admin

Nog mèt knipmuts

Een laatste foto van de familie, nog zonder Bram, van onze opoe mèt knipmuts. Er zijn mu 9 kinderen en Mies, geboren in 1918, zit bij opoe op schoot.

Ik vraag me af of dit een foto is die gemaakt werd omdat Hanna binnenkort de deur uit zal gaan naar Diepenveen.

De kinderen staand van l naar r. Hendrik Jan, Herman, Heintje, Hanna en Dika.
Ervoor: Dina, Jan, Mies en Jo.

Nog mèt knipmuts Meer lezen »

Multicultureel

Ik heb altijd al van multicultureel gehouden, laat de natuur zijn gang maar gaan. Uit een gemengd huwelijk komen de mooiste kinderen. Mijn nichtje Henny kreeg verkering met een Molukse jongen en dat was in onze familie nog niet gebruikelijk. Mijn moeder vertelde ons: “Henny hef een zwatjen”. En dat bedoelde ze niet verkeerd. Ze kregen later inderdaad 2 mooie dochters.
Een paar Papoeajongens uit Nw- Guinea waren bij een oom en tante in huis tijdens hun studie. Ze zaten bij ons op het Baudartius lyceum. Ze zouden straks een belangrijke functie kunnen krijgen in hun land. M’n vriendin Anneke en ik hadden geregeld contact met ze. Anneke en ik hadden het er samen over om later na onze studie daar te gaan werken. Zij als verpleegster en ik in het onderwijs.
Tante Hanna sprak mijn moeder er op aan, dat ik voorzichtig moest zijn in de omgang met deze jongens, want hun cultuur…….enz. Dat zou toch erg moeilijk worden. Ik had geen plannen in die richting, maar we hadden wel erg interessante gesprekken en heb een plekje in mijn hart gehouden voor Nw-Guinea. Deze jonge Papoea’s hoopten toen nog dat Amerika Nw-Guinea zou komen helpen, maar zoals je weet heeft Indonesië het er nu voor het zeggen.
Daarom zorgen Wim en ik nu nog dat er een kind via de Stichting” Papoeajeugd naar school” naar het Voortgezet Onderwijs in Nw- Guinea kan gaan.
En…….zo hadden we ook multiculturele kippen. We hebben indertijd een prachtig stelletje Cochins gekregen van Henk en Anneke. Helaas zijn die door een loslopende hond te grazen genomen. Hendrik de haan had zijn hennetjes tot het laatste verdedigd. Ik word nog misselijk als ik er aan denk! Allemaal in de rug gepakt en doodgebeten. Dat was onze eerste tegenslag op dierengebied dan. Zulke natuur bedoelden we niet toen we hier gingen wonen.
Maar er kwamen nieuwe…Willen jullie een paar kippetjes en ….wij hebben een hele mooie haan over, een Flaverol. Dat was inderdaad een mooie, met pluimpjes aan de kop. En zo begon het. Buurman Jans had ook nog een paar krielkipjes in de aanbieding. En zo kregen we dus een multicultureel kippenbestand. De Flaverol, Herman, is niet meer, net als we Rieks, een haan met allemaal veren aan z’n poten, een lieverd. Eén van de krielkipjes liep later trots rond met 8 kuikens van Rieksie en andere hennen. Eigenlijk zijn het haar pleegkinderen, maar ze waakt over ze. Kom niet te dicht bij! En ja hoor, ook pluumpjes aan de kop èn veren aan de poten.
Intussen hebben we geen kippen meer. Tja… de vos, de steenmarter en een dikke ruigpootbuizerd…
Maar we hebben Storm, Dirkie en de goudvissen.

Foto: Sjaak en Wim uit Nieuw Guinea aan tafel bij de Voortmans.

Multicultureel Meer lezen »

Opa’s scheermes

Een stukje van opa’s brief aan Hanna uit 1932 toen hij bij Herman en Nettie verbleef in Iowa.

De mensen hier die wel eens met vakantie naar Holland zijn geweest, verwonderen zich erover dat ik het hier 6 maanden uit denk te houden. Nu beste zus, dit land trekt mij wel aan maar dan moesten jullie allemaal hier wezen. Maar nu gaat het mij zo: Als je bv een sik met een elastieken band aan een paal bindt, dan naarmate hij er verder vanaf loopt wordt hij harder naar die paal getrokken. Dit merk je eerst als de afstanden wezenlijk groot worden. Ik verlang telkens weer naar een brief van huis of van één van jullie. Dat zegt gisteren van Heuvelen nog tegen mij. Hij had toen in Holland wel eens gedacht: wat ben ik toch een verschrikkelijk eind van mijn vrouw en kinderen af en toch had zijn vrouw hem trouw twee maal per week geschreven. Maar gister nog zei hij tot mij: Als de tijden weer beter worden dan hoop ik Holland toch nog eens weer te zien, maar dan zomers en wat langer dan toen. Het is hier zo zus… wanneer de boeren een goed jaar hebben dan kraaien ze alweer. Dan kopen ze dure machinerie of ze gaan met een snoepreisje naar Holland. Bewaren kunnen ze het niet. Als je kon zien wat een kapitalen aan machinerie ze hier haast alle op het erf hebben staan. En dat zijn dingen die ze maar een paar maal per jaar nodig hebben en zouden ze ze niet hebben dan kwamen ze er even goed.

People here who once went to Holland are surprised to hear I will stay here for 6 months. So my dear sis Hanna, I do like this country vey much, but than I would have all of you with me here.
But now it feels like a goat on an elastic rope at a pole, as hard you are pulling the more you are wanting to go to that pole again. You realize it when you are such a long way from home. All the time I want to have a letter from home of one of you. Yesterday van Heuvelen said it to me: when I was in Holland I realized that I was such a long way from home, however his wife wrote a letter twice a week. But when I have a good summer I would like to see Holland again, but only in summer and a during a longer period.
Here it is like this, sis… when the farmers have a splendid year they buy new machinery or make a nice trip to Holland. They cannot save the money. When you could see all the machinery they have on their yard. Most of that they only need a few times a year and if they would not have them they could manage it all as well.

Opa’s scheermes Meer lezen »

Opoes knipmuts

De knipmuts van opoe uut Barchem. Het is een kunstwerkje op zich en ik vraag me af of ze dit van haar moeder geërfd heeft of zou ze dit zelf zo mooi gemaakt hebben. Ze was volgens mij de enige dochter.
Opoe Bijenhof heb ik nooit met knipmuts gezien. Ik weet wel dat haar schoonmoeder, onze overgrootmoeder waar moeder Coba naar vernoemd is, er wel eentje had. Opoe Bijenhof vertelde wel dat die zoveel haar had dat ze dat niet goed onder haar muts kon houden. Ik moet dan altijd aan ons nichtje Gerrie denken die ook zo’n flinke bos krullend haar had.

Opoes knipmuts Meer lezen »

Tante Jo en Erna met het mandje van opoe.

‘Ik durf het bijna niet te vragen….’ Ik kwam er net aan met m’n e-bike om naar tante Jantje en tante Jo te gaan. We waren een weekje op camping de Boomgaard. Johan wilde dit wonder op wielen dus ook wel eens proberen. Ik zette hem in de hoogste stand en daar schiet hij er vandoor. Hij sjeest er vandoor tot aan de kruising en weer terug en meldt: ”Noe snap ik dat Wim oe niet bi-j kan hollen”. Wim kon dat intussen ook met z’n eigen wonder. Net als Johan, die heeft een gewone fiets al omgebouwd tot e-bike.
Het is 2009 en we bezoeken die morgen tante Jo en vanmiddag werd het nog even op en neer omdat tante Jantje bij schoonzus Jo kwam om wat met haar te puzzelen en gezelschap te houden. Heel gezellig. Erna was een kastje vol nostalgie aan het schoonmaken en weer inpakken. Ik zag drie knipmutsen waaronder die van opoe Eggink, een tasje van tante Dina, scheermes van opa, poëziealbum van tante Dina, een babybloesje van haar broer Wim dat in de oorlog uit parachutestof gemaakt werd..
Het mooiste vind ik het mandje van opoe dat ze altijd bij zich had als ze op bezoek ging. Nu zitten er allerlei brieven en foto’s in. Een kostbaar geheel. Samen bewonderden we alles stuk voor stuk. Tot Erna’s schrik valt een vaasje van een koets op de grond… aan gruzelementen. Nee plakken is geen optie. ‘Mooi zo laoten, zol oom Bram zeggen’, was de reactie van Erna.
Ik mocht opnieuw weer wat meenemen om te scannen of te fotograferen. Dat is natuurlijk allang gebeurd.

Tante Jo leeft allang niet meer net als tante Jantje, tante Heintje en oom Bram. Maar wat hebben we een mooie herinneringen aan hen.

Tante Jo en Erna met het mandje van opoe. Meer lezen »

Te hinken….?

‘Ja als je ouder wordt komen de mankementen’. Ik zit met Rick om de tafel. Na zijn eerste kop koffie is hij druk geweest met bladblazen. En dat is heel wat hier aan het Schoolpad. Ik had afgelopen woensdag ook alo mijn best gedaan maar nu ligt alles weer bezaaid met alle soorten blad. En vooral op het terras moeten we dat niet hebben. Je glijdt dan gemakkelijk uit en voor je het weet lig je plat. Maar het blad van de notenboom is er bijna af. Het gaat ons inderdaad niet meer gemakkelijk af.
Dan komt het: ’Ìk loop ook al te hinken’, zegt Rick. Ik schrik ervan.
‘Wat is er met je been? Ben je soms al gevallen of heb je last van een enkel?’
Dan zie ik een twinkeling en ik weet het. Hij heeft me weer eens tuk. Hij zit te wachten op zijn tweede kop koffie, want op één been kun je immers niet lopen?
Die krijgt hij meteen. Het is vroeg donker en we gaan gezellig samen aan de Kip Siam. Zo gemakkelijk en snel klaar te maken. Ik doe er alleen veel groente bij in, eigenlijk alles wat ik over heb gehouden deze week. Een prei, een paprika, een ui en een flink stuk bloemkool. Er blijft een aardige portie over en die verdwijnt later in Rick z’n fietstas.
Gerhard was vanmiddag al eerder even aan geweest, DZOH moet voetballen en dat is altijd gezellig. Moet ook kunnen.

Foto: Twee weken geleden kon hij het nog met de hark af.

Te hinken….? Meer lezen »

Nichtjes…

Zoals Diny regelmatig nog contact heeft met Carin en Hennie, nichtjes van haar eigen leeftijd, had ik het met Gerrie en Gerke. Allemaal nichtjes van de Bijenhofkant, de familie van onze moeder. Gerrie bezochten we af en toe in Doornspijk, maar ze overleed een paar jaar geleden.
Gerke heeft met haar Wim al in veel delen van ons land gewoond. Van Heenvliet onder Rotterdam, naar Epe op de Veluwe, dan weer naar Hoek in Zeeuws Vlaanderen om tenslotte in Soest neer te strijken toen hij voor de NCRV ging werken. Dat krijg je als je als journalist voor kranten werkt.
Gisteren waren we bij hen in Soest en het contact was als vanouds, het voelt heel eigen. Onze moeders leken qua karakter ook erg op elkaar. We konden zo veel herinneringen ophalen en ook het heden uitwisselen. We hebben allemaal ons rugzakje meegekregen in de loop van ons leven en door naar elkaar te luisteren voelt het als troost.
Gerke is niet goed meer ter been en om haar Wim te ontlasten had mijn Wim zijn bekende mosterdsoep gemaakt en had ik er broodjes bij gesmeerd zodat we alle tijd hadden om van elkaar te genieten zodat niemand in de keuken hoefde te staan.
Ik had net een paar kleine lidcactusjes gekocht. Ik kon het niet laten, ze deden me denken aan de enorme lidcactus die op de Boomgaard tegen Kersttijd zo uitbundig bloeide. Echt een plant van vroeger. Ik nam er ook eentje mee voor Gerke, zodat we bij het zien van deze cactus elke dag even aan elkaar en onze moeders kunnen denken.
Haar Wim zag het plantje en meteen kwam het: ’Die had mijn moeder ook!’
Vanmorgen belde Gerke nog even. Ze had het heel fijn gevonden, net als wij. We houden deze bezoekjes er in.

Nichtjes… Meer lezen »

Wie het weet…

Wie het weet mag het zeggen. Ik herken tante Jo en haar nichtje Reintje Wesseling bij ….? Is het de melkfabriek? Of bij een boerderij waar melk verwerkt wordt. Ik was het even kwijt. Het zal omstreeks 1938 zijn.

Neef Joop had toen de oplossing. Hij had deze ook naar zus Erna gestuurd en die pakte de informatie van haar moeder Jo er bij.
‘Als je weer in de oude foto’s duikt laat het je niet los’, schreef Erna aan haar broer Joop. ‘Mamma heeft toen ze nog kon zien hele vellen volgeschreven over wie er allemaal op staan.’
Deze foto staat beschreven als ‘boterfabriek in Twisk’.
Ze hebben eens een fietstochtje rond het IJsselmeer gemaakt en in Medemblik bij een boer (fam Berkhout) om onderdak gevraagd.
Twisk hoort nu bij Medemblik.

Wie het weet… Meer lezen »