Weblog2

Sunterklaos en tante Gees

“Nee… sunterklaos? Daor heb ik nooit zo in geleufd”. Die dag in Hattem zat Ben weer aardig op z’n praatstoel toen Arend en Amakka er waren. De Hattemer namen, gewoontes, de muziek…. Ben had een goed geheugen. Maar de verhalen werden ook steeds mooier.
“Ach… sunterklaos… Dat was veur mi-j ome Drikus. Dan zat ik op de kleuterschoele en dan kwam ome Drikus met een groot pak onder d’n arm bi-j ons in de Stege naor boaven de trappe op met ene dee Zwatte Piet mos spöllen. Bi-j ons in de slaopkamer wodden e opetuugd, de staf werd in mekare eschroefd en daor gung sunterklaos met Piet.
Dan kwame wi-j op schoele en dan reupen alle kinder :”O o… kiek daor he-j em… daor kump sunterklaos”.

“Welnee”, zei ik dan, “dat is mien ome.”
Ik kreeg toen meteen zo’n Toon Hermans gevoel. Die had ook die herinneringen.

Het was ook de tijd dat het geheugen van moeder Siet minder werd. Daar wist de omgeving wel raad mee.
Wanneer moeder even iets niet meer wist, werd er al gauw gezegd:”Maor van Gees weet ie-j toch nog wel!”

“Ha ha… die Gees”, zei moeder dan. “As ome Willem iets vertellen waor wie-j met zien allen aan twiefelen, zei ze: ‘Hoe weet ie-j dat noe Willem?’ Dan zei ome Willem: ‘O dat he-k ergens elèzen.’ ‘A gek… ie lèèst ja nooit’, kwam dan tante Gees uit de hoek.”
Of wanneer ome Willem weer es iets had waar ze het niet mee eens was kon ze zo zeggen: ”Ach Willem as ik zo gek was as oe…. leut ik mien gelieke doodschiet’n”.
Het was een mens vol humor deze grote vriendin van moeder. Niesje wist te vertellen dat ze zulke leuke poppetjes kon knippen voor de kinderen en dat ze daar meteen een heel verhaal bij maakte. Zoals Ben dat kon vertellen zag ik het tafereel weer voor me.

Meer Hattemer verhalen lezen? In de nieuwe Tweets van het Schoolpad no 4 is er een hoofdstuk vol. Kijk even onder ‘BOEKEN’.

Sunterklaos en tante Gees Meer lezen »

Een dagje ‘vroeger’.

Vandaag bezochten we Gerke die sinds een aantal maanden in het verpleeghuis Mariënburg in Soest woont. Thuis werd het te zwaar voor Wim om haar te verzorgen naast de hulp van de Thuiszorg. Ze begint nu te wennen. Ze hoeft zich ook niet te vervelen. Er gebeurt zoveel dat ze er wel een boek over kan schrijven, vertelde ze. Iedere bewoner heeft zijn of haar eigen verhaal. Wim stond ons al op te wachten bij de deur. Binnen sprak meteen een bewoonster me aan: ’Ik heb alles bij me’, zei ze. Dat zouden we die dag nog vaker horen, een lief mensje, maar een eind weg.

Gerke is gelukkig goed bij de tijd, haar handicap is vooral dat ze niet meer kan lopen. Haar Wim is afgelopen zomer 80 geworden en zijn ze als familie naar de Flevohof geweest en hebben dat thuis verder gevierd. De meisjes zorgden voor het eten. Wat vonden ze dat een mooie dag. Hermine heeft een fotoboekje laten maken met heel veel mooie impressies van die dag. Zo zie ik de kinderen en kleinkinderen weer eens nu ze al zo groot zijn.

Gerke en ik zijn samen opgegroeid, onze moeders waren zussen, bovendien leken ze qua karakter ook nog erg op elkaar. Altijd leven in de brouwerij met die twee.

‘Wat weet jij nog over onze jeugd als je bij ons kwam?’, wilde Gerke weten. Toen we nog op de Haar woonden was ik vaak op zondagmiddag bij hen. ‘Dan gingen we met je vader de ‘groenkopjes’ voeren in het Vordense bos. En hij wist cantharellen te staan in de herfst en die plukte hij dan’. Tante Hermien bakte die later op de middag op met een uitje. Ja, Gerke weet het ook nog.

 ‘En dat ik bij je sliep toen mama naar het ziekenhuis was voor de geboorte van onze Johan. We waren toen al 10 jaar. Tante Aart paste op ons want je ouders gingen die avond op visite. We maakten er een rommeltje van in het grote bed, de dekens hadden we al giebelend losgetrokken. En toen kwam tante Aart. Jij schoot helemaal in de paniek.

‘O o… straks slaat ze ons voor de blote kont’, zo dacht je.’

Het viel mee. We trokken de dekens weer wat recht en sliepen als roosjes. De volgende morgen om 6 uur ging de telefoon: Je moeder pakte die op en we hoorden haar stemmetje: ’O, een jonge zoon, 10 pond en een ons.!! Foi toch! Alles goed?’

Gerke weet het ook allemaal nog. En zo halen we meer herinneringen op. We zitten in het restaurant en krijgen een lekkere lunch. Keurige verzorging hier. Ook de nog zelfstandig wonende bewoners van de appartementen die naast Mariënburg staan eten hier vaak, brengt ook gezelligheid mee.

Voor ons nichtjes was het een dag met een gouden randje. En onze beide Wimmen vermaakten zich mee, want we kennen elkaar al sinds onze verkeringstijd. Voor haar Wim was het een eerste kennismaking met het leven op een boerderij met koeien en paarden. Er ging toen een wereld voor hem open als stadsjongen uit Rotterdam. Hij maakte graag gebruik van een van de paarden op de Boomgaard om op te rijden voor Diny ermee naar de rijvereniging ging. en ook op het paard van ome Wim in de Wildenborch. Ik vermoed dat Gerke ook moe was toen we de deur weer uitgezwaaid  waren. En toen het eenmaal wat rustiger op de lange weg naar huis was, vielen mijn ogen ook even dicht.

Foto: In de tuin bij de fam. Aartsen met nichtjes en neven van de familie en een vriendinnetje. Gerke en ik rechts. Ik denk 1960 of 61.

Een dagje ‘vroeger’. Meer lezen »

Een andere wereld

Je moet niet altijd terugkijken, zei pas iemand tegen me toen ik bepaalde herinneringen ophaalde. ‘ En ook niet alleen naar de toekomst. Je moet nu leven en daarvan genieten. Ach, ik doe het allemaal. Mooi om terug te kijken, gek is het dat het mooi altijd overheerst terwijl er ook heel verdrietige dingen gebeurden.                                                                                                                  Deze foto kwam ik tegen in het mapje Boskamp, het ouderlijk huis van de 10 kinderen Eggink die hier geboren zijn.  En is bovendien een herinnering aan het bezoek van Curtis en Berdena aan onze familie met dit keer ook met een bezoekje aan een sympathiek doktersechtpaar van Waveren dat toen op de Boskamp haar seniorendagen sleet. Het was natuurlijk niet de Boskamp van vroeger want een werkende boerderij is het al heel lang niet meer, maar zoals je hier vanaf de voormalige deel door de achterdeuren naar buiten keek bleef toch het originele goed bewaard. Ook de rest is qua indeling aardig gelijk gebleven. Ze huisden wel in de winter voornamelijk in het voorhuis wat met het warm houden te maken had. Onze herinneringen gingen vanzelf terug naar onze kindertijd toen hier de verjaardagen van opoe en opa gevierd werden en we als kinderen buiten verstoppertje speelden en hier op de deel vanuit de hilde naar beneden sprongen in een stapel hooi, onder luide aanmoedigingen van de ouderen.                    Het echtpaar van Waveren was bijzonder gastvrij en liet ons zien hoe de boerderij  geworden was. ik kan jullie vertellen dat de originele balken van de hilde er nog inzitten, alleen is er geen hooi meer. Er is niet eens veel veranderd. Onze herinneringen draaiden op volle toeren. Het gat in de hilde was nu wel dicht maar we zagen ons nog zo naar beneden springen op een bult hooi. Ik denk dat het ter gelegenheid was van het 50 jarig huwelijk van opoe en opa Eggink.                       In de grote keuken werd nu geslapen maar de oude tegeltjes waren er nog achter de haard onder de schoorsteenmantel. In de keuken zien we de plek waar opa meestal zat op het lage bankje, het canapeetje zoals ds. Buskes het ooit noemde in een boek toen hij zijn bezoek aan opa beschreef. Er was nog zoveel herkenbaars.

Een andere wereld Meer lezen »

Agnes

Agnes heeft een aantal verhalen geschreven over hun gezin op ’t Waorle. Sinds een aantal jaren heb ik contact met haar en onze levens en kijk op het leven lijken op elkaar. Ze overleed vorige maand tot groot verdriet van haar omgeving. Nog maar een paar jaar geleden bezocht ik haar toen we voorbij Ewijk kwamen, vanuit Brabant.
Het was een groot gezin, Lichtenberg op het Waarle, 10 kinderen als ik het goed heb. Onze opoe Kornegoor heeft als naaste buurvrouw bij de geboorte van een heel stel gebakerd en hand- en spandiensten verricht. Tante Mientje werd ze in de buurt genoemd. Die kon aardig uit de hoek komen weten we uit eigen ervaring, een prachtig mens. Agnes vertelde eens dat wanneer een van de grotere jongens een opmerking maakte ze hen meteen terug pakte met een opmerking als: ‘Jao mien jonge, ik heb oe vrogger ok de dook nog veur de blote konte edaon’.
Agnes liet ons meegenieten van een aantal van die verhalen die ze gebundeld heeft met als titel: Bie-j ons thuus. Er is veel herkenbaars bij want bij veel boeren gezinnen ging het net zo. Ze beschrijft ook de r.k. rituelen die mij minder bekend zijn. Er werden bij hen thuis heel wat toneeltjes geoefend als er weer eentje misdienaar ging worden
Nu had ze het over de kleine kökken en de grote kökken. De kleine kökken werd de hele week gewoond, alleen op zondag ging de kachel ook in de grote kökken an.
Op de Haar noemden we het net zo want inderdaad was die laatste behoorlijk groter dan de dagelijkse keuken. Op zondag kwam er ook vaak visite en was het handig om meer ruimte te hebben.
Op de Boomgaard hadden we geen grote keuken, want die was niet groot. Het werd daarom de voorkamer genoemd, maar net als bij iedereen werd er alleen op zondag gestookt. Na de kerk werd er een spelletje gedaan, dammen of Mens erger je niet. Vader Hein las ‘De Boerderij’ of ‘In de Strengen’. Ja, hij was een paardenliefhebber, een peerdekearl. Door de week kwam hij niet aan zijn lectuur toe. Hij was alleen niet gewend om lang in een warme kamer te zitten en ook nog te lezen. Zijn ogen zag je geregeld dicht zakken.
In 1963 werd de Boomgaard verbouwd en werd de voorkamer, een stukje gang en de ouderslaapkamer bij elkaar getrokken en werd het een hele grote kamer, 10 bij 4 m. Toen veearts Wegchelaer met zijn ‘snoek’, zo’n grote Citroën, eens bij een koe geroepen was moest hij het even bekijken. Hij had in de keuken net zijn handen gewassen na het karweitje met de koe. Hij was altijd geïnteresseerd in mensen. Met één blik overzag hij de kamer met veel lichtval en besloot met de opmerking: ’Dit is een rijke kamer’.


foto:-De kamer op de Boomgaard na de verbouwing

Agnes Meer lezen »

Verder terug in de tijd

Wim kijkt helemaal verbaasd naar de foto’s van hun aardige alternatieve  sinterklaasviering bij Stork, moet wel 40 jaar geleden zijn. Mooie herinneringen heeft hij aan zijn groepje medewerkers. ‘Hoe kom je daar nou weer aan?’, vraagt hij. Zo langzamerhand heb ik heel wat foto’s verzameld, de laatste tijd gewoon per maand en die stop ik later in een jaarmapje. Maar de foto’s van voor ons digitale tijdperk zijn gescand en heb ik op onderwerp gesorteerd. Zo is er een mapje Hetty Vorden, Wim Hetty Hattem, Wim t/m Stork, een mapje Aalten/ Hengelo. En zo kan ik tenminste iets terugvinden als ik even het goede mapje aanklik.

In het mapje Wim t/m Stork staan ook wat jeugdfoto’s, zoals de foto van hun dagje Schiphol met de hoogste klassen. Wim begint meteen een aantal van zijn bekenden op te noemen. ‘Dat is Anton Cornelissen en hé, daar is ook Titi , beiden achterneef en nicht van Wim. De moeders waren nichtjes. ‘En die jongen… weet je wel… zijn moeder kwam dat briefje van 25 gulden ophalen bij ons dat ik als een propje op straat gevonden had. ‘Wanneer he-j em dan verleuren?’, vreug mien moe’. Maar zij was het zgn. verloren nadat ik het vond. Moeder van der Kolk liet zich niet voor de gek houden. Ze hadden het netjes gemeld bij de politie maar omdat er geen echt rechtmatige eigenaar kwam opdagen heeft het briefje van 25 een jaar lang in de linnenkast tussen de lakens gelegen voor ze het zelf mochten gebruiken.

De foto van de jeugdclub op kamp brengt nog meer herinneringen boven. Drie neven staan er ook op Henk, Jan en Gerrit van der Kolk en rechts onder Wim. Hij herkent zichzelf bijna niet. Wim geniet er van en de verhalen blijven komen. Het is leuk dat hij de clubleiders opnoemt waarvan ik later kinderen in de klas heb gehad… Willem Breunis( Ietje), Henk Kwakkel( de tweeling Aly en Bertje), van Dijk ( Dirk Jan). We gingen nog even door tot ons ochtendritueel en onze magen om een andere tijdsinvulling vroegen.

Verder terug in de tijd Meer lezen »

Elly Sanders 2

Indrukwekkende bijeenkomst ter nagedachtenis aan Elly Sanders die bij mijn moeders opa was ondergedoken en schoolvriendin van mijn moeder was, zo vertelt Carla Sigger. Heel triest ook: meegenomen door mannen die joodse onderduikers verraden voor 7,50. Mijn moeder heeft de Stolperstein onthuld.

Mooie foto van Ineke die dit mocht doen. Op de achtergrond de weg naar boerderij de Boskamp waar ook wij als kleinkinderen heel wat voetstappen hebben achtergelaten.

Elly Sanders 2 Meer lezen »

Elly Sanders

Vandaag, terwijl de herdenking van de vliegramp op de Bijlmer in Amsterdam volop aan de gang is krijg ik een berichtje binnen uit Eefde over een andere herdenking. Elly Sanders wordt herdacht, het meisje dat meer dan anderhalf jaar bij opa en opoe Eggink in Barchem woonde en gewoon met nichtje Ineke naar de school in de Wildenborch ging en het huwelijk van onze ouders meemaakte in 1942. Iedereen in de buurt wist het maar daardoor is ze niet verraden.

Haar ouders werden opgepakt in Amsterdam en moesten onder dwang de adressen van hun kinderen doorgeven. Zo kwamen op zekere dag 79 jaar geleden een paar mannen Elly ophalen. Wat opa ook zei over een Christenmeisje, het hielp niet. Hij moest blij zijn om zelf niet opgepakt te worden. Elly moest mee naar haar ouders in de Hollandse Schouwburg en het hele gezin werd via Westerbork afgevoerd naar Auschwitz. Via het Rode Kruis weten we dat de hele familie een paar weken later al omgekomen is, vermoord.

Vandaag haalde haar naam de krant, de Stentor. Er werd door de groep die Stolpersteine plaatst in Lochem en omgeving op plekken waar Joden gewoond hebben en zijn weggevoerd, nu een herdenkingssteen geplaatst bij de weg die naar de Boskamp leidt, de boerderij in Barchem waar Johan en Berendina Eggink met hun 10 kinderen woonden en waar Elly een warm thuis had gevonden.

Jaren later heeft oom Bram, de jongste van de Egginks, de Yad Vashem oorkonde in ontvangst mogen nemen in de Hollandse Schouwburg waar veel van onze familie bij was. Over deze familie Sanders die alle pech hadden in hun leven is een boek verschenen: De tragische ondergang van de familie Sanders, door Dick Verkijk.

Toen we met Ben en Diny de indrukwekkende reis maakten door Israël en in Jeruzalem de herdenkingsplek van de Holocaust Yad Vashem   bezochten hebben we daar in de Tuin der Rechtvaardigen de namen van Johan en Berendina Eggink zien staan.

Diny, bedankt!

https://www.destentor.nl/lochem/onderduiker-elly-10-krijgt-aparte-gedenksteen-in-barchem-zodat-mensen-zien-wat-voor-drama-zich-hier-heeft-voltrokken~a1041015/

Elly Sanders Meer lezen »

Tja… tijden veranderen

We vinden het nog steeds fijn om na het aqua joggen even na te praten bij een kopje koffie. Een paar jaar geleden deden we dat nog in het oude Aquarena en hadden we daar een oergezellig soort cafeetje, genaamd Paal 31. We schoven de tafels tegen elkaar aan en zaten zo een half uur of langer bij te praten. Zeg maar: lief en leed werden gedeeld.

Nu we in de na- of tussen coronatijd in het nieuwe Aquarena zwemmen is alles nieuw en mooi. Maar gezellig? Nee. Kale plastic tafels en stoelen en ramen rondom om alle baden goed te kunnen zien. De groepen zijn kleiner geworden, zeker bij de koffie en soms is er niemand achter de koffiebar.

Niet alleen is dat in het het zwembad het geval. Als ik oude foto’s bekijk zie ik de paardenmarkten voorbijkomen. Ook die zijn verleden tijd. We zijn ook minder van paarden afhankelijk sinds de tractor het werk heeft overgenomen. Maar zo is alles anders en vooral efficiënter geworden. Ook begint de Nederlandse bevolking zich meer te mengen. Niet alleen met immigranten, maar ook veel mensen die in het overvolle westen van ons land wonen ontdekken de geneugten van het platteland. Als er een aardig huis te koop staat is het vaak iemand uit het westen die genoeg heeft van de stad en de dure huizenprijzen die hierheen komt. En dat kan in deze tijd nu er veel thuisgewerkt kan worden. Is niks op tegen maar hoop wel dat ze zich aan de gewoonten van de omgeving kunnen aanpassen. Zo herinner ik me dat Albert Mol toen die in de buurt van Laren G een boerderijtje kocht zich goed liet informeren en de buren uitnodigde om ‘buurt te maken’, zoals dat heette. Het was vroeger noodzaak. Op het platteland had je 4 naaste buren, de näösten. Ze stonden je bij in geval van ziekte en dood. Ze regelden de begrafenis. Maar ook bij alles wat er te vieren was tot maken van de bogen voor het bruidspaar aan toe. Daarnaast had je nog een aantal buren die ook hand- en spandiensten verrichten in de voorkomende gevallen. Het hoeft allemaal niet meer. Er is wel burenhulp, maar nu zijn er bedrijfsverzorgers, de wijkverpleegster en de begrafenisondernemer die veel van de zorg overnemen. Ik weet niet of de nieuwjaarsvisites nog gehouden worden want dat was ook de gewoonte om die soms tot in maart aan toe als naaste buren te houden.

Tja dat kwam na het zwemmen en het kijken naar de zelfbinder van Geert weer bij me boven.

Tja… tijden veranderen

Foto: Zelfs in oorlogstijd werden er bogen gemaakt. Deze is gemaakt op de Boskamp ter gelegenheid van het huwelijk van Gijs en Mies.

Tja… tijden veranderen Meer lezen »

Terug in de tijd…

De eerste keer dat je moeder of vader wordt staat iedereen in het geheugen gegrift. Zo’n gebeurtenis is overweldigend. Je hele wereld is veranderd en wordt nooit meer hetzelfde, alleen maar mooier en met een toekomst als gezin in het vooruitzicht.

De eerste keer dat je oma wordt is vergelijkbaar, is ook overweldigend maar toch is het anders. Hier sta je niet alleen voor maar als hele familie leef je mee met jullie eerste kleinkind en je eigen kinderen die hun eerste kind mogen opvoeden.

Deze foto roept veel herinneringen op. Het is al weer 24 jaar geleden dat ik Robin zo in mijn armen hield. We keken elkaar aan en hadden contact. Een prachtige ervaring die me terugwierp in de tijd dat zo’n 30 jaar ervoor Gerhard geboren werd. Op de 10e dag zou ik hem voor het eerst zelf in zijn badje doen met begeleiding van de kraamverzorgster. Op dat moment dat hij heerlijk lag te trappelen in het warme water kwam huisarts van Haeringen binnen en genoot mee van het tafereeltje.

‘Kijk toch eens’, zei hij tegen me, ‘hij zoekt al contact, zie je dat?’ En zo was het. Met zijn toen nog donkerblauwe ogen keek de kleine Gerhard me aan. Dat intense moment vergeet ik nooit meer.

Even was ik opnieuw terug in de tijd.

Terug in de tijd… Meer lezen »

Over beleven en herinneren

‘Eigenlijk beleven we niet zoveel meer’, vertelde ik vanmorgen aan de koffie na de viering in de Schepershof, toen het gesprek kwam op het ouder worden.
‘Dat zou je anders niet zeggen’, zei eentje die mijn verhaaltjes op website of FB leest. ‘Ach… jij schrijft ook over vroeger natuurlijk’. Tja, als je op leeftijd komt heb je al veel beleefd en het zijn vaak kleine en op het oog onbenullige dingen die je kunnen raken, kleine belevenissen die je je herinnert. Ze komen zomaar terug in je brein. In elk geval werkt mijn geheugen op dat punt nog prima.
Door een lang geleden gemaakte opmerking zie ik een heel plaatje weer voor me. Toen opoe Bijenhof overleed en werd thuisgebracht vanuit het ziekenhuis kwamen tante Hermien en oom Sjoerd als eersten. Ik liep met tante Mien, zoals ze vroeger door ons genoemd werd, mee en keek met haar naar onze dode opoe. Het was voor het eerst dat ik een dode zag. Het was even stil. ‘Och… mien moder’, zei tante Mien met een snik in haar stem. ’Kiek toch es… ze hef hier zelfs nog een klein onderkinneken. Ik zag het ook. Ook het mooie tekstje op een boekenlegger aan de wand was gespijkerd met: ‘My times are in Your hand’.
En toen ik na een logeerpartij bij tante Riek en oom Jaap in Zutphen over de Lindese weg weer naar huis fietste met tante Mien naast me, scheen ik de sjas er nogal in te hebben en merkte ze ineens op: ‘Ie bunt net een peerdjen dat et heuj in de stal rök’.
En toen in de herfst van 1962 prinses Wilhelmina overleed hadden we net tv op de Boomgaard en keek tante Mien met ons mee naar de begrafenis op verzoek van Wilhelmina geheel in het wit. Toen de hele familie in de kerk zat zei ze: ‘Kiek toch es … Juliaantjen is net zo verdretig as iederene dee eur moder verloren hef’.
Zo komen de beelden vanzelf weer terug op mijn netvlies.

Foto: De zussen Rika l. en Hermien r. bekijken samen de oude jeugdfoto van Coba en Hermien. De foto is thuis bij tante Riek thuis genomen door Wim Harwig. Wat een mooie weergave. Hoe langer geleden hoe mooier het wordt.

Over beleven en herinneren Meer lezen »