontmuts van Wim

Goedgekeurd Meer lezen »

Dokter Sypkens smit

En wat zagen we daar naast de deur aan de achterkant van het Voerman Museum? Een beeld ter herinnering aan huisarts Dr Sypkens Smit die een belangrijke plaats had in de Hattemer gemeenschap. Toen ik indertijd in 1962 naar Hattem kwam ging ik met huisgenoot Sietse Sobering elke week naar een oefenavond van het Rode Kruis. En daar kregen we van deze innemende huisarts les in de beginselen van de EHBO. We oefenden dan op elkaar. Soms hadden we een echte oefening zoals die keer dat er een gesimuleerde ontploffing was geweest in een voormalige fabriek aan het kanaal. We moesten met een bootje naar de overkant. De gewonden lagen her en der in het grote verlaten gebouw. De verwondingen waren divers en stonden op een briefje dat op het slachtoffer was gespeld. Sietse en ik moesten er een eerste hulp verlenen aan een knul die, tot mijn schrik, volgens het briefje een ernstige verwonding aan zijn balzak had. We besloten hem maar een soort luier om te doen. Tja… je kunt soms wat meemaken…

Dokter Sypkens smit Meer lezen »

Kerstmis

Wanneer je nog een aardig kerstverhaal zoekt? Deze is vrij te gebruiken en oorspronkelijk in het Drents geschreven door Ada Waninge- Vrieswijk uit Roden. Ik heb hem toch maar even vertaald in mijn eigen moedertaal: het Achterhoeks van Vorden met een vleugje van opoe die uit Voorst afkomstig was.

In een klein derp in den Achterhook was et bienao Karstmisse. De baovenmeister van de plaatselijke laegere schole had bedach dat de kinder van groep acht dit jaor het kerstspel op 1e Karstdag wel konnen verzörgen.
Al wekken van te veurten was de hele klasse d’r slim druk met.
Eerst natuurlijk al met de rolverdeling: alle deerntjes wollen Maria waezen, alle jonges Jozef.
Aover Maria was iederene het al gauw eens: dat mos Fatima wodden, een mooi Oosters uutzeend deerntjen met grote broene kiekers en lang donker haor.
Pieter wol graag Jozef wodden. Maor dat was een betjen lastig biej Pieter, want hee kon neet zo goed learn. Pieter was wat ‘achterlijk’ zoas de luu dat vrogger zeien. En de hele lappen tekst dee Jozef mos zeggen, nee, dat was veur Pieter neet weg’elegd. Maor meister kon et ok neet aover zien harte verkriegen um Pieter ‘ezel’ te laoten spöllen, dat was toch ok al zo wat….
Nao heel wat wikken en waegen waarn ze der uut: Jeroen werd Jozef, twee deerntjes en een jonge werden de wiezen, d’r was een groep herders en een groep engelen (dat waren natuurlijk de kinder dee good konnen zingen) en…. Pieter wodden de herbergier. Pieter hoeven maor ene zinne te onthollen: ’Nee d’r is gien plek meer in de harbarg, wi-j zit vol’. Meister dacht dat Pieter dat nog wel zol redden. En dat was ok zo En wies dat Pieter was met zien rol. Hee was de herbergier!
In de wekken daor nao was de klasse elke dag wel efkes an ’t rippeteren met ’t kerstspel. De kinder mossen thuus de rol uut de kop leren, de versjes wodden instudeerd en de zak met olde kleren ging op de kop um te kieken of der nog herder- kleren wazzen.
Pieter was een prachtige herbergier. Hee kreeg een kussen onder zien jas en een olde mutse van zien opa op. En iedere keer bi-j ’t rippeteren was ’t weer spannend of Pieter zien zin d’r een betjen goed uutkreeg. Maor jao man, et ging iedere keer goed! Soms wat hakkelig, soms mos meister um een betjen helpen, maor ’t kwam der altied uut: ’Nee, d’r is gien plek in disse harbarg, wi-j zit vol’.
En hoe kotter et bi-j de 1e Karstdag kwam, hoe drukker de kinder in de klasse wodden. En Pieter wodden al zenuwachtiger…..
En toen was et eindelijk Karstfeest. De kerke was af-eladen vol en groep 8 was helemaol klaor veur et Kerstspel.
Maria en Jozef gingen met de ezel op pad, in de coulissen stonnen de herders en de engelen al te wachten en op het podium, achter de deure van de herberg in Bethlehem ston Pieter. Pieter had et haost niet meer van de spanning. Meister ston in de coulissen, klaor um Pieter de tekst in ’t oor te fluusteren as hee et efkes van de spanning niet meer wist.
Jozef en Maria kwammen biej de harberg en kloppen an de deure. Pieter dee de deure lös en luusteren naor et verhaal van Jozef.
Jeroen en Fatima spöllen eur rol vol aovergave. Hartverscheurend vertellen Jeroen aover de barre tocht vanuut Nazareth en aover dee arme Maria dee et zo zwaor had….. Fatima knipperen nog es met heur broene ogen en Pieter vergat kats dat et maor een toneelstuk was. Hee kon de ellende van Jozef en Maria neet anzeen, dee de deure wat wieter lös en zei: ’Nou, kom d’r dan toch maor effen in…..’.
Iej begriept met mekare dat de dominee op dat karstfeest neet lange hoeven te praeken. De karstgedachte was wel dudelijk.

Kerstmis Meer lezen »

Over collega’s en de datumgrens

Het was eigenlijk mijn bedoeling om de dagelijkse belevenissen op weblog 1 te schrijven en de herinneringen op weblog 2 van mijn website- www.hettysite.nl. Toch merk ik dat ze elkaar soms overlappen, want vertel ik iets uit het verleden merk ik dat de gebeurtenissen van toen automatisch weer verweven worden met nu! En andersom. Zou dat nou ook met leeftijd te maken hebben? Rick vertelt regelmatig over zijn collega’s. Soms is hij ongerust over iemand die even slecht in zijn vel zit. Ook als er een familielid overleden is leeft hij mee. Maakt trouwens altijd op alle collega’s diepe indruk. Ze zijn vertrouwd met elkaar. In de coronatijd moesten zij ook afstand houden en waren er al een paar extra keten bijgezet voor de koffietijd en tussen de middag. Iets minder gezellig lijkt me. Rick zat er niet mee. Hij kwam eens een dag niet aan warm eten toe en toen ik daarover blijkbaar mijn bezorgdheid niet kon verbergen, zei hij: ‘Ik zou dat reisje van jullie maar annuleren. Zo kun je niet eens weg!’ Dat was toen we een aantal weken op vakantie zouden gaan. Die Rick! Die redt zich echt wel. Hij heeft supermarkt en andere winkels allemaal om de hoek. Hij leefde wel met ons mee toen we voor 6 weken naar Nieuw Zeeland onze droomreis gingen maken. Hij vond dat we maar met Collect Call moesten bellen naar hem, maar dan wel ’s morgens. Dan was hij in elk geval uit z’n werk weer thuis, zo had hij berekend. Rick heeft alle wereldtijden in z’n hoofd. Hij weet precies hoe laat het bij Gera in Canada is en hoe laat in Hawaii. Zijn grootste wens is om een keer de wereld rond te vliegen en dan over de datumgrens. Voorlopig is het nog een droom, maar hij is in staat om zo naar een reisbureau te stappen! Maar dat zal in deze corona tijd toen hij dat opmerkte  nog wel even duren. Want zolang hij nog met de schoffel nog aangaf hoever mensen van hem af moesten blijven zag ik hem nog niet met mondkapje naast iemand in een vliegtuig zitten. Die corona is gelukkig weer verleden tijd, maar die datumgrens komt af en toe nog steeds even terug…..

Over collega’s en de datumgrens Meer lezen »

Het zijn de kleine dingen….

Verscholen tussen de klimop aan de zijkant van ons huis aan het Schoolpad hing  het oude tithouse, zoals de oude baas van de open tuin op Skye het noemde. Ze hadden net Wims vreselijke bulten gezien veroorzaakt door de midges en hadden er een huismiddeltje voor de jeuk voor: een mengsel van bodylotion en tandpasta, als ik het goed heb. Daarna lieten ze ons de voorraad vogelhuisjes zien die de man in de winter maakte voor de verkoop. Natuurlijk namen we er eentje mee samen met een good luck kaartje met een takje heide van dit lieve echtpaar.
En dit mezenkastje van 20 jaar geleden deed nog steeds dienst al zat het niet geweldig meer in elkaar. Vanuit mijn stoel aan het zijraam kon ik nu een stel pimpelmezen grassprietjes, veertjes en mos zien  verzamelen voor er aan eieren leggen kan worden begonnen. De koperwieken en merels waren hier ook al druk met de bessen van de klimop. Daar zijn die gek op. Er zat al geen bes meer aan. De roodborstjes waren ook vaak aan deze zijkant van het huis bezig.
De lammeren waren al verzorgd en bleven keurig bij de schommelbank of wij er nu waren of niet. Daar zouden we even later zo weer naar toe met een tweede kop koffie.
Wim zat nog achter de krant terwijl hij intussen de geheugenspelletjes van Max in de gaten hield. Vooral de rekensommen hadden zijn belangstelling. ‘Nee joh…goed’, riep hij dan terwijl de arme speler dacht dat het fout was. Rekenen was altijd zijn ding. In de krant van die dag stonden  allerlei foto’s van mensen op hun balkon in het zonnetje. ‘Vin ie ok niet dat dissen net Henry is?’ Hij liet me de voorpagina nog eens zien. Inderdaad, maar Henry kon het niet zijn. Die zou eerder met Tonny op het gezellige terras achter hun huis zitten waar de eenden elk jaar een nest hebben. Maar ook dat kon niet meer, net als Wim is ook Henry niet meer onder ons.
Zo hebben we leren  kijken en genieten van de kleine dingen in het leven.

Maar ook de verscheidenheid aan vogels hier aan de Torflang is teruggebracht tot eksters en kraaien die niet bij mij weg te branden zijn. Brutaal spul, maar ook dat heeft wel weer wat.

Het zijn de kleine dingen…. Meer lezen »

Vroeger

“Schrrrrr schrrrrr”, ging het, “en Jan stond stokstijf”, vertelde Annie na onze inspanningen in het water, nog in het oude Aquarena.. Met een stuk of 8 drinken we vaak nog een kopje koffie in het café als afsluiting. Ik vertel over onze memorytour en het bezoek aan ‘de Boskamp’ waar nog zoveel origineels is gebleven. We hebben het over de snelle veranderingen in zowel het wonen als de techniek sinds onze jeugd. De bedsteden waarin verscheidene van ons nog geslapen hebben zijn er niet meer.
Annie vertelt over de bedsteden vroeger thuis met een kast ertussen die omgebouwd waren tot twee slaapkamertjes met dunne wandjes. En tussen beide deuren stond een vaas met droogbloemen en daar had Jan, nadat haar pa en ma hopelijk sliepen, op weg naar zijn geliefde Annie in de aangrenzende kamer tegen aan gestoten. Meteen hoorden ze ook de klik van het touwtje waarmee de lamp in de ouderslaapkamer aanging. Spannend was dat vroeger. Bij ons had opa Bijenhof de mooie taak om heel lang bij het verliefde stel te blijven zitten. Die kon mooi blijven liggen de volgende morgen. Slimme zet! En…: “Je moet maar goed oppassen”, was de kreet die we te horen kregen. Waarvoor…. en hoe…., werd er niet bij verteld.
Er is ook op dat gebied veel veranderd. Samenwonen kwam vroeger niet eens bij je op. Nu is het de gewoonste zaak van de wereld geworden.
We zijn allemaal van ongeveer dezelfde leeftijd en steeds komen er verhalen over ‘vroeger’ naar boven. Na de gewone spieren krijgen onze lachspieren nu een beurt.

Foto: Opa Johan Bijenhof met kleinzoon Johan Aartsen.

Vroeger Meer lezen »

Gerhard Willem

Vandaag is bijzonder, want onze oudste zoon wordt 60. Zonet keek ik de weinige foto’s door van ons gezamenlijk verblijf in Hattem. Ik heb mapjes op de pc onder Mijn Afbeeldingen, deze heeft de naam WimhettyHattem en is klein maar heel bijzonder. Van de eerste maanden van Gerhard zijn weinig foto’s. We maakten dia’s. Die van ons huwelijk waren ook al mislukt. De fotograaf had ons een flitser geleend waarvan de batterij bijna op was en het rolletje met eerste dia’s van Gerhard, ja je had toen nog rolletjes, is enigszins verkeerd uit het toestel gehaald en daar was ook licht bij gekomen. Daarom zijn we blij met de foto’s die we wel hebben.

Gerhard was het eerste kleinkind aan beide kanten van de familie. Hij was overal het middelpunt en raakte gewend aan alle ooms en tantes die hem graag even voor zichzelf wilden hebben. Op zondagmorgen waren we vaak bij oma Siet op de koffie. Zowel Henry als Ben zaten nog op school en woonden nog thuis. Als Gerhard bij Ben zat ging hij rustig op zijn arm liggen, maar als Henry hem even had moest er wat gebeuren, vooral actie. Daar hield Gerhard ook van. Soms moesten we de slachtoffers waarschuwen als er iemand een mooie halsketting met kralen om had met: ’Schade aan eigendommen wordt niet vergoed’. En dat zien we hier. Deze dia is pas veel later als foto afgedrukt en dat zie je aan het stof dat er op zit. Maar ach… 60 jaar mag te zien zijn… toch?

O… waarom Gerhard Gerhard heet en niet Gerard zoals zijn opa? We waren het er wel over eens dat opa Gerard vernoemd zou worden, maar Gerard…? Mijn schuld. Ik had toen vreemde associaties bij de naam Gerard. In Vorden kende ik maar één jongen die zo heette. Dat was rooien Jansen, zoals hij genoemd werd. Het was misschien een aardige jongen en dat rode haar stond hem wel, maar hij had altijd snotterbellen onder zijn neus. Ik kende toen geen andere Gerard. Ik wilde opa Gerard best vernoemen, maar Gerard…en dacht maar aan die groene snotterbellen. Toen zag ik ons buurjongetje die aan de overkant woonde. Hij heette Gerhard, blond haar met krullen en het was een schat van een kind. Ik heb ergens nog een foto dat hij met Sint Maarten bij ons aan de deur kwam zingen. Toen wist ik het, het moest Gerhard worden en om het speciaal te maken: Gerhard Willem. Eh… hoe ze hem bij de voetbal noemen? Ik hoor vaak Gerard! Ach… what’s in the name..

Zaterdag wordt het uitgebreid gevierd. Vanavond doet hij dat samen met Judith bij hun geliefde restaurantje in Zuidbarge, net bij hen om de hoek….

Gerhard Willem Meer lezen »

’t Houwiezer

Onze taal verandert. Laatst las ik het stukje, ik bedoel de column, van Daniel Lohues. Die mag het ook graag over taal hebben, over onze Nedersaksische taal waarvan het Drents, Veluws, Stellingwerfs, Achterhoeks, Sallands, Twents en Gronings behoren. Veel Drenten hebben het over siepels als ze uien bedoelen. Niks mis mee toch. Maar langzamerhand wordt het toch uien, ook hier. Wat is er mis met siepels, vroeg Daniël zich af.
Toch ontstaan er vanzelf nieuwe woorden in de loop der tijd, soms halen ze zelfs de van Dale. Ik weet niet of er al foep in te vinden is. Niesje bezigde dat eens. ‘Als je plakjes komkommer te lang in de azijn legt gaat de foep er uit’, zo zei ze. De foep, we hebben er met elkaar…., ja ook moeder Siet, hartelijk om gelachen. Die had zelf ook van die woorden. Als je naam maar genoemd wordt, zei Mark eens toen ik hem wees op een regel in de krant over een niet zo’n beste actie van hem tijdens een voetbalwedstrijd.
Nou ik kan je vertellen dat ook Wim erfelijk belast was, zowel met zijn ergernissen als zijn creativiteit met taal. Hij had een hekel aan vliegen, een erge hekel zelfs, net als zijn moeder. Die kon een vlieg zelfs met de hand uit de lucht grijpen en zat vaak met een opgevouwen krant in de hand klaar om toe te slaan.
Ik herinner me dat Wim ineens riep: ’Geef mien dat houwiezer es an!’ Ik moest wel even denken, maar toen ik zijn blik naar die ene kleine vlieg zag gaan, wist ik het meteen: de vliegenmepper.

Zo zie je maar weer: als je naam maar genoemd wordt….

’t Houwiezer Meer lezen »

Over vechters en… gelijk spel

Bij het koffiedrinken na de kerkdienst mag ik graag even bijpraten met een van de heren die kippen heeft en daar graag over vertelt… èn over hun hondjes. We wisselen dan de deugden en ondeugden uit van ons dierenbestand. Nu is daar bij mij niet veel van over want Storm is op leeftijd en bezorgd me weinig ongemak of actie. Ik hoef alleen maar achter onze tuin op de rollator te gaan zitten en Storm doet zijn rondje. Dat was aan het Schoolpad natuurlijk nog gemakkelijker, dan deed je gewoon de deur open..

Dat was me wat die keer! Hadden we nog vijf kippen en daar zaten er drie van te broeden. Waar die anderen hun eieren lieten was me een raadsel. Zo zag ik een kip lopen met een geel rond iets in de bek. Toen ik er achteraan ging, bleek het een kapot ei te zijn. Gekke kip! Verder was er alarm geslagen door buurvrouw Anja omdat er steenmarters gesignaleerd waren. Die nestelden bij hen onder het dak en ze zijn nog beschermd ook. Toen we pas ’s avonds de lammeren melk brachten in de stal hoorde ik een vreemd geritsel op het dak van de stal en ik dacht meteen aan die steenmarters. Wim ging zoeken met de zaklamp, maar ja…. dan zag je niks meer. We bleven alert. Wim had er richting Barger-Oosterveld wel een zien lopen op het fietspad. Van ons mocht ie daar blijven. Een van de nestkasten hing verkeerd, te dicht bij de takken. Ik denk dat Suze en Loedertje er regelmatig eieren uithaalden, want de eierbasten lagen er onder.

De grote visser kwam ook dagelijks langs bij de vijver. Soms bleven we doodstil zitten om te zien hoe hij tot de aanval overging, maar zo gauw hij iets zag bewegen was hij meteen weg. De lelietjes van dalen breidden zich dat voorjaar ook mooi uit. Volgens vriend Romke van der Ka woekeren ze en ja hoor… ze kwamen zelfs tussen de terrastegels door. In de tuin bij het keetje kwamen duizenden papavers, riddersporen, o.i kers en natuurlijk veel onkruiden boven. Dat werd wieden, wilde er iets van terecht komen. Ik las pas over mensen die een 9000m² grote tuin hebben en daar echt van genoten. Die hadden echter ook al geleerd hoe ze daarmee om konden gaan zonder in de stress te schieten: ”Je kunt haneklauw maar beter mooi vinden”, was een uitdrukking die ik met genoegen las. Op één plek aan het Schoolpad vochten inderdaad de lelietjes van dalen, de haneklauw en de klimop met elkaar om te zien wie er wint. Ik hoopte op gelijk spel! Ik weet niet meer wat het toen geworden is. Nu nadat huis en erf na de afbraak één woestenij is geworden, denk ik dat de klimop gaat winnen. Bij mij aan de Torflang is er minder ruimte maar ook hier heb ik een paar vechters waaronder natuurlijk klimop.

Dit zijn ook vechters: varen, klimop en lievevrouwebedstro.

Over vechters en… gelijk spel Meer lezen »

Over foto’s en herinneringen

‘Maar… we hebben de foto’s nog’. Het is maar zo’n kreet als een tijdperk afgesloten is. Zo is het ook met de herinneringen aan onze tijd aan het Schoolpad met alle dieren die we in die jaren om ons heen hadden. Een ervan was Suze, ooit genoemd naar ons nichtje in Canada. Onze Suus van er een van een drieling die we alle drie opgehaald hebben ergens achter Oosterhesselen, alledrie fantastische muizenvangers. Zij heeft de rest overleefd en zorgde een paar keer voor nageslacht zoals Loeder die totaal niet op haar leek. Dat was een dikke zwarte, waarschijnlijk te danken aan een kater uit de buurt.

‘Ga maar naar buiten, naar buiten Suus, naar buiten Loeder’, hoorde ik Wim zeggen tegen de beide katten toen ik die morgen de trap af kwam. Loeder en Suze hadden net hun ochtendhapje uit een kuipje verorberd en werden dan meteen weer naar buiten gebonjourd door Wim. Hij praatte ook altijd Alg. Nederlands tegen de katten, tegen Storm en zelfs tegen de kippen. De benaming ABN is tot mijn tevredenheid eindelijk omgezet in AN. Het was net of streektalen niet beschaafd zouden zijn, dus hebben ze nu de B- van beschaafd- er buiten gelaten. En zo hoort het. Overdag hielden we de katten het liefst buiten. Hun territorium was de schuur en muizen vangen was hun taak. Toch zat Suze altijd op haar kans te wachten en verschanste zich tussen de laarzen in het gangetje tot de kamerdeur open ging Bij mij hadden ze wat meer ruimte, ik had ze graag om me heen als ik m’n krantje las. Loeder mocht zo graag op de printer liggen als ik achter de computer zat. Suze zat graag op de leuning van je stoel en ’s avonds lag ze bij Wim op de bank met haar voorpootjes op zijn bovenbeen, lekker warm. Zelfs als we aten moest ik lachen om die stiekeme kattenkopjes die op afstand zaten te wachten op een kansje iets mee te kunnen pikken. Storm bleef nooit op afstand. Hij zat tussen ons in als we aan tafel zaten in afwachting of er wat per ongeluk viel.

Ik weet het, wij hadden een huishouden van Jan Steen, maar ik genoot ervan. Die vrijdag bracht Wim een gebakken visje, wat zeg ik… VIS, mee van de markt en wij gingen er meteen maar even voor zitten. Ineens zag ik het kleine kopje van Suze aan de overkant van de tafel verschijnen. Die had ook vis geroken. Je snapt al dat ze met ons mee mocht doen, zij het met de restjes…

Je merkt het al… de heimwee naar vroeger begint weer toe te slaan….

Over foto’s en herinneringen Meer lezen »