Weblog2

Wim en voetbal?

Nee…. Wim en voetbal is geen combinatie. Nadat hij de eerste keer met het Kwaliteitsteam van Stork en met voetbalschoenen geleend van Dick Lettink, hinkend van het veld kwam werd hij gepromoveerd tot coach. Hij bezwoer nooit meer een voetbal aan te raken. Volgens hem waren het een stelletje onbenullen waar ze tegen moesten….
Nee Wim hield zich verder bij volleyballen. Dat hij hiermee ook twee keer z’n enkelbanden verdraaide en uitrekte telde blijkbaar voor hem minder zwaar. De eerste keer was hij maanden uit de roulatie en moest tot slot als revalidatie iedere dag zwemmen.
Voor voetbal heb je meer mensen nodig, maar de Kwaliteitsdienst was een hele club. Links achteraan herken ik Gerrit van Dam. Tweede van rechts bovenaan Hans Horsselenberg. Dan Gerrit Smeitink en Ab Meirik.
En natuurlijk Wim links vooraan. Het is nog in Wim z’n baardloze tijd, dus voor 1977. Toen we van onze vakantie uit Auvergne thuiskwamen had hij dus een bescheiden baard. Toen hij mèt bescheiden baard weer bij Stork verscheen keek Scheffer, de directeur hem aan en zei:"Dat ding gaat er af". Dat moet je nou echt niet tegen Wim zeggen. Ook moeder van der Kolk bekeek het met afgrijzen:"Doot dat ding d’r toch af".
Hij is er al 30 jaar niet echt afgeweest. Eén keer wilde ik dat hij hem heel kort maakte om te kijken hoe het stond. Ik schrok er van. In 30 jaar heb je wel een ander gezicht gekregen…. beetje onderkin en zo. Nee hij mocht weer iets langer.

Wim en voetbal? Meer lezen »

Volleybalteam Kwaliteitsdienst KAB

Het team voor de volleybal van de Kwaliteitsdienst van de Ketel- en Apparaten Bouw mocht er zijn.
Stoomwezen èn Kwaliteitsdienst waren aan elkaar gewaagd. Deze avonden waren bedoeld om de onderlinge band te versterken. En…. de aanhang mocht mee en altijd was het gezellig.
Boven van l. naar r. Gerrit Smeitink (jao… ene van Smeitink uut Hengel van de Zelhemse weg)- chef Kwaliteitsdienst KAB, Ab Meirik- kwaliteitsgedelegeerde, dan twee vergeten namen, maar waarschijnlijk van de afd. niet- destructief onderzoek.
Onder van l. naar r. Jack Monteiro- administratie Kwaliteitsdienst, Gerrit? , waarschijnlijk controleur in het magazijn en Wim van der Kolk. Ik denk dat hij hier al Chef Afname is.
Arie werkte toen nog niet bij Stork denk ik. Het zal hier ong. 1978-79 zijn.

Nadat Wim bij Stork weg was volgde Jack hem na een aantal jaren richting Holvrieka.. Het ging bij Stork erg slecht in die tijd en Holvrieka zat juist verlegen om een administratieve kracht die Pietje Precies is en bovendien alles van fabricageboeken weet. Tja en Wim wist hem te strikken.
Nadat Holvrieka enorm ingekrompen is en geen complete biertanks meer aflevert doet Jack- lach niet- de hele kwaliteitsdienst in z’n eentje. Hij is ook al aan het afbouwen en z’n afscheidsfeestje heeft Wim al meegemaakt. Het werd een complete reünie van de voormalige Holvrieka -kwaliteitsdienst

Volleybalteam Kwaliteitsdienst KAB Meer lezen »

BuitenBuis

Buiten Buis met op de achtergrond de volleyballers van het Stoomwezen.

Een man met charisma was het…deze heer Buis van het Stoomwezen. Doordat hij zijn werk als inspecteur van het Stoomwezen meestal door heel Nederland verrichtte werd hij de BuitenBuis genoemd. Er zat op kantoor nl nog een Buis: de BinnenBuis. Om de banden tussen de Kwaliteitsdienst van Stork en het Stoomwezen nog wat te versterken werd er eens per jaar iets georganiseerd. Meestal werd er eerst gevolleybald en daarna gekegeld en lekker gegeten. Als ik het goed heb viel een smash van Wim eens zo hard uit dat de BinnenBuis de hele avond met een dikke neus gelopen heeft.
Wim regelde de organisatie en in die hoedanigheid kreeg hij eens als dank dat bronzen plaatje van BuitenBuis dat op één van de eerste Storkketels zat, een persoonlijk cadeau. Z’n baas heeft man en macht in het werk gesteld om dat plaatje in z’n bezit te krijgen. Hij vond dat zoiets op een directiekamer hoorde. Wim niet. Het hing pal achter hem als hij aan z’n bureau zat en toen hij zou vertrekken naar Holvrieka was dat het eerste dat hij inpakte. Zelfs toen deed die directeur nog via via een slinkse poging. Het bronzen plaatje hangt nog steeds op een ereplaatsje… op de schoorsteenmantel.

BuitenBuis Meer lezen »

Arie van Dooren

Wim z’n groepje van de Afname bij de Kwaliteitsdienst van de Ketel- en Apparatenbouw-KAB-afd Pijpenbuigerij Stork maakte overal een feestje van. Hier wordt sinterklaas gevierd.
Piet de Jager als zgn zwarte Piet en Arie van Dooren met de mijter als sint.

foto: uit de collectie van Arie

Terwijl ik een foto aan het zoeken ben van de Machinistenschool in Zwolle kom ik op een site terecht waarvan me de taal bekend voorkomt. Bovendien laat hij bekende namen vallen, zowel over de leraren op school: Kip ‘- Oh..’, roept Wim al ‘Kippe van Diek’, als ook over schepen waar hij op gevaren heeft en over Stork. Daar blijkt hij net als Wim ook in de Kwaliteitsdienst gewerkt te hebben. Het was even zoeken, want zijn naam bleef beperkt tot een kreet van de concierge Nieuwenhuize, die door de jongens liefkozend Joepie genoemd werd. Die had blijkbaar een goed geheugen voor namen en gezichten. Als hij te laat kwam riep Joepie nl met een Zwols accent:’ Van Dooren, waagrom zijn wij te laat’? En kreeg meteen een briefje mee voor de directeur.
Toen ik Wim er bij geroepen had kwamen we een foto tegen waar de onze bekende Arie van Dooren op stond met de titel: It’s me. We herinnerden ons ineens deze site die we doorgestuurd hadden gekregen van Arie.
Hij had gelijk door te zeggen dat Stork voor deze functies in de Kwaliteitsdienst graag WTK’s
’s aantrok om de inspecteurs van Stoomwezen, Kema, TUV e.d. te begeleiden bij de inspecties in de Ketelmakerij en de Pijpenbuigerij. Deze mensen hadden vaak zelf gevaren en ‘spraken dezelfde taal’. ‘Buiten’ Buis zat zelfs nog in de examencommissie van het Zeevaartonderwijs. Er was nl bij het Stoomwezen nog een Buis. Die deed meer berekeningen en werd de ‘binnen’- Buis genoemd. Wim kon uitstekend met deze ‘buiten’-Buis opschieten en ook prive bleven we contact houden nadat we naar Emmen waren verhuisd. Het bronzen plaatje van die oude Storkketel uit 1906 heeft hij aan deze Buis te danken.
Arie is tegelijk met Wim van baan veranderd in 1983. Terwijl wij met onze drie opgroeiende teeners naar Emmen en Holvrieka vertrokken ging hij met Ria en baby Jorg ook naar het noorden om bij de NAM te gaan werken. Dat doet hij nog steeds. Pas kregen we nog een leuke mail met de vraag of Wim nog interesse had in wat foto’s uit hun Storktijd. Natuurlijk had die dat.
En baby Jorg? ….Die vaart nu als WTK net als zijn vader vroeger.

.

Arie van Dooren Meer lezen »

De Machinistenschool

Klas 1 WP van de Machinistenschool, de latere MSvS, in Zwolle.
Het is even zoeken, maar Wim zit net links achter de zesde van links van de onderste rij.
De beroemde Jan Pap die ook al bij hem op de chr. LTS in Elburg zat zit tweede van rechts vooraan.
In het midden staat een blonde jongen met zo’n klein vlinderstrikje voor. Dat is degene die van z’n pa die zeilboot zou krijgen.
Ach…. het verleden begon helemaal weer voor Wim te leven bij het zien van deze foto. Met Wim Harwig was natuurlijk ook al heel wat gepraat over hun vaartijd. Die is heel wat later gaan varen en had de pech dat hij en de oude en de nieuwe motoren van z’n schip in de stagetijd moest tekenen en beschrijven.

De Machinistenschool Meer lezen »

Ik snap niet dat jij het niet snapt…

In z’n tijd aan boord maakte hij uit resten deze leuke telegraaf, waarmee hij liet zien dat hij op school het een en ander geleerd had.

In de tijd die hij doorbrengtt op de Machinistenschool in Zwolle, begint hij zich wat sterker een mening te vormen. Terwijl vader van der Kolk al doodziek is zitten er jongens bij hem in de klas die geweldige cadeaus krijgen als ze maar overgaan. Eentje wordt er zelfs een zeilboot beloofd. Dat doet iets met hem. Zijn vader overlijdt kort daarop en hij wil al van school af om werk te zoeken, maar gelukkig zijn dokter van Haeringen en consorten er nog en helpen Wims moeder met raad en daad. Nee Wim moet vooral zijn school afmaken. Dan besluit hij om ipv landmachinist te worden te gaan varen om wat meer te kunnen verdienen. Bovendien is er een eter minder aan tafel wanneer hij op zee zit. Er moet wat op het spaarbankboekje komen om als het nodig zou zijn moeder te ondersteunen. Het is nooit zover gekomen. Dat was moeders eer te na.
Wim vindt wiskunde ook een boeiend, maar moeilijk vak. Hij heeft een leraar die al pratend het hele bord vol schrijft. Wanneer iemand dan opmerkt dat hij het er niets van begrijpt, zegt hij :’Ik snap niet dat jij er niets van snapt’. En begint opnieuw te schrijven. Een leraar voor gymnastiek is zo klein dat je hem amper in z’n grote Amerikaanse slee kon zien zitten. Ze plegen nog wel eens binnen zijn gehoorsafstand een opmerking te maken van: ‘Hebben jullie dat ook gezien? Er kwam hier net een grote slee langs, maar daar zat niemand in’!
Volgens mij heeft hij steeds een goede band met de concierge. Als hij op het laatste moment komt aangesjeesd is het net of die op hem wacht en na hem gaat de deur op slot en moet de rest zich melden als laatkomer. Het blijkt een behoorlijke studie en gelukkig slaagt hij na een schoolexamen en voor het staatsexamen dat verplicht is. Hij heeft zijn VD-voorlopig diploma-.
En dan… is het tijd om te gaan varen.
Als een soort vakantie gaat moeder Siet eens met de jongens op de fiets naar Borculo, naar hun ome Gerard en tante Riek. Broer Gerard was leraar aan de Mulo en heeft hen uitgenodigd. Onderweg maakt moeder Siet een vreselijke val, heeft haar hele gezicht geschaafd en is bont en blauw. Ze hebben er geen prettige herinneringen aan. Oom Gerard heeft een speciale humor. Als ze gaan eten legt hij bv bij de jongens een stokje op het bord met de mededeling dat ze nu op een houtje kunnen bijten. Ze kunnen het niet waarderen.
Als we weer eens in de buurt komen zoeken we het huis nog wel eens op en komt altijd dat houtje weer ter sprake.

Ik snap niet dat jij het niet snapt… Meer lezen »

Dat gekke kwartje

Over de tijd op die Lts in Elburg heb ik hem weinig horen klagen. Wim was mager in die tijd. Hij at z’n moeder de oren van de kop, nam 12 sneden brood mee naar school en at ’s middags nog de resten op van de andere jongens. Tussen de middag gingen ze een enkele keer ook wel eens een kroketje proberen. Je deed een kwartje in zo’n automaat en trok dan je favoriete vakje open. Op een keer hadden ze een kwartje dat weer terugkwam rollen terwijl het vakje al opengemaakt was. Dat was een meevaller. Die gebruikten ze nu telkens om een extraatje tussen de middag te krijgen en warempel telkens kwam dat gekke kwartje weer terug. Een wonder in barre tijden, want het was een koude winter. Dat ging een hele tijd goed totdat het zomer werd en één van hen het kwartje gebruikte om een ijsje van te kopen. Het is lang geleden, maar als die lts tijd ter sprake komt, begint Wim nog steeds over die sukkel van een Jan Pap.
Hij was erg trots op zijn eerste werkstuk (een presentje voor Kerst) een schemerlampje van bewerkt metaal en zo’n perkamenten kapje er op. Hij heeft altijd bij moeder van der Kolk op een mooi plekje gehangen. Toen ze naar Zorgcentrum De Bongerd ging en de restanten verdeeld of opgeruimd moesten worden, zei Wim: ‘Ik hoef helemaal niks als ik alleen mijn schemerlampje maar terug krijg.

Dat gekke kwartje Meer lezen »

Charlie Chaplin

Die lagere van Heemstraschool was geen onverdeeld genoegen voor Wim. Je zult het niet geloven, maar hij zat het liefst vooraan. Achteraan kreeg hij allerlei rare ideeën , hij was gauw afgeleid, zat meisjes aan hun vlechten te trekken en carbid in inktpotjes te doen. Op een keer ging meester Aartsen, inderdaad de broer van oom Sjoerd, de klas uit. Die was immers het Hoofd der School en kreeg wel eens telefoon. Het was een statige verschijning die wat uit de hoogte de menigte kon overzien. Hij kon wel prachtig vertellen. Hij droeg meestal een roodbruine jas en een bolhoed met wandelstok. Heel oneerbiedig werd hij wel Aadje Rooiepoep genoemd. Tja… Hattem hè!
Wim heeft het eens gepresteerd om diens bolhoed op te zetten voor de klas, zijn wandelstok te pakken en als een echte Charlie Chaplin dat ding rond te draaien.
Hij heeft zelfs meester van Dalfsen zo het vel onder de nagels vandaan gehaald dat die driftig werd en hem zo’n pak rammel gaf dat ze ome Anton, die conciërge was, riepen met de woorden: ‘Van der Kolk, kom gauw’, ze slaot oew neave hartstikke dood’!
Aan de andere kant was hij zo betrouwbaar dat juist hij enveloppen met geld naar het postkantoor moest brengen. Ze waren er zeker van dat hij zo hard hij kon heen en weer liep.
Na de lagere school werd het de Chr. LTS in Elburg. Die was net nieuw opgericht en vader van der Kolk wilde deze school hierdoor ook steunen. ’s Zomers werd er gefietst, de neus op het stuur. ’s Winters ging Wim met de bus vanaf Hattemerbroek. Eens begon z’n fles karnemelk in het bagagerek van de bus te lekken, drup..drup.. drup.., precies op de pet van een kapitein van het leger die op weg was naar de Willem de Zwijgerkazerne in Wezep. Die brulde een paar keer:’Van wie is die tas’? Maar toen niemand en zeker Wim niet reageerde, greep hij de tas en wilde hem meenemen toen hij uitstapte. Terwijl hij bij het uitstappen zijn eigen tas voor zich hield en Wims tas achter zich, kon die nog gauw zijn tas grijpen voor de deur zich sloot.

Charlie Chaplin Meer lezen »

Toen was de beer los…

Het wapen van Hattem.

We hebben al vaak Hattem laten zien aan familie, buren en vrienden. Iedereen is steeds onder de indruk van zo’n mooi gerestaureerd en origineel gebleven Hanzestadje.
De Gasthuissteeg waar de jongens op straat voetbalden is opgeknapt. Zelfs Robin heeft het balkon gezien waar de jongens gevaarlijke capriolen uithaalden.
Vroeger woonde er aan het eind van de steeg de bekende familie Meussie. Eigenlijk heetten ze de Weerd, maar dat zei niemand. Eén van de oudere meisjes heette Ale. Daar hadden de jongens van der Kolk wel ontzag voor. Toen de Meussies eens aan het voetballen waren in de steeg kwam de bal toevallig bij Wim voor z’n voeten. Hij schopte hem expres de verkeerde kant op, maar toen was de beer los of.. toen ha’j een schaop an’t drieten. Ale werd woest en kwam regelrecht op Wim af. Die ging er als een haas vandoor en Ale achter hem aan. Ze heeft hem de hele binnenstad laten zien. Uiteindelijk wist hij te ontsnappen, maar wanneer hij aan Ale denkt gaan de rillingen hem nog over de rug!
In 1956 zijn ze verhuisd naar de Dorpsweg, nu net buiten de poort. Vader Gerard heeft dat net niet meer meegemaakt. Wel heeft hij de voorbereidingen getroffen. Moeder van der Kolk wilde dat er een fatsoenlijke scheiding tussen de huizen kwam. Op de bovenverdieping was die er nog niet. Vader Gerard vond dat eigenlijk niet zo nodig. Je moest als Christenmensen toch goed met elkaar onder één dak kunnen leven! ’t Is maar goed dat moeder van der Kolk dat niet zag zitten. Met tante Hennie onder één dak wil nog wel, maar dan wel met een goede scheidingsmuur.

Toen was de beer los… Meer lezen »

Een hecht gezin

Gezicht op Hattem vanaf de Hoenwaard.

Wims moeder wilde niet onderhouden worden door de diaconie en pakte alles aan. Ze verzorgde behalve de kerk zelf ook begrafenissen en meerdaagse vergaderingen, met hulp van de jongens. Zelfs Henry en Ben hadden hun aandeel. Henry ging dan bv rond met rollen pepermunt e.d. Dat werkt natuurlijk ook vertederend …zo’n witkoppie die ook op zijn manier z’n best doet. Hij werd door z’n lichte haar in die tijd Kees genoemd door de jongens van tante Marie.
Wanneer op Koninginnedag de vier muziekcorpsen, zoals de gewoonte nu nog steeds is, door Hattem trokken kwamen ze om de beurt op Dorpsweg 4 een kopje koffie halen. De kopjes werden meteen in een teil heet water omgespoeld en voor de volgende groep gebruikt. Moeder verkocht ook koffie , thee en cacao bij mensen aan huis en bracht in de hele binnenstad van Hattem de Zwolsche Courant rond. De jongens hielpen waar ze konden. Het was al een hecht gezin, maar nu werd het een eenheid.
Ze kreeg kleren van bevriende relaties. Wim droeg de drollenvanger af van huisarts, tevens huisvriend, van Haeringen. Deze had er alles aangedaan om vader Gerard weer op de been te krijgen, maar in die tijd was er geen kruid gewassen tegen niervergiftiging. Hij betaalde uit eigen zak nieuwe dure medicijnen als laatste redmiddel, maar het mocht niet baten. Met sinterklaas kwam er onverwacht een heel pakket met cadeautjes. Toen dokter van Haeringen eens langs kwam waren de jongens natuurlijk enthousiast en lieten hun nieuwe speelgoed zien. De dokter rolde zo het kleed op om samen met ze de autootjes uit te proberen. ‘Zo’n auto heb ik ook, zie je dat Piet’, zei hij . Zo weten ze wie er achter deze actie zat.
Zelf kreeg ze nog heel mooie jurken van een onderwijzeres die hetzelfde postuur had als moeder van der Kolk. Het stond haar geweldig. Zo kwam ze op een keer koffie verkopen bij een vaste klant die vertelde: ‘Ie-j hoeft niet weer te kommen. Zo neudig heb ie-j et niet, want ie-j hebt mooiere klere an as ik’.

Een hecht gezin Meer lezen »