Weblog2

Het Heisje van Laborenz

Bijna aan het eind van ons avontuur dat begon met Ben en Riet gingen we vanzelf richting Badenhard. Vanaf onze vaste camping aan de Rijn in Sankt Goar begonnen we onze memorytour in Oberwesel, die Stadt der Turme und des Weines. De weg slingert zich van daar naar boven en we kozen voor de richting Urbar. Die gaat het dichtst langs de Rijn maar dan op behoorlijke hoogte langs de wijnvelden. We vonden een uitzicht punt waarbij je de bocht in de Rijn met zijn schepen goed kunt zien. We hebben hier vaker gezeten, maar nu op de eerste lentedag kon het weer niet mooier zijn dan nu. Via Urbar gingen we langs Badenhard en via Pfalzfeld naar Emmelshausen. Hier werd het tijd voor een stop om een supermarkt te bezoeken en een kop koffie te scoren. Dan verder via Hungenroth en Utzenhain naar Birkheim om uiteindelijk in Badenhard zelf te belanden. We moesten even wachten tot een scootmobiel aan de kant was en daarna maakten we het rondje langs het ‘Heisje’ van Laborenz waar we zo vaak mooie vakanties met de jongens hebben doorgebracht.
We stopten even bij boer Steeg en hij bracht net een kar met gier weg, de bekende gezonde lucht in deze tijd van het jaar hing overal. Natuurlijk moesten we koffie blijven drinken. Gerhard Steeg was toen als bijna 80 en nog steeds actief in zijn boerenbedrijf dat hij samen met zijn dochter runt. We hadden net uitgerekend dat het op een jaar na 40 jaar geleden is dat we hier voor het eerst kwamen. We haalden melk bij hen en zoals wij drie jongens hadden liepen bij Steeg vier meisjes rond. Voor de grap zeiden ze wel eens dat ze er wel één om wilden ruilen. We haalden herinneringen op en ik wist nog te vertellen dat wanneer we ’s morgens wakker werden Mark al vaak naar de boer was. Maar ook Gerhard en Rick gingen maar wat graag melk halen: ”Zwei Liter Milch bitte.”
Hoewel één van hun dochters boerin is geworden wilde geen van haar drie kinderen  het boerenbedrijf in.
Het werd onze laatste dag. Daarna weer richting Nederland en we hoopten dat Camping De Boomgaard nog een plekje voor ons zou hebben.

Enne…. Berend had gelijk! De Pommes en de Bratwurst waren weer geweldig bij de bekende Imbiss!

Het Heisje van Laborenz Meer lezen »

Terugkijken…

Het werd vandaag een dagje met ’terugkijken’ of misschien moet ik zeggen herinneringen ophalen. Ik kwam ineens een stukje tegen van onze winterse tocht met Ben en Riet naar Spanje. Begin februari tot eind maart 2011.

Voor ons was het een hele onderneming. Al lezend beleefde ik de hele reis samen opnieuw. Wat een verrijking waren deze twee trouwe vrienden in ons leven. Na ons gezamenlijk avontuur door Nieuw Zeeland waren we vrienden voor het leven geworden. Ben voelde voor Wim als een broer en Riet voor mij als een zus, zo eigen voelde dat.. Nu ze alle drie niet meer op deze aarde zijn kreeg ik vandaag al lezend het gevoel dat ze om me heen waren. Net op het uiterste puntje bij Murcia in Spanje kreeg Ben het bericht dat zijn zus die al ziek was hem toch nog graag wilde zien. En ze gingen, waren met de camper 21 uur later en 1200 km verder weer thuis. Wij maakten de reis al zwervend af, je zou dit deel een memorytoer kunnen noemen. We bezochten Piet en Marijke in de Morvan en al die andere plekken zoals Langres en natuurlijk ook St Goar en de Rijn en uiteindelijk zelfs camping De Boomgaard. Ik schoot telkens in de lach wanneer ik al lezend die rake uitspraken van Wim weer tegenkwam. Ben kon er trouwens ook wat van. We hebben meer tochten kamperend doorgebracht met Ben en Riet.

Ook op de Boomgaard en bij Ben en Diny waren ze kind aan huis. Toen Ben later ineens ernstig ziek bleek, zijn we met z’n zessen naar hen toe geweest. Heel bijzonder, deze vriendschap. Ben er zo dankbaar voor. Ik heb er intussen één verhaal van gemaakt. Misschien doe ik er nog wat mee. Het kostte me aan het eind van de dag een flinke huilbui. Het luchtte op…

Terugkijken… Meer lezen »

Emigranten

Gerda Rossel is er maar druk mee. Ze doet veel onderzoek voor Oud Vorden en dit keer verzorgt ze een expositie om de emigranten in beeld te brengen die vanuit deze streek hun toekomst in de USA probeerden op te bouwen. Ze heeft zelfs een brief van Herman kunnen traceren die hij schreef voor anderen om het overlijden van Nettie Levenkamp door te kunnen geven. Herman schreef veel naar zijn eigen familie. De brieven gingen van hand tot hand en van familie naar familie. Op bijzondere herdenkingsdagen of verjaardagen stond er altijd een grote foto op tafel van Hermans gezin zodat hij er op die manier toch bij was.

Deze brief stuurde Herman in 1977. Intussen hadden de Voortmans en Jan, Jantje en Hendrik Jan en Jo Groot Nuelends hen al opgezocht. In 1975 volgden ook mama en vader Hein met Sjoerd en Hermien Aartsen. Herman was toen al 72 en had zijn eigen verhaal ‘Goals in Life’ al geschreven voor zijn familie en daarna beschreef hij  zijn verschillende bezoeken aan zijn familie en de gezamenlijke tripjes die ze maakten, tot op hoge leeftijd. Hij mocht dik in de 90 jaar worden net als Bram, Dika en Hanna. Heintje spande de kroon met 103.

Emigranten Meer lezen »

De Haar

Als ik naar foto’s van heel vroeger kijk ontroert het me. Vooral de foto’s van de eerste tijd toen we nog op de Haar woonden. ( de plek waar de straat de Haar naar genoemd is). Ik heb er wel wat herinneringen aan maar weinig van de eerste paar jaren. Ome Sjoerd Aartsen met zijn vierkante zwarte boxje heeft ervoor gezorgd dat er foto’s uit die eerste jaren bewaard zijn. Elke zondagmiddag kwam de familie naar ons toe. Het was immers hun ouderlijk huis en opoe en opa woonden er. Natuurlijk zijn de enkele foto’s met onze vader Hendrik Jan er bij het meest bijzonder. Hij overleed na een motorongeluk toen ik 2,5 was en Diny nog een baby.

En altijd was er wel een huisdier bij. Opa en opoe hadden behalve een aantal koeien ook hondje Trixie, een paar katten, kippen, een konijn en schapen mèt een ram. Deze laatste had een driehoek van hout om zijn nek zodat hij niet kon uitbreken.

En dan was er die ondeugende haan. De laatste heeft me als kleuter zelfs een trauma bezorgd toen hij me op de schommel aanviel. Ik schommelde als een gek maar de haan vloog steeds hoger en hoger. Ik kon roepen wat ik wou om mama en opa. Het duurde een eeuwigheid voor ik gered werd. Mijn angst ging pas over toen we zelf hier aan het Schoolpad een haan bij de kippen hadden. Die waarschuwde ik meteen al: ‘Waart oe want as ie mien anvalt gao-j bi-j buurman Jans onder ’t dekseltje. Ze hebben me nooit aangevallen en we hebben heel wat hanen gehad.

Je ziet het hier, zo klein als ik was… de liefde voor dieren is me met de paplepel ingegoten

De Haar Meer lezen »

Eerste kennismaking…

Mijn allereerste kennismaking met Hattem dateert uit 1958. Ik was vijftien. Samen met Gerke ging ik logeren bij haar oom Jan en tante Bei. Oom Jan was de broer van onze oom Sjoerd, de kleermaker. Hij kon prachtig vertellen over een ridder, Heer Diederik. Tante Hermien liep niet zo met hem weg, want hij gedroeg zich soms alsof hij daar aan de Stationsweg nog thuis woonde. Als hij het koud had greep hij gewoon een trui van broer Sjoerd uit de kast. Tante Bei was vroeger verpleegster geweest en was een heel slank, bijna fragiel vrouwtje, maar heel hartelijk. Ze liep altijd op hoge hakjes.

Ze vertelde tijdens onze logeerpartij dat ze vroeger in de verpleging die hakjes eerst niet mocht dragen. Ze liep echter zo slecht op platte schoenen dat het toch toegestaan werd. Het zou me niet verbaasd hebben wanneer ze een freule geweest zou zijn.
In de grote vakanties kwam de familie vaak met de fiets naar Vorden. Ze logeerden dan bij opa en opoe Aartsen. Die woonden vlakbij de kleermakerij aan de Julianalaan. Deze keer gingen we dus met hen mee op de fiets.. We fietsten over Deventer, daar gingen we de brug over en verder over de Werverdijk langs de IJssel naar Hattem. Jan Gerrit was net zo oud als wij, Hans een paar jaar jonger.
Ik kan niet anders zeggen…het was een gezellige logeerpartij.
Die zondag zouden we ook mee naar de kerk, alleen… Gerke voelde zich  niet lekker. Tante Beitske bleef bij haar thuis en ik ging met oom Jan en de jongens naar de grote Hervormde Kerk. Op een gegeven moment kwamen ze onverwacht in de benen. Ik haastte me om ook te gaan staan, maar nee… dat was alleen voor de mannenbroeders. Ik schaamde me natuurlijk, want ik dacht dat iedereen naar me keek. Het was ook de eerste keer dat ik met een gastenboek te maken kreeg. Het werd verondersteld dat Gerke en ik daar iets in zouden schrijven. Het kostte toen enige zweetdruppeltjes, maar het is gelukt!
Het was al met al een leuk uitje en Hattem heeft een goede indruk achtergelaten. Toen ik 4 jaar later op de Kweekschool m’n diploma had gehaald en ik nog aan het denken was of ik wel of niet verder zou gaan voor de hoofdacte, belde oom Jan. Er waren drie vacatures op de Van Heemstra school waar hij ‘Hoofd’ was. En of ik zin had om te solliciteren.
En zo is het dus gekomen. Anders zou ik Wim nooit ontmoet hebben en zou mijn leven er zeker heel anders hebben uitgezien.

Foto:

In 1964 nam ‘oom Jan’ afscheid als hoofd van de van Heemstra school in Hattem om inspecteur van het Chr. Onderwijs in Gorkum te worden.
Dit jongetje heette ook Gerhard. Dat bracht me toen ik in verwachting was op het idee om Gerard naar Gerhard om te buigen wanneer het een jongetje zou worden! In Vorden kende ik maar één Gerard en die liep altijd met dikke snotterbellen onder z’n neus!!

Eerste kennismaking… Meer lezen »

Buurvrouw Wolterdina

Onze buurvrouw Wolterdina is niet meer. Zeven jaar geleden overleed ze, 90 jaar oud. Je denkt dat het een mooie leeftijd is om dood te gaan, maar toch wil je er niet aan. Buurvrouw Wolterdina was een beetje thuiskomen voor ons, een band met mijn eigen verleden. We spraken allebei onze moederstaal. Voor haar was het Drents van hier en voor mij het Vordens van toen. Het maakte niet uit. Het Nedersaksisch breidt zich uit over het hele oosten van ons land en iedere streek geeft zijn eigen draai er aan. Zoals ik gehecht ben aan de Achterhoekse Spreukenkalender was zij het net als vroeger haar man Harm, aan de Drentse variant. In november brachten we die voor haar mee, meestal in de tijd dat Harm overleden was. Het ontroerde haar altijd weer. Harm en Wolterdina hadden zes kinderen, allemaal net zo verschillend als overal. Allemaal gek met moe.  Jans bleef op de boerderij wonen en later met Geesje in een chalet er achter. Elke morgen haalde Jans de krant voor haar uit de brievenbus, kwam telkens even kijken en ’s avonds om half 10 kwam hij zorgen dat ze goed ondergedekt in bed kwam. Al jaren ging dan de babyfoon in moeders slaapkamer aan en kon Jans iedere roep om hulp horen. Al was het midden in de nacht, Jans stond voor haar klaar. Hij stopte haar weer lekker onder. Tot die keer dat ze zomaar uit bed kwam, de babyfoon meesleepte en viel. Ze werd met een gebroken bovenbeen naar het ziekenhuis gebracht, geopereerd en ging ze later naar het revalidatiecentrum De Horst. Al gauw bleek dat ze alleen maar achteruit ging, terug naar huis was geen optie meer.  Ze begon in de war te raken. Een oude boom moet je niet verplanten, is een waar gezegde. Als het dan toch moet valt het niet mee. Wolterdina Wielens- Ties heeft een mooi leven gehad. Ze bleef haar leven in huis tot het laatst toe regelen met de nodige hulp van Icare. Elke donderdagmiddag ging Wim altijd even bij haar aan.  Elke maandagmiddag dronk ik samen met haar een kopje koffie en deelden we ons lief en leed. ‘Dat kan ik tegen je wel zeggen’, zei ze dan. En zo was het van mijn kant net zo. Dank je wel buurvrouw voor de mooie uurtjes samen.

Buurvrouw Wolterdina Meer lezen »