hetty

Een bijzondere zondag

Het was een bijzondere zondag. Jan Bronda nam afscheid als diaken en Petra ten Cate  werd bevestigd als nieuwe diaken. Beiden hebben al veel werk verzet voor onze gemeente. Het voelde feestelijk. Het was helemaal een kerkdienst die je bijblijft. Onze predikant Niespeter zorgde ervoor dat onze  zintuigen volop meededen.

De prachtige verbeelding van een manuscript uit de University van Edinburgh kwam echt binnen. Het kind in ons werd geactiveerd. Onze ziel in de vorm van een kind werd door de Godfiguur opgewacht. Wij gebruiken hier ook vaak een vlinder of een vogel voor. Ik zal nooit meer vergeten dat er de morgen na het overlijden van een goede vriend in de VS een witte duif onder de veranda zat. Daarna kregen ze pas het bericht van overlijden. En zo hoor ik ook wel dat er een vlinder ineens komt neerstrijken als er een geliefde overleden is. Nadat een vriendin overleden was gingen de kinderen op vakantie en kwam er zomaar even een roodborstje bij hen in de tent. ‘Kijk dat is mama’, wisten ze meteen. Na het overlijden van Mark hadden we vaak een kaars aan die meteen begon te flakkeren. Het voelde fijn, een soort troost, zoiets van: je ziet me niet meer maar ik ben er wel….

Ook het napraten  bij de koffie is een mooie afsluiting van zo’n zondagmorgen. Mirjam schoof naast me met haar elektrische rolstoel en we hadden een prachtig gesprek. Ze bleek net als Rick ook op een Mytyl school gezeten te hebben en daarna  was ze ook naar het internaat Werkenrode in Groesbeek gegaan voor een verdere opleiding. Ze staat midden in het leven en kan genieten van de kleine dingen.  Het spontane van een kind is nog volop aanwezig, een voorbeeld voor iedereen.

Die middag zat ik samen met Gerhard en Rick aan de koffie. Zo’n dag kan niet meer stuk!

Een bijzondere zondag Meer lezen »

Hanen niet toegestaan…

Gelezen in de Scottish Farmer

Fowlty Towers

Net als bij ons is ook in Groot Brittannië heel wat veranderd in de kippenhouderij. Vroeger stond er bij elke boerderij een kippenhok en scharrelden de kippen vaak nog rond op het erf. Hierdoor werden ze zelf van eieren voorzien en verdween er regelmatig één onder het dekseltje zoals onze buurman Jans dat zo plastisch kan zeggen. Elke week ging er bij ons op de Boomgaard een speciale eierkist vol naar de coöperatie. Dat was vroeger! Nu heb je grote legbatterijen met wel of geen uitloop voor de kippen en hebben de boeren geen gemengd bedrijf meer maar hebben zich toegelegd op akkerbouw, veehouderij, varkens- of kippen.

Maar als hobby is het houden van een paar kippetjes in Engeland nog nooit zo populair geweest. In Groot Brittannië zijn er op dit moment 700.000 van deze kippenhouders. Nu heeft een dame in Kent een gat in de markt ontdekt: Fowlty Towers, een soort hotel voor kippen waarvan de eigenaars op vakantie zijn. Voor 7 pond per nacht wil ze wel tot voor 7 kippen zorgen. Het slaat wat opbrengst betreft de verkoop van eieren. Het heeft slechts één schaduwkant: hanen zijn niet toegestaan.

Hanen niet toegestaan… Meer lezen »

Ach… die tegeltjes…

We hadden één hele luie stoel. Die stond bij het raam in de achterkamer aan het Schoolpad. Vanuit die stoel kon je lekker tv kijken of zoals toen telefoneren. Die keer jaren terug had ik Anda aan de lijn en we moesten héél lang bijpraten. Wat mis ik ook haar nog steeds. Ze was druk. Druk met klussen voor haar werk en met Dick ging ze een weekendcursus moderne kunst volgen. Ze was ook nog vrijwilligster bij de Schouwburg, hield alle contacten met vriendinnen bij, paste regelmatig samen met Dick op Britt en Lynn. Dat zijn intussen ook tieners en Lynn heeft zelfs met haar volleybalteam landelijk succes behaald. Ze hadden hun plannen toen al klaar om  nog weer naar hun pied à terre in la douce France te gaan. Bovendien stond er een huttentocht door Noorwegen op stapel. En bij dit alles bleef ze de rust zelve.
Suze had zich die keer bij mij op schoot genesteld. Van hieruit had ik goed zicht op de muur tussen de beide benedenkamers met openingen voor een brede doorgang en een raamopening zonder glas, beiden omrand door zware bruine balken. Ik vertelde die keer  aan Anda dat Ben en Diny hier waren met Wims verjaardag en Ben onze benedenverdieping eens aan een kritische blik onderwierp. We hadden wel eens gezegd dat de trap niet zo handig zou zijn als je ouder wordt en de keuken… nou ja. Ben keek nog eens en kwam spontaan met een verbouwingsplan. “As ik oele was en ik wol iets veranderen… dan ging de hele schosteenmantel met de bozem d’r af. Den gebruuk ie-j toch niet. En dan maken ik de kökken tegen de mure van de kamer an. Ie-j mot es zien wat een ruumte da-j dan kriegt. En…. a-j niet wet wa’j dan met dee tegeltjes an mot die d’r noe inemetseld zit dan heb ik d’r nog wel een plaetsken veur.”
Ben is van het antiek en weet er ook veel van. In het Drents museum hebben ze deze tegeltjes ook in dezelfde kleur. Behalve de schrijfmachine van vader Hendrik Jan en een koperen olielampje van de Kringloop is dit het enige wat je onder antiek kon rekenen in dat huis aan het Schoolpad.
Maar ja…. ik heb een gruwelijke hekel aan verbouwen. In Hengelo ging er eens één muurtje weg tussen benedenkamer en keuken. Je wilt niet weten wat voor een puinhoop dat was.
Nee…de keuken werd daarna stukje bij beetje voorzien van nieuwe apparatuur. Verder vond ik het goed zoals het was.

Nu staat het Schoolpad er verlaten bij en zal afgebroken worden. Maar die tegeltjes…?? Zal ik toch eens vragen aan de gemeente…

Ach… die tegeltjes… Meer lezen »

Het Huis van Heden

Het werd ook nu een bijzondere V en T middag met Sjoerd Blank die ons kwam vertellen over het Hospice hier in het bos aan de Markeweg in Emmen: Het Huis van Heden, ook wel het Bijna Thuishuis genoemd. Na zijn lange loopbaan in de chemie werkt hij hier al jaren als vrijwilliger net als de andere 65, waaronder ook verschillende van onze Schepershof gemeente, en met slechts 2 betaalde krachten. Hij vertelde met verve en beantwoordde graag de vragen die kwamen. Over het Huis van Heden, deze kleinschalige zorgvoorziening met 5 gastenkamers, allemaal met een bomennaam, over het vieren van het leven, èn over humor, ook hier in dit huis. Over het zelf de regie kunnen houden.

Sjoerd vertelde ook dat dit werk hemzelf ook veranderd heeft. Hij hield vroeger niet zo van aanrakingen en dat is tijdens dit werk helemaal veranderd.  Vol enthousiasme  vertelde hij over dit mooie zelfvoorzienende gebouw en over de Tineke Heeresbank in de tuin. Zij was de oprichtster van het Huis van Heden hier. Van alle 5 kamers vindt Sjoerd de eikenkamer het meest bijzonder. Hij vertelde over de spirituele dame die hier verbleef en af en toe niet gestoord wilde worden omdat ze mediteerde. Dan was er ‘de stip’ die te zien bleef na het overlijden van een dame zolang er nog geen nieuwe bewoner in de eikenkamer was. Sjoerd vertelde over het koppelbed naast de dame met het roze strikje om haar been (had ze op haar trouwdag ook gehad). Waarom zulke bijzondere dingen juist in deze kamer? Sjoerd wist alleen dat precies op deze plek het houten onderkomen van Staatsbosbeheer had gestaan en dat daar een van hen , een man die vaak een dikke sigaar rookte, was overleden. Via Acanthis kun je een introductiecursus volgen. Alleen een terminale indicatie is nodig om in aanmerking te komen voor opname. Sjoerd eindigde zijn indrukwekkende verhalen met  een mooi gedicht en werd door Petra hartelijk bedankt.

Het Huis van Heden Meer lezen »

Eekhoornverdriet

De meeste verhalen op deze website zijn van mijn hand en brein, maar soms kom je iets tegen van een andere schrijver waarbij je een glimlach niet kunt onderdrukken.
De baron van de Wientjesvoort was een bijzondere verschijning. Hij werd door zijn omgeving dan ook vaak Mozes genoemd. Maar dit verhaal van een voormalig Vordense politieagent is iets heel bijzonders. het deed me zelfs even denken aan het liedje van de Achterhoekse groep Boh Foi Toch over ’t hundjen van Jantje …
Nou ja… lees het maar. Op een of andere manier maakt het je dag weer goed…:

Eekhoorn verdriet
Soms schiet me nog wel eens een mooi verhaal te binnen als ik denk aan m’n politietijd in het prachtige Vorden. Wij kwamen functioneel nog wel eens bij Baron von Mengden (eigenlijk was het gewoon een Duitse Freiherr en helemaal geen baron) op de Wientjesvoort. Daar werden we altijd hartelijk ontvangen door de heer en mevrouw. Op een keer kwamen wij daar en mevrouw kwam opgetogen naar ons toe. Ze had iets bijzonders te vertellen. In het half Duits vertelde ze dat ze een eekhoorn jong had, die wees bleek te zijn. Ze had het beestje moederziel alleen aangetroffen en opgevangen en ze ging hem (of haar) verzorgen totdat hij/zij groot genoeg was om zelfstandig de bomen in te klauteren. Maar ze bewaarde het beestje op een wel heel bijzondere plek, een plek weliswaar waar menig jong pasgeboren grut zicht thuis zal voelen, haar boezem. Ze liet het ook vrijelijk en trots zien en tussen twee fors uit de kluiten gewassen Coberco trommels, precies midden in haar decolleté, zag ik een bruin klein pluisje huizen. Wat was dat een mooie aanschouwelijke aanblik. Ietwat beschaamd draaide ik mijn hoofd weg om het maar niet zo te laten lijken dat ik zou staren. In de auto praatten Jan Luimes en ik nog wat na over dit voorval. Ruim een week later kwamen we daar weer. Niet omdat we nieuwsgierig waren of om nog andere redenen, maar gewoon… je weet wel gewoon… Maar wat een teleurstelling. Mevrouw Von Mengden was in tranen en bijna ontroostbaar. Wij vroegen bedremmeld naar de reden van deze moodswing. Wat bleek. Mevrouw moest op een dag het toilet schoonmaken. Haar petekind zat zoals ze dat eerder aan ons had laten zien, nog steeds veilig in haar boezem. Gebukt stond ze voorover om het privaat schoon te boenen en precies op het moment dat ze doortrok, viel haar lieveling in de pot en verdween voor eeuwig in het riool van Wientjesvoort. Menig een kan zich voorstellen wat dit voor haar heeft betekend en ook een beetje voor ons.

Leendert Lodder.

Foto: Henk Braakhekke

Eekhoornverdriet Meer lezen »

Columns

Tegenwoordig lees ik gegarandeerd elke dag de column van Herman Sandman, een Groninger uit het veengebied. Ik waardeer hem zeer. Het is een kunst om elke dag met een nieuwe column te komen. Vroeger hadden we Jaap Kwak die in ons eigenste Dagblad van het Noorden een dagelijkse leuke column schreef. Daarna was er een aantal jaren elke dag Jan Wierenga en in de zaterdageditie Daniel Lohues.. en van die laatste geniet ik elke zaterdag nog steeds. Volgens mij woonde Jan Wierenga net als Daniel hier ergens in de buurt want hij beschreef vaak mensen en situaties in deze streek. Maar die morgen had hij in zijn column de nieuwe koninginnetjes te pakken. Zijn vrouw vond dat de beide koningen van de Lage Landen geen gekke keus hadden gemaakt met hun koningin. Hijzelf zou liever voor een andere gaan. Volgens hem is seksuoloog Goedele Liekens eigenlijk de echte vorstin, die haar onderdanen van de beide landen oproept om vlijtig de bijslaap te praktiseren om zo positieve energie te tanken. Toen zijn vrouw een wat vragende blik op hem wierp, vulde hij aan: ’Maar jij bent mijn eigen koninginnetje!’, waarop hij even bij zichzelf dacht: ouwe slijmbal!

Ik mocht graag Wim nog even uitdagen en zei die keer met een zucht tussen neus en lippen: ’Zo heb ie mien nog nooit enuumd… mien koninginnetje…..’ En ja hoor, meteen volgde: ’Dat zal ok niet gauw gebeuren… dan ku’j mien wel wegdragen’. Nee Wim was niet van de woorden. Hij gruwde ervan als hij woorden hoort als schatje, lieverd, of helemaal verschrikkelijk …. honnepon! Hij had een eigen vocabulaire, dat wel……maar daar ga ik het niet over hebben…

Nee.. ik mocht niet klagen…..

Columns Meer lezen »

Moespotcafé

Misschien hebben jullie het gemerkt… ik hou van streektaal en natuurlijk in het bijzonder van het Achterhoeks. Daar ben ik mee opgegroeid en het voelt nog steeds als een verrijking al zou je dat niet zeggen als je weet dat we met onze jongens altijd Nederlands praten. Dat heeft vooral te maken met ons als zwervers, al bleef dat toch vooral in het oosten van Nederland. Vanuit Hattem vertrokken we naar Aalten , daarna naar Hengelo (O)en toen naar Drenthe. Hier in Drenthe waar we toch het langst wonen was het vooral een pluspunt dat ik gemakkelijker met de Drentse buren in onze eigen taal kon blieven praoten. Dat voelde van beide kanten heel vertrouwd. Ik weet nog dat iemand met buurvrouw het over de armoede in deze streek wilde hebben en met name de eigen buurt. Hijzelf kwam uit het westen. Buurvrouw liet tegen hem niet alles los. ’Och’, zei ze tegen mij, ‘ik kan et jou wel zeggen, maor tegen um zeg ik niet alles. Ik kiek wel uut’. Ik vond het een eer.

Gisteren was ik voor het Moespot café in Vorden. Het was in het Kukturhuus, het vroegere gemeentehuis waar onze ouders en ook Ben en Diny nog getrouwd zijn. Het was ’s middag dus kon ik even langs Eefde voor een kopje koffie en bijpraten. Mooi begin van de dag.

De Moespot is een uitgave van het Verbond van Nederlandse dialectkringen. Daar waren een paar lezingen over het Achterhoeks met een muziekje tussendoor. Veel van de Moespot schrievers  waren paraat en zo hadde wi-j tussendeur aardig wat te praoten. ’t Smaken mi-j naor meer van disse gelegenheden. ’t Was ok nog mooi weer en niet druk op de weg. Zo was het wat mi-j betreft weer een goeie oefening achter ’t stuur.

En ’t was de moeite weerd. Behalve muziek tussendeur krege wi-j van André van Gessel uutleg aover ’t schrieven van een column. Vrogger bi-j  Carmiggelt neumen ze et ok wel cursiefjes, in zien geval Kronkels. Nou ja, noe bunt et columns. As ’t ene mien een complimentjen gif aover mien column veul ik mien al zeer vereerd. Mien stukskes neumen ze columns!

 Maor noe ging et  oaver de opbouw van zon column: onderwerp, welk perspectief.  en … is et vertellend of kritisch. ‘t Ging aover aover de anleiding, een middenstuk en ’t slot of de conclusie. En… veural kort bi- oewzelf blieven.

De andere laezing ging aover ’t uutgeven van oew werk. Derk Jan Rouwenhorst van de Achterhoek Uitgevers vertellen wat d’r allemaole aover ’t uutgeven van buukskes bi-j kump kieken en waor a-j allemaole an mot denken… Dus weer heel wat eleerd…

Moespotcafé Meer lezen »

’t Kon minder…

‘Do you love me, Michael?’, klinkt het ineens in het badhokje naast me als ik me in mijn badpak hijs. ‘Ehhh..?’ ‘Do you love me… a little bit?’, klinkt het opnieuw. ‘Yes’, hoor ik dan een jongen zeggen. ‘Ja.. ik kan wel een beetje Engels… a little bit …’ Dan hoor ik haar er meteen met een extra lief stemmetje er achteraan vragen: ’Michael,… heb jij ook een pakjesdrager?’ ‘Neu…‘, antwoordt dezelfde knul.

Dan probeert ze het nog eens, nu bij een meisje:’ Chantal… heb jij een pakjesdrager?’ Een andere meisjesstem klinkt verbaasd. ‘Wat is dat nou weer… een pakjesdrager?’ ’Nou gewoon een pakjesdrager voor achter op je fiets, waar iemand op kan zitten’. ‘Oh…., je bedoelt een bagagedrager… ja die heb ik. ‘ En het lieve stemmetje neemt haar kans waar: ’Mag ik dan straks wel bij jou achterop je pakjesdrager?’ Het is een groep van het Carmel College die net hun uurtje zwemmen erop heeft zitten voor ons aqua joggen begint. Ik weet niet meer of ze bij Chantal op de pakjesdrager mocht… mee terug naar school, maar wel dat het een autochtone Drentse is. Net als ‘veel wonings’ en ‘Waar kom jij weg?’ en ‘Ja, dat mag wel’ en ‘Dat ’s ja mooi ja’, zijn dat de hier als Hollands bestempelde uitdrukkingen. Ik mag het graag horen…… Als ze mij zouden vragen hoe het me na 30 jaar in Drenthe bevalt kan ik rustig zeggen: ‘Het kon minder…’

’t Kon minder… Meer lezen »

De Boschheuvel

A.L. Snijders, pseudoniem voor Peter Müller, de schrijver en ontdekker van het Zeer Korte Verhaal, is niet meer. Hij won er zelfs ooit de Christiaan Huygensprijs mee. Telkens als ik de weg van Lochem naar Zutphen reed, keek ik vanzelf naar rechts waar ik vermoedde dat hij ergens moest wonen. Deze geboren Amsterdammer voelde zich blijkbaar helemaal op zijn plek in deze streek. Hij was docent Nederlands o.a. aan de Politieacademie en ik weet dat die school in Warnsveld in Huis te Velde  een tijdlang gevestigd was. Ik herinner me hem uit de tijd dat we net in Emmen woonden en elke week een stukje van hem in het Dagblad van het Noorden las onder het kopje: A.L. Snijders waarschuwt de wereld nog één keer. Hij schreef graag. Wat dat betreft voel ik verwantschap. In zijn eerste echte boek met ZKV, 1992- Ik leef aan de rand van de wereld, stond die kop boven zijn columns. Hij had geen idee waarom ze die titel kozen bij het Dagblad van het Noorden, maar wilde er niet op reageren. Hij waarschuwt immers maar één keer.
Maar niet alleen daarom viel hij mij indertijd op. In een van zijn columns, voorbereiding op zijn bundel ZKV?, had hij het over namen die hij in de omgeving tegenkwam die niet leken te kloppen. Een ervan was de naam Boschheuvel op een huis dat niet op een heuvel stond. Nou dan heeft deze man niet goed gekeken, wist ik meteen.
De Boschheuvel was jarenlang het huis van onze ome Hendrik en tante Dika. Toen tante Dika naar een bejaardenhuisje in Barchem vertrok hebben ome Jan en tante Jantje er mèt opa nog jaren gewoond en ook nu is het huis nog in de familie. De grond is zelfs nog door opa zelf ontgonnen die net als zijn zwager ome Berend bosgrond van de Wildenborch had gekocht. In 1909 was boerderij de Boschkamp klaar en de 4e van het gezin Eggink, Heintje, is daar geboren. Begin jaren 30 werd de Boschheuvel gebouwd op een opgebrachte heuvel op een klein deel van de ontgonnen grond vlakbij een bosje, het Kieftenbos, en gingen Dika en Hendrik daar wonen.
Als ik aan A.L. Snijders denk, zie ik meteen de Boschheuvel voor me. Jazeker op een kleine heuvel.

Foto: Dika met Jan voor hun huis de Boschheuvel +/- 1935. A.L. Snijders zag de heuvel niet, maar het is er nog steeds.

De Boschheuvel Meer lezen »

Herdwicks, Schoonebekers, Gotland Pels of Wensleydales.

Ooit zagen we ze in de Yorkshire Dales, de Wensleydale schapen. Er is daar een Longwoolshop die we altijd even bezoeken als we in de buurt zijn. Onze vakantie begint of eindigt vaak in dit mooie gebied. We rijden altijd door het Swaledale, dan naar beneden over de Buttertups, heel hoog, waar we een stop maken om even bij te komen en daarna door het Wensleydale terug en eindigen in de aardige Longwoolshop. Daar liepen altijd een heel stel Wensleys, meestal geschoren, want onze vakanties zijn meestal in de zomer of september. Maar in volle glorie hebben ze een hele lange gekrulde vacht. We komen er niet weg zonder iets mee te nemen. Vaak is er een vacht om op een kruk of in een stoel te leggen. Wie ons huis kent weet dat er in elke stoel of bank wel een schapenvacht ligt met een herinnering.

Toen Rob ook zijn kudde uitbreidde met Engelse rassen hebben we ook Wensleydales in de wei gehad net als Gotland Pelsschapen en Herdwicks, allemaal even mooi. De Herdwicks nieuwsgierig en de Wensleydales brutaal, frech noemen ze het hier wel in navolging van onze oosterburen. Uitbrekers! Maar hun lammeren zijn zo prachtig, om te knuffelen zo mooi. Nu hebben we Schoonebekers of een kruising ervan in de wei, ook van Rob. Ze zijn krachten aan het verzamelen voor een nieuw seizoen.

Foto: En zeg nou zelf, deze Herdwick is toch bijzonder….

Herdwicks, Schoonebekers, Gotland Pels of Wensleydales. Meer lezen »