Weblog2

De Haar

Nu eens een foto met De Haar op de achtergrond, wel zeker gemaakt met het vierkante boxje van oom Sjoerd.
Het gezellige kökkentje met de lamp met een franje van kleine kraaltjes was achter het linker raam. In het midden was de grote kökken, meer voor de zondagmiddag en de visites. En rechts was de ouderslaapkamer waar Diny en ik ook sliepen. Toen papa Hendrik Jan er niet meer was mochten Diny en ik om de beurt bij mama in bed slapen.
Diny en ik zitten op de voorgrond met onze door papa Hendrik Jan getimmerde tafel en stoeltjes. Ook de kleren en die lekkere warme muts herinner ik me nog goed.Opoe zorgde er voor dat we geen oorontsteking opliepen. Ook de warme borstrok die over het hemd aangetrokken werd en de van zelfgesponnen wol gebreide warme onderbroeken zorgden er voor dat we geen long- of blaasontsteking kregen.
Diny lijkt hier al meer huishoudelijke aanleg te hebben dan ik. Ha!
Op de foto net links van het kippenhok staat een boom en aan die tak links hing een schommel. Heerlijk vond ik dat.
Alleen jammer dat de haan dat op een dag maar niks vond en naar mij op begon te vliegen. Ik schommelde al krijsend steeds hoger en die haan vloog ook steeds hoger en hoger…… tot opa redding bracht!

De Haar Meer lezen »

Het gezin Bijenhof op De Haar

Ik heb hier een hele tijd naar zitten kijken. Zo lang geleden werd deze foto gemaakt–1928 schat ik. Tante Riek en mama pontificaal achter de tafel. Opoe nog jong, maar wat is ze al afgeleefd. Opa als een sterke man, oom Wim als een leuke jonge vent.
En tante Hermien? Ha… Die zou ik niet herkennen, een jong meisje nog.
Ik zie het Herstellingsoord op de achtergrond. Nu is daar het appartementencomplex De Decanije voor in de plaats gekomen.
Het boerderijtje De Haar is er ook allang niet meer. De haardplaat heeft lang bij tante Hermien in de kamer gestaan. Waar hij nu is weet ik niet. Er bestaat nog wel een straat die De Haar heet, vlakbij de plek waar de Bijenhofjes, èn Diny en ik dus, geboren zijn.
Zie je dat de meisjes alledrie zwarte kousen dragen. Dat hoorde wel in die tijd. Mama vertelde dat het in de familie Eggink nog emotie te weeg bracht toen tante Dina en ik meen ook Mies aan de "vleeskleurige" kousen begonnen. Met name ome Gerrit Voortman was hier een fel tegenstander van. Misschien weten tante Jo en tante Heintje dit nog beter te vertellen.

Het gezin Bijenhof op De Haar Meer lezen »

Ach opoe….

Ach die opoe… hier met een jong hondje op de arm en geflankeerd door haar dochters Coba en Hermien. Tante Riek was in die tijd- ik schat 1935- de deur al uit om ergens in Harfsen of het Joppe bij een rijke familie te gaan “dienen”. Opoe was niet sterk, had chronische astmatische bronchitis en in die tijd was daar nog weinig aan te doen. Van pufjes had niemand nog gehoord. Het enige wat we later regelmatig voor haar moesten meebrengen waren de homeopathische Drosera-pilletjes in zo’n klein bruin flesje. Maar ook dat was een lapmiddel. Ze sliep ook bijna halfzittend met een peluw en twee kussens . Ze was misschien lichamelijk niet sterk, maar ze wist het gezin in goede harmonie te houden. Diny en ik waren erg op haar gesteld. We hadden meer lieve opoe’s: opoe uut Barchem, later opoe uut Mossel( moeder van vader Hein), opoe Kornegoor (moeder van tante Hanna, de eerste vrouw van vader Hein) en opoe Bruins, eigenlijk de opoe van de Bijenhofjes uit De Wildenborch. Maar opoe Bijenhof was het meest eigen. Daar woonden we bij. Ze was er altijd! Die troostte je als je tandpijn had, gaf een kusje op de zere plek als je gevallen was en was samen met opa Bijenhof de grote steun voor mama toen ze alleen kwam te staan.
Het gekke was dat een jaar terug opoe ter sprake kwam bij mijn andere nichtjes. Die hadden een iets ander beeld van opoe. Opoe kon ook dominant zijn en enigszins kritisch.. Wanneer ze in De Wildenborch met een verjaardag op bezoek kwam met de dresseerkar of koetsje was tante Janna wat nerveus, want stel je voor dat net vandaag de pudding klontjes had. Gerrie werd nog eens extra de nek gewassen. Die was al bruin van zichzelf. Stel je voor dat opoe zou zeggen:”Wat is Gerrie zwat in de nekke”. Zij woonden samen met opoe Bruins. En wat wij met “onze”opoe hadden had zij weer met “haar” opoe. Ook Gerke had andere gevoelens bij opoe. Die trok weer meer met opoe Aartsen op die vlakbij woonde en waar ze vaak uit school naar toe ging. Zo zie je maar weer dat het voor iedereen anders is.

Ach opoe…. Meer lezen »

Dat is ’t er ene van Dinkelman…

Ik kreeg deze week een paar leuke reacties in mijn gastenboek. Een buurmeisje van tante Jantje en ome Jan reageerde. Ze komt ook nu nog regelmatig bij tante Jantje. ’t Was d’r ene van Dinkelman, zouden ze toen zeggen. Jannie vertelde dat haar vader enkele jaren jonger was dan ome Bram en dat hij eigenlijk door Dientjemeuje van Boevink was opgevoed, door opoe dus. Die had naast haar eigen gezin ook èchte belangstelling voor andere kinderen. Och … het was ook maar een klein stukje van Dinkelman naar Boevink en andersom. Laat ik nu een foto tegenkomen van tante Mies met haar kalf en wat zien we in de verte? De boerderij van Dinkelman.
Daarnaast was het ook erg leuk dat Myrthe reageerde, een kleindochter van tante Heintje en ome Koos. Dat is t’r ene van Henk van Heintje en Koos uut De Steeg… ie-j wet wel!
Ze had met een paar nichtjes, dochters van Herman en Ineke, in [i]het Ei [/i]gelogeerd bij ome Jan en tante Jantje en ze kan er na 25 jaar nog beeldend over vertellen. Myrthe noemde het het tuinhuis. Ja, [i]het Ei,[/i] zo werd dat oude kippenhok genoemd, waar overigens nooit een kip in gezeten heeft. Datzelfde hebben wij met onze jongens midden in de winter van 82/ 83 ook gedaan. Het was een knus huisje. Tante Jantje vertelde dat ze er zelf ook een tijdje in gewoond hadden voor ze het huis De Bosheuvel konden betrekken. Wanneer je er door de deur binnenstapte was je ook meteen in de kamer. Opa vond dat geweldig. Hij moest later erg wennen dat hij eerst een paar deuren door moest plus keuken voor hij in de kamer was.
Nee ik heb er zeker geen spijt van dat ik me op opa’s en Hermans geschriften gestort heb.

Dat is ’t er ene van Dinkelman… Meer lezen »

De banke hef nog zat.

Wet i-j wel dat onze auto al dree jaor old is? Kiek es bi-j de buurn.
[i]Hebt dee zich dan alweer een ni-jen aneschaft?[/i]

Waor doot ze’t toch van? Hee is toch ok maor vuulnisman.
[i]Wet i-j trouwens dat zee pas naor ’t zeekenhuus ewes is.[/i]

Ik wisse helemaole neet dat zi-j zeek was. Wat had ze?
[i]Zee wol ’t gat in eur hand dichte laoten maken, maor ’t was te groot.[/i]

Dah kan’k noe gewoon neet uutstaon. Wat verbeeldt dee leu zich wel!
[i]Dee wilt ons de ogen d’r mee uutstekken, maor wat zee könt , könne wi-j ok.[/i]

Hoe dan? Wi-j mot al krabben en bieten um rond te kommen.
[i]Drek surf ik naor poskrediet veur een goedkope lening.[/i]

Dah wodt dan onze vierde lening. Kan’k wel dag en nach werk’n.
[i]Kan neet schealen. Dee leu zegt toch nooit nee.[/i]

Dan bun’k wel beniejd hoevölle da-w nog könt lenen.
[i]Let op: binn’n drie wekke steet hier een dikke es u vee veur de deure.[/i]

’t Zal wel een es u nee wodden. Dah vin ’k ok neet slim.
[i]As ik naor de beauty-farm mot, wil ik goed veur de dag kommen.[/i]

En? ….Wat steet der op et scherm?
[i]Der steet:”Zelfs postkrediet verstrekt een vierde lening niet”.[/i]
Now jao zeg…

Vrij vertaald in het Achterhoeks.
Uit Liemerse Dialogen
van Geert Roelofs

De banke hef nog zat. Meer lezen »

De familie Aartsen- Bijenhof

Ook dit is een speciale foto van de nog jonge familie Aartsen. Oom Sjoerd, tante Hermien met Gerke en Heiny. Heiny is maar 3 jaar geworden. Op aanwijzing van opoe hebben we heel wat bramen gezocht in de spoorsloot bij De Haar omdat dat zo bloedzuiverend zou zijn. Het was niet genoeg.
Ook tante Aart speelde lang een centrale rol in het gezin. Je ziet het hier gewoon. Ze was en is een bijzonder energiek persoontje die heel wat werk in hun gezin en boven in de kleermakerij verzet heeft. Bij de verjaardagsfeestjes regelde zij alles. Toen opoe en opa 40 jaar getrouwd waren hebben we onder haar leiding een dansje uitgevoerd als een stel vlinders met van die gazen vleugeltjes op de rug. Nee dat vond ik minder, maar tegen tante Aart kon je niet in gaan. Ze regeerde de hele boel met vaste hand.
Ze was bovendien een geweldige handwerklerares. Bij haar werd handwerken weer leuk. Ze leerde ons naaien i.p.v het verplichte breien met die stijve katoen. Bij warm weer kregen we zelfs les onder de appelbomen achter de lagere school.
Je ziet hier ook een sportieve oom Sjoerd, die zomers vaak ging zwemmen en Gerke en mij de eerste beginselen van het zwemmen bijbracht in het "tweede bad". Bovendien ging hij in de weekenden met ons wandelen naar het Vordense bos… de "groenkopjes"- mannetjes eenden hebben immers mooie glanzende groene kopjes– voeren. Ach… memories….

De familie Aartsen- Bijenhof Meer lezen »

Alleen met ons beiden.

Uit deze foto spreekt een heel verhaal. Ik vermoed dat ik hier 5 jaar ben en Diny 3,5. Mama was hier nog alleen met ons. Uit heel haar wezen spreekt wat ze steeds zei: Ik heb jullie nog. Jullie zijn alles wat ik nog heb. De donkerste periode uit haar leven heeft ze net gehad en ze begint weer sterker in het leven te staan.
Waarom ze voor deze foto naar de fotograaf is geweest? Joost mag het weten. Is het bedoeld als een nieuwe start: de eerste dag van de rest van haar leven?
Eigenlijk zijn er nog verbazend veel foto’s van moeders kant, waarvan we er veel aan oom Sjoerd met z’n vierkante boxje te danken hebben. Standaard was zijn kreet: Kijk eens naar het vogeltje!
“De Haar” was het ouderlijk huis van de familie Bijenhof en menig zondagmiddag kwamen tante Hermien en oom Sjoerd met hun kroost en vaak had oom Sjoerd z’n boxje bij zich.
Toch ook zijn er van vaders kant veel foto’s. En dan te bedenken dat papa en mama beiden van eenvoudige komaf zijn, materieel gezien dan.
Blijkbaar vonden beide families het belangrijk dat er foto’s van verschillende periodes in hun leven gemaakt werden en niet alleen de trouwfoto’s. Van de Egginkskant zal het ook te maken hebben met de interesse voor de techniek van het fotograferen en het ontwikkelproces. Ik weet tenminste dat de neven Joop en Wim Groot Nuelend daar enthousiast mee bezig waren toen ze nog thuis woonden. Ik besef ineens dat Wim Harwig– Wim van tante Riek– ook prachtige foto’s maakte, heel creatief.
Ik ben er tenminste erg blij mee. Op deze foto draag ik de korenblauw met donkerblauw door opoe zelfgebreide rok met truitje. Diny een knalrood eveneens gebreide jurk met blauwwit ingebreide randjes. En beiden dragen we de witte zondagse strik. Door de week was voor mij de blauwe en voor Diny de rode gereserveerd.

Alleen met ons beiden. Meer lezen »

De drie deerns van “De Haar”

Is er iets dat jullie opvalt aan deze foto? De enige die ik er van ken zijn Coba en Rika Bijenhof… mama en tante Riek. En dat zijn nu net die twee meisjes in de lichte jurkjes. Volgens tante Hermien was opoe er heel precies aan hoe haar kinderen er uit zagen en wilde ze er niet ouderwets stijf bij hebben lopen. Oom Wim zou er ook op moeten staan en ik denk dat hij op de tweede rij van boven en tweede van links staat.
Eigenlijk weet ik meer door de verhalen die tante Hermien vertelde dan door mama. Ze heeft er ook 25 jaar langer de tijd voor gehad. We kwamen graag bij haar. Ze wilde het liefst dat we in haar een vervangster van mama Coba zagen. Dat was natuurlijk heel lief bedoeld en we gingen ook graag naar haar en ome Sjoerd toe. Ze wist veel te vertellen over de tijd dat papa Hendrik Jan nog leefde. Er moet geen betere man bestaan hebben, behalve haar Sjoerd dan. Die twee waren behalve zwagers ook vrienden. Zij kreeg de moeilijke taak om mama te vertellen dat papa in het ziekenhuis overleden was en vertelde met een fotografische precisie wat ze aantrof. Mama achter de naaimachine, ik leunend tegen haar knie.
Nadat mama overleden was kon ze met tranen in de ogen naar een foto van de drie deerns van “De Haar” kijken . Dan zuchtte ze en zei:”En noe bunt ‘r nog maor twee”. Nadat tante Riek overleden was:”En noe bun ik allene nog aover. Ze vertelde van opoe die iedere middag klaar zat met de pot thee en een beschuutje wanneer ze uit school kwamen, over de fiets die ze met z’n drieën moesten delen. Ze vertelde over de band die ze met mama had, hetzelfde zei ze waarschijnlijk tegen Hennie over tante Riek. Toen tante Riek naar Jaap en Sjennie in Zuid Afrika was, nam ze het van zus Rika over om Hennie iedere week een stuk witte chocola te kopen. “Daor höldt Hennie zo van”.
Van Diny kreeg ik haar fotoboek vol nostalgie te leen om verschillende foto’s te scannen die ikzelf niet heb. Tja en dan komen dit soort herinneringen vanzelf boven.
Tante Hermien kon haar emoties laten komen, maar ook weer laten gaan. Meestal kreeg ze het na een uurtje ook voor elkaar dat de waterlanders bij mij los kwamen. “Och mien kind foi toch…”, ging het dan. Maar echt weer bijkomen deden we bij tante Riek. Die was minder emotioneel maar net zo lief,…. net zo lief als de andere twee deerns van “De Haar”.

De drie deerns van “De Haar” Meer lezen »

Een beetje mijmeren…

De zussen Hermien en Coba, waarschijnlijk met neefje Jan Harwig.Wat zeg je me van die hoedjes?

Je hebt van die dagen dat je denkt: Morgen ga ik lekker in de tuin, boodschappen, vriendinnen bellen, opruimen!
En soms is de energie wat minder, zit ik wat in gedachten, en beleef dingen van vroeger opnieuw. Het gekke is dat ik me vervelende dingen minder goed herinner, weggeblokt zeker, maar de herinneringen aan de mensen waar ik veel aan gehad heb worden dan duidelijker. Opa Bijenhof die een bepaalde rust uitstraalde, opoe Bijenhof die je troostte als je gevallen was of verdriet had. Mama die zo spontaan voor de dag kon komen, tante Hermien die altijd koffie of thee voor je klaar had en tante Riek waar je tot rust kwam. Gerrie met wie ik vreselijk kon lachen en samen [i]En mijn grootvaders klok..is een heel oude klok[/i] zong. Diny waar ik mee kon lachen èn huilen. De afwas deden we samen al zingend. Ons eerste plaatje dat we samen kochten was: [i]Twee reebruine ogen… Die keken de jager aan… [/i]en dat zongen we dan tweestemmig mee. Wanneer we in bed lagen sliepen we niet snel. Het was altijd nog donderjagen. Ik herinner me dat we zo’n lange kartonnen koker bemachtigd hadden en dan in bed daar doorheen kletsten en toeterden. Steeds ma onder aan de trap: “Deerns gao slaopen”. “Jao jao”, riepen we dan, maar dat ging natuurlijk niet. Pas wanneer ze met: “Mot papa soms bi-j oele komm’n”? begon, dan hadden we de schrik te pakken, want dan werd het menens.
In mijn herinnering onweerde het veel vaker dan nu. Bij de eerste bliksemschicht stond Diny meestal al naast ons bed: “Hetty d’r uut… onweer”.
Het moest wel heel hard gaan voor ik er uit kwam, want ik sliep vast. Opoe zat dan al lang en breed beneden aan tafel:”Neet bi-’t raam, nee ok neet bi-j de schosteen… nee nee ok niet bi-j et stopcontact… as t’r es een vuurbal kump, want…..”. Nee Johan( opa) niet naor buten gaon, ’t geet nog völs te hard… oeoe weer zon klap… foi toch foi toch. Heb iele wel wat an de veute en de jas an”? Het was altijd een heel spektakel. De petroleumlamp stond klaar voor als het onweer op de draod sloeg want dan was alle electra in één keer uit. Wanneer het wat rustiger werd in de lucht ging pa buiten poolshoogte nemen en zei wanneer we weer naar bed konden gaan.
Ach…een beetje mijmeren…. Moet af en toe kunnen.

Een beetje mijmeren… Meer lezen »

Briefwisseling met opa Eggink

Vanaf mijn teenerleeftijd had ik regelmatig briefcontact met opa. Vaak ging het over boeken of gedichten die we beiden mooi of juist niet mooi vonden. Ook nadat Wim en ik getrouwd waren ging dat door. Hij was het eens met mijn keus en dat liet hij merken ook. Zijn brieven zijn, vind ik, zo bijzonder dat ze eigenlijk bedoeld zijn voor een breder publiek. Daarom, en ik ben in de gelegenheid, volgt hier zo’n speciale brief.

13-10-‘71

Lieve kinderen,

Ik begin dan nu aan een brief aan jullie. Eerst over dat dikke boek: Soldaat van Oranje. Een heel eerlijk boek, interessant om te lezen, maar voor mij houdt daar alles mee op. Zeer toepasselijk lees je op elke bladzij het woord godverdomme. Dat woord kàn voor een stervende soldaat een gebed zijn, maar in dat boek is dat geen gebed, vrees ik.
Door de Duitsers te verdoemen is het noodzakelijk dat je in elke Duitse jongen niets ziet dan het symbool van een macht die inderdaad verdoemeniswaardig is. En om dat te kunnen volhouden moet je hem kunnen haten wat altijd een tweesnijdend zwaard is.
Maar als ik in die jaren met Duitse jongens sprak… dan was het altijd: Was müssen sie, anders worden ze voor de muur gezet. Op zichzelf was dat laf, maar we moeten niet vergeten dat niet elke soldaat een martelaar hoeft te worden. En wie was nu de eigenlijke schuldige? Hitler schijnbaar. Maar het Duitse gewone volk zèlf. Hadden zij niet uit tienduizenden kelen: Sieg Heil gebruld dan was Hitler niet zo verdwaald. De jongens konden nu wel zeggen: Was müssen sie, maar zij waren er zelf de schuld van.
Zo verging het vroeger keizer Wilhelm ook. Hij heeft in zijn boek zijn hofhouding, zijn generaals aangeklaagd als de ware schuldigen van de eerste Wereldoorlog. Hij, als 19 jarige jongen tot keizer gemaakt, alles had voor hem geknikt. Dat was zijn val geweest en dat was ook de val van Hitler geworden. Mensvergoding en de straf kregen ze thuisbezorgd.
Ja, nu verwenst de Duitser Hitler naar de diepste hel. Fout. Of zij er van geleerd hebben moet de toekomst uitwijzen. Of zij het op de een of andere manier het nog van het geweld verwachten zullen zij en elke regering weer bedrogen uitkomen.
Ik heb het in een visioen gezien. Ik begreep die symbolen helemaal niet, maar die kalme jonge man die dan altijd naast me staat, gaf me in een paar woorden uitleg.
Dat boekje Peper en Zout,… prachtig man!
Dat boekje Liefde heb ik met gemengde gevoelens gelezen, dat moet ik nog eens lezen voor ik weet wat ik er aan heb.
Dit had ik al geschreven met de pen, nog beter te lezen dan met mijn getik…

Johan

Briefwisseling met opa Eggink Meer lezen »