Weblog2

Whaat…?

‘Whaaat..? Gaan jullie alweer weg? Laat me eens raden…. Duitsland’. Het is alweer een paar jaar geleden dat ik Gerhard aan de lijn had en ik vertelde dat we een lang weekend met Rick op pad zouden gaan. Tja… wat je belooft moet je ook doen, leerden we al van onze opa en opoe.

Onze Belgische vriendin was al wat moeilijk ter been en reisde zelf niet meer. Een jaar of 18 geleden ontmoetten we haar op onze weg naar Normandië, ook met Rick. Onze eerste stop was in Veurne en daar dronken we voor het eerst samen een kopje koffie op een terrasje. Ze nam ons later mee naar haar dorp Koekelare met een speciaal museum: Het Museum van de Fransmans. Zo werden de mannen genoemd die ’s zomers seizoenwerk deden in Frankrijk. Echt een bijzondere plek.

Een paar jaar later liet ze ons Brugge zien, wat meer buiten de gebaande paden. Zij wist er de weg want haar grootouders woonden er. Weer een paar jaar later koppelden we een bezoek aan het Flanders Museum in Ieper vast aan het bezoek aan haar en de laatste keer waren we er nog met de caravan aan de kust om de dag er op samen met haar mosselen te gaan eten in Nieuwpoort. En we besloten bij het afscheid dat we opnieuw haar kant op komen.

Die keer hadden we een hotel aan zee besproken en aten we de mosselen bij haar thuis en Wim ging zijn favoriete recept van de mosterdsoep maken. En altijd is er genoeg gesprekstof. De dag er op gingen we opnieuw naar Ieper, logeren met z’n drieën in Hotel ’t Zweerd aan de Markt, vlakbij het museum èn dichtbij de Meenenpoort waar nog steeds elke dag om 8 uur ’s avonds de Last Post gespeeld wordt. Ik moet hem toch eens vragen wat hij er van vond. Mijn eigen herinneringen zijn onze overnachting in het hotel aan zee waar een rammelend liftje ons naar boven bracht. Er stond een briefje aangeplakt: Bij gevaar neem de kortste weg naar beneden. Rick wees meteen naar het raam. Toen ontdekte Wim dat hij zijn pyjama vergeten was. Een ramp in zijn ogen. Dus wij de boulevard op en een winkeltje gezocht. Gelukt. Meteen scoorde Rick er zijn warme hes dat hij ’s winters nog steeds onder zijn werkjas draagt, intussen wel met een nieuwe rits. Tja… memories. Daar moet ik het mee doen…

Foto: De creaties van onze Belgische vriendin.

Whaat…? Meer lezen »

Verjaardagen…

Onze verjaardagen waren altijd hoogtepunten in de familie van der Kolk. Ook met Wims verjaardag en die van mij kwamen ze naar Emmen toe net als de Vordense tak. Meestal kwamen ze tegen koffietijd en taaiden pas af na het warme eten en de koffie na. Ben en Niesje waren altijd de laatsten die gingen, vaak bleven ze ook nog slapen. Sterke verhalen vertellen, dat was aan Ben wel toevertrouwd. Ik herinner me die keer dat Ben en Niesje met Henry en Tonny meereden naar een van onze verjaardagen. Toen Henry tegen 4 uur voorstelde om weer op Hattem aan te gaan waren Ben en Niesje daar nog niet aan toe. Meestal werd het bij hen pas  na het Sportjournaal. Zo ook die keer…

Verjaardagen… Meer lezen »

Niet hoe lang, maar hoe je leeft…

Soms denk ik wel eens  hoe lang krijg ik nog in dit leven. Ken je dat? Komt dat omdat ik nu de 80 gepasseerd ben? Om me heen vallen mensen als brandhoutjes om, sommigen veel jonger dan ik. Vader Hendrik Jan overleed aan de gevolgen van een motorongeluk op 35 jarige leeftijd en mama kreeg op te jonge leeftijd kanker waar in die tijd nog weinig tegen te doen was.

Ik herinner me nog steeds de zin van neef Jan die net als veel andere neven en nichtjes onze moeder kwamen bezoeken. Stuk voor stuk waren ze gespannen voor ze naar haar toe gingen en kwamen op een speciale manier toch blij haar slaapkamer weer uit. Neef Jan sprak toen deze woorden die me altijd zijn bijgebleven: ‘Het is niet belangrijk hoelang je leeft maar hoe je leeft’. 

Ik heb lang contact met Jan gehad. Hij zocht ons nog op aan het Schoolpad, vooral wanneer ze met bridgen in de buurt waren. Vaak dacht hij nog terug aan zijn tienerjaren. Hij was de laatste die vader Hendrik Jan in het Zutphense ziekenhuis had opgezocht toen hij uit school kwam( jan. 1946). Net als oom Bram die hem vertelde dat in datzelfde ziekenhuis zoon André geboren was. Even later was Hendrik Jan er niet meer, longembolie. Jan moest me later regelmatig vertellen dat hij op de Haar m’n luier nog verwisseld had. Het was oorlog en de beide jongens, Henk en Jan Harwig, kwamen dan vanaf de Ruurloseweg langs de spoorlijn naar de Haar gelopen voor een bordje roggemeelse pap. Een paar jaar terug, toen Jan wist dat hij niet lang meer zou leven, belde hij me op om afscheid te nemen. Zo bijzonder.

Foto: Hier is Jan al heel zorgzaam voor zijn kleine broertjes..

Niet hoe lang, maar hoe je leeft… Meer lezen »

De tuin

Een paar jaar geleden hadden we het op de Boomgaard over de tuin zoals die vroeger door opa Eggink voor Hein en Hanna was aangelegd. Het is duidelijk dat er een echte liefhebber aan het ontwerpen was geweest. Hij was dan ook gedurende zijn werkzame leven altijd tuinman op kasteel het Medler. Ik heb die tuin in Franse stijl altijd prachtig gevonden en was dan ook wat ontzet toen die tuin verdween en er ineens er een gazon kwam met border èn een echte gazonmaaier. Dat was ìn tijdens de 60er jaren en mama wilde ook graag zo’n mooi gazon, vooruit met een paar perenbomen. Joke heeft die voortuin in de jaren 80 weer enigszins aangepast met buxusvakken.

Johan vroeg me toen om die tuin nog eens te tekenen en ik begon met dit schetsje. Het belandde tussen een stapel papieren en pas geleden vond ik het terug. De indeling met de buxusheggetjes lijkt me duidelijk.. Ik herinner me de prachtige rozerode rozen in het midden, de oranje montbretia’s die steevast Willemientjes genoemd werden en de baardirissen waarvan er nog steeds nazaten in onze tuin staan. Mijn uitzicht vanaf de studeerplek op onze slaapkamer was op die tuin met de stoere notarisappelboom en de Haagjes. Ook de schapenkop hortensia’s, keurig symmetrisch aangeplant deden het goed. De morellenbomen vond ik minder, niet om aan te zien en nog minder om te proeven. Ze werden wel gebruikt voor de bowl, samen met de spekkersen. Vlakbij het kippenhok stond ook nog een kersenboom met vogeltjeskersen. Ze waren in de veronderstelling dat de vogels die zouden nemen in plaats van de sappige spek-, mei- of de super donkere zoete Spaanse kersen. Mis! Vooral de spekkersen werden gekoesterd door moeder Coba, ook voor de bowl. Terwijl er in de boom met Spaanse kersen Doris ( een vogelverschrikker in een oude kiel van pa) de wacht hield, werden er drastischer plannen bedacht om de spekkersen te redden van de vraatzucht der spreeuwen. Er kwamen van die aluminium strips in te hangen, die door geflikker van zon en geritsel in de wind de vogels op afstand zouden houden. Het was niet afdoende. De laatste truc was opa. Opa Bijenhof werd op zijn oude dag onder de kersenboom gezet en kon dan bij een nieuwe aanval aan een touw trekken om de bel te luiden die bovenin hing. Zo werd de bowl samengesteld uit rode, witte- en zwarte bessen, spekkersen en morellen, perziken en pruimen. Waarom mama er ook nog plakjes banaan in deed is me nog niet duidelijk, zal de bowl wel zoeter maken. De moestuin kwam ergens anders en zolang pa op De Boomgaard kwam bleef die bestaan. En de fruitbomen? Johan houdt de oude rassen in ere en de eerste oogst van de spekkersen werd al verdeeld onder de campinggasten.

De tuin Meer lezen »

Verleden tijd

Zo zag het centrum van Vorden er uit in 1938 in de tijd dat de Lamito tentoonstelling gehouden werd en de film gemaakt. In de boerderij aan de overkant woonde in de 50er jaren schoenmaker Visser waar we regelmatig schoenen naar toe brachten voor reparatie. Er hing zo’n aparte lucht van leer en andere niet te omschrijven geurtjes.

Kom nu eens op die plek. De Rotonde- heet het nog zo?- is er nu gevestigd die druk bezocht wordt door zowel Vordenaren als vele toeristen. De Rotonde was in die begintijd- 1960 ?- een vreemde naam in Vordense kringen. Ome Wim uit de Wildenborch legde ons de weg eens uit hoe je in de Gallee straat kwam: “En dan gao-j bie-j de Rotronde rechtsaf…”.

De boom, de meest rechtse, was die waarbij wij ons verzamelden voor de groep die naar het Baudartius in Zutphen vertrok. Er reden telkens twee jongens voorop om de groep te trekken. Vaak waren dat Uiltje Woudstra en Wim Ruiterkamp. Ik denk toch wel dat we met een man of 25 waren. Gezellig! Ook Miep van Keulen en Marguerite Mackay uit Hengelo reden vaak met ons mee. De groep voor de MULO stond iets verderop te wachten.

Waren we eenmaal bij Het Graffel, sloegen we linksaf het bospad in en ging dat verder langs Warnsveld naar Zutphen…

Verleden tijd Meer lezen »

Huisbezoek

1963-Mijn eerste klas in Hattem had 43 leerlingen. Ik werd in het diepe gegooid en het ging. Al had ik de afgelopen 2 jaren wel stage gelopen, nu werd het pas echt. Het bleek een mooie tijd, maar het was wennen dat ik niet meer thuis woonde. Ik had een stoer plan om maar eens in de maand thuis te komen. Ik was immers volwassen. Maar de werkelijkheid was dat ik elke vrijdagmiddag om kwart over vier bij de bus stond met mijn weekendtasje en maandagmorgen vroeg opstond om regelrecht door naar school te gaan. Ik miste alles, mijn familie, de dieren, de boerderij en vooral ook het uitzicht. De vrijheid om van je af te kunnen kijken, maar vooral een thuis.

Dit had ik van mezelf nooit gedacht, ik was toch al 19 en dus volwassen. Ik had nog het geluk dat ik een kamer had in het gezin van mevr. Sobering en haar al grote kinderen, maar toch! Langzamerhand begon ik me thuis te voelen in Hattem. Ik ging op huisbezoek en leerde de gezinnen kennen waar ‘mijn kinderen’ in opgroeiden. Zo ging ik op een dag na schooltijd bij de fam. Sterk op huisbezoek.

Pa Sterk was militair en zat achter de eettafel met z’n modeltrein te spelen. Huisbezoek was voor moeder! Mevr. Sterk was een vrolijk typje en schonk mij alvast een kopje thee in. Het was een groot gezin, deze fam. Sterk. Wim zat in mijn klas en met z’n jongere broertje waren ze nakomertjes. Ze hadden zelfs al getrouwde zussen. Toen kwam broer Jan binnen, 16 jaar oud. Hij kwam net terug van de judo, zo vertelde hij. ‘Ja, ik heb de zwarte band met judo en ik kan iedereen op de grond leggen’, zei Jan.  Dat kon ik niet over mijn kant laten gaan, zo’n verwaand kwastje! ‘Misschien wel veel, maar niet iedereen’, zei ik.
Deze Jan was maar een schriel kereltje.
‘Ja, ècht wel’, beweerde hij.
‘Ik weet zeker dat je mij maar zo niet op de grond krijgt!’. Wat een verbeelding had die knul!

‘O, dat zal ik je wel laten zien’, zei hij toen.
Moeder Sterk moest wel lachen en maakte ruim baan toen ik in de benen kwam. De salontafel werd verschoven  en Jan probeerde me meteen maar met een ingewikkelde heupworp  te vloeren. Dat lukte in eerste instantie niet, want ik was in die tijd behoorlijk sterk. Hij veranderde van tactiek.
Ik weet niet meer waardoor, maar ineens vielen we met z’n tweeën tegen een boekenkast met glazen ruitjes. Het glas rinkelde en vloog ons om de oren.Uit een ooghoek zag ik pa Sterk overeind komen, de bril op het puntje van zijn neus en hij begon te bulderen van het lachen.
Hoewel ik aanbood om de schade te vergoeden werd het afgedaan met : ‘Ach zo’n ruitje, ha ha ha……!’
Ik weet niet meer of ik dit bijzondere huisbezoek aan het hoofd der school dhr Aartsen gemeld heb? Ik denk ………….. van niet!

Uit: Uit het Leven van een Achterhoekse in Drenthe

Huisbezoek Meer lezen »

Kieftenbos

Joop vertelde verder over het door opa Eggink ontgonnen grond het Kieftenbos waar  de Boschheuvel op gebouwd werd, perceel 133. Tante Dika en Ome Hendrik woonden er met hun gezin.
In de oorlog hebben mijn vader en moeder naast dat huis hun huis willen bouwen, het grondwerk was al gedaan, maar toen waren er geen pannen te krijgen en toen die er wel waren kregen ze geen stenen. Het was oorlog en toen ze in 1942 trouwden konden ze ‘Top’ huren en later overnemen.
De tekening van het huis is er nog en ik weet dat heel lang nog het gat in de wei zat waar de fundamenten in moesten worden gebouwd. Toen de Wildenborch is verkocht zat Brants op het kasteel en de opa (Willem Bannink) van Anneke Rossel woonde op het koetshuis. Hij heeft toen van Brants een stuk grond kunnen kopen voor een heel schappelijke prijs, waar toen de boerderij op is gebouwd.
De donkere plek op de foto komt door de schaduw van degene die de foto’s nam van de originele tekening, ongeveer 2m x 2 m., die Hendrik Jan Meulenbrugge in zijn bezit heeft.

Kieftenbos Meer lezen »

Opa en de botterfabriek

Wat een foto al niet teweeg kan brengen. Ik wist niet beter of opa Eggink was in zijn jonge jaren melkrijder geweest voor de ‘botterfabriek’ De Wiersse. Het was ook een mooie duidelijke foto, alleen de naam van de melkfabriek was niet te lezen. Ik kreeg een mail van Jacob van Zuivelhistorienederland over de foto, want hij had foto’s van later datum en die zag er wat anders uit. Ik keek eens naar de foto’s die Joop uit de Lamitofilm had gemaakt en ja… ik zag ook wel verschil, maar dat was ook 20 jaar later.

Tot Joop zus Erna en broer Reini sprak op een receptie. En toevallig kwam de zuivelfabriek in de Wiersse in het gesprek voorbij. Joop was er daarvoor nog geweest met zijn ‘Rosalie’. Reini dacht het te weten. Hij vertelde dat opa melkrijder was geweest voor de zuivelfabriek De Lijster aan de Schoneveldsdijk, vlakbij de smid. Het huis heet nog steeds de Lijster en Reini heeft persoonlijk gezien dat de pekelbaden zich nog steeds onder dat huis bevinden. Het raadsel is dus opgelost. De fabriek heeft niet zo lang bestaan. In 1909 is het al gesloten. Opa zal toen ook geen tijd meer gehad hebben om melk te rijden. In 1909 woonden ze net op hun nieuw gebouwde boerderij De Boskamp en werd er nog druk ontgonnen. Opa en zijn zwager Berend hadden stukken bos van kasteel de Wildenborch gekocht en beiden ontgonnen het voor hun eigen bedrijf. Toch blijkt dit de Zuivelfabriek op De Wiersse te zijn waar zowel werknemers als aanleverende melkrijders te zien zijn op deze foto.

Ook deze foto is straks te bewonderen in het ‘Fotoboek rondom de Familie Eggink’. En mocht je nieuwsgierig zijn wie Johan Eggink is? Volgens ingewijden is dat de man achteraan die zijn been zo schuin opzij neerzet.

Opa en de botterfabriek Meer lezen »

Chr. Nat. School met den Bijbel

‘He-j hier nog wat an?’. Henk Braakhekke was aan het opruimen. Veel oude blaadjes en rekeningen had hij blijkbaar bewaard voor je weet maar nooit. Maar als je kleiner gaat wonen moet je vanzelf inkrimpen. Elk jaar als we hen eens opzochten had hij weer wat voor me, soms fotomateriaal of zoals die keer wat oude blaadjes. Deze is ter ere van het 25 jarig bestaan van de Chr. Nat. School die later de naam School met den Bijbel kreeg en later gewoon School op het Hoge. Ik heb het een tijdje laten liggen en kom dit nu weer tegen. Ik besef dat onze eigen ouders nog niet eens geboren waren. Toch een mooi aandenken aan die ‘goeie ouwe tijd’.

Wij hebben alle vier deze school bezocht en vele Bijenhofs.

Over bijzonder gesproken. Het programma hield heel wat in naast die schrijven van oud- onderwijzer C.F.C. Bösecke op de achterkant van dit blaadje. Zo vermeldt het dat jonker Van den Borch als kind de eerste steen had gelegd.

Wat mij echter het meest trof was dat er een ‘hartelijk schrijven’ was van de zes broers Levenkamp die naar Amerika geëmigreerd waren. Zij hadden ook deze school bezocht.

Onze oom Herman die dit jaar 1904 geboren is zou hen later volgen en steeds contact met hen hebben gehad. Ook opa Eggink heeft een aantal van hen bezocht in Zuid Dakota toen hij in 1932 een half jaar bij Herman en Nettie doorbracht.

Zo mooi om dit dan onverwacht tegen te komen.

Chr. Nat. School met den Bijbel Meer lezen »

Een dagje uit naar Johan…

Johan Harwig woonde in een zorginstelling in Ermelo. Hij was gek op zijn tante Coba. Hier is ze met tante Riek, Hennie en Wim mee op bezoek, zelfs ook met tante Janna. Ik herken onze blauwe Opel.

Mama, Johan z’n tante Coba waar hij zo gek op was, neemt natuurlijk de foto. Ze zal ook wel iets gezegd hebben waardoor Johan er zo ontspannen voor gaat staan. Samen een dagje uit, samen naar Johan in Ermelo…

Een dagje uit naar Johan… Meer lezen »