Weblog2

Een herinnering

2020- Niesje alweer 9 jaar geleden in deze tijd, Ben 8 jaar , Mark 6 jaar en Henry 3 jaar terug–En steeds maakte ik voor hen een passend bloemstuk. Het liefst met bloemen en groen uit onze tuin aangevuld met iets speciaals wat ik vond dat bij hen paste.

Morgen nemen we afscheid van onze broer en zwager Henry. Na het overlijden van moeder, en later Niesje en Ben en nog later Mark, maakte ik een bloemstuk dat niet alleen mooi moest zijn maar ook een symbolische betekenis zou hebben.

Wat ga je maken voor iemand als Henry? Qua postuur was hij niet de grootste van het viertal van Gerard en Siet, maar misschien maakte hij wel de meeste indruk als hij aan het woord was. De kleur rood vond ik daarom passend, het is bovendien de kleur van de liefde.

Tussen mijn voorraad vond ik een schip, een symbool voor een vervoermiddel over de levenszee die soms gladjes maar ook wat ruw kan zijn. De 2 rode rozen staan voor Henry en Tonny en de warme rode roosjes er omheen de kinderen, kleinkinderen en naaste familie. De witte roosjes staan voor de vele vrienden. En in alle mooie bessen zie ik alles wat hij betekend heeft voor familie, vrienden en de gemeenschap om hen heen. Het geheel is omringd door klimop dat staat voor trouw en verbinding. Misschien ontdek je er ook wat kruiden tussen, als smaakmakers in het leven. En als ik straks rondkijk in de tuin ontdek ik misschien nog een esdoornblad, je weet wel die ook op de Canadese vlag staat. Dan wijzen de bladeren van de gele lis naar boven, een teken dat hij in verbinding was en is met wat we wel de Eeuwige mogen noemen.

Lieve Henry, waar je nu ook bent, dank voor wie je was…..

Een herinnering Meer lezen »

Mooi niet!

Het is al weer ruim 6 jaar geleden dat we afscheid moesten nemen van Mark. Toch ging het leven door en dankzij hulp van heel veel lieve mensen om ons heen kon dat ook. Deze herinnering is dus ook van precies 6 jaar terug

Soms ben ik verbaasd over mezelf. Ken je dat? De ene dag raak ik door een onnozele opmerking helemaal van slag, door iets dat mijn binnenste raakt, denk ik. En een dag later kan ik zomaar ellende van me af laten glijden, al is het voor even. We fietsen als we richting Emmen gaan meestal langs het bos en ik dwing me nu om niet meer naar rechts te kijken op de plek waar het paadje het bos in gaat. Waarom zal ik me onnodig pijn doen van binnen? Maar ik denk wel even aan Mark. De plek helemaal vermijden wil ik ook niet. Het is een prachtig stukje natuur en is altijd een lievelingsplek van ons en ook van Mark geweest.

Na het zwemmen vanmorgen was ik gelijk met Susan bij het Goed. Nee, ik heb niets nodig. Maar toen ik een paar mooie koffiemokken zag voor 35 cent per stuk, gingen die toch in de mand mee. Daarna volgt de boekenhoek en dan de ronde langs de meubels. We ontdekten een uitklapstoel en ik moest hem even proberen. Hij was precies de goede kleur en hij zat me toch een partij lekker, nog nooit zo’n lekkere stoel uitgeprobeerd. Hij kon zelfs helemaal in de ligstand. Ik genoot even met de ogen dicht. Susan kent mij en mijn liefde voor stoelen en stond trouw te wachten tot ik klaar was met genieten. Maar dacht je dat ik me uit die stoel weer overeind kon krijgen? Mooi niet! Ik lag achterover met mijn knieën lekker hoog. Met geen mogelijkheid kwam ik er uit. Susan begon aan me te sjorren, dat hielp niet. Daarna probeerde ze door met beide armen kracht te zetten om me in de benen te krijgen en eindelijk stond deze dame weer rechtop. We schoten beiden vreselijk in de lach. Ineens besefte ik dat ik in meer dan twee maanden niet meer gelachen had en al helemaal niet zoals nu.

Het werkte helend.

Mooi niet! Meer lezen »

Familiebezoek

Af en toe denk ik terug aan de leuke familiebezoekjes die we in de loop der jaren kregen bij ons aan het Schoolpad. Fijn ook dat onze Amerikaanse familie hier is geweest: Luella met Nancy en natuurlijk Curtis, Berdena en zelfs Pamela en Brett en dan nog Abbie..Familiebezoek vanuit Iowa en Minnesota. Ome Herman had ons aan de Kuifmees en samen met tante Nettie zelfs in Hengelo al eens opgezocht.

Deze keer  was het hier in één middag: lunch met beschuit met muisjes i.v.m. de lammeren, bezoekje aan een paar hunebedden, lammetjes knuffelen, gezellig in de Finse kota bij een vuurtje en last but not least Wim z’n diner.Het moet ergens in 2014 geweest zijn. Daarna zouden  ze nog een paar dagen naar Parijs gaan, wel een overgang. Maar als ze vanuit de USA eenmaal in Europa zijn willen ze ook zoveel mogelijk ontdekken.

Familiebezoek Meer lezen »

Hun droomreis

Zomaar wat herinneringen aan het avontuur van moeder Coba en vader Hein in 1975.

“As ’t vliegtuug naor beneden kump… verkoopt jullie de boel maor.” Met die woorden van mama en een bezoek aan de notaris en een kleine ingreep in het ziekenhuis waren de voorbereidingen voor hun reis naar Amerika afgerond. Oom Sjoerd en tante Hermien zouden meegaan. Al heel wat ooms en tantes waren hen voorgegaan. Allemaal benieuwd wat Herman had opgebouwd in het verre Iowa.
Wat kwamen ze enthousiast terug. Het was de reis van hun leven geworden. Ze raakten er niet over uitgepraat.
Ja… het vliegtuig had eerst wel een lekke band en stopte net voordat ze de lucht ingingen. Ze misten daardoor de aansluiting in Chicago en brachten daar de nacht door in een dekentje op een bankje op het vliegveld. Maar uiteindelijk kwam het goed.
Ze maakten kennis met de hele familie. Ook bij Curtis en Berdena werd overnacht. Mama was ontroerd door de kleine Pam die ’s morgens spontaan bij hun in bed kroop. De afstanden vond ze minder.
“Foi foi a-j een köpken koffie ergens gaot drinken mo-j eers wel zowiet as naor Utrecht riejen”, zei mama.
Pa stond het boeren zoals dat in Amerika ging wel aan. Hij werd overal bij betrokken door Herman. Ome Sjoerd maakte zich nuttig door voor tante Netty een paar rokjes te naaien. En de beide zussen Coba en Hermien waren helemaal weg van tante Netty. Die was ’s morgens vroeg al brood aan het bakken. Ze was bovendien een zeer hartelijke gastvrouw.
Maar ze waren precies op tijd weer terug voor de bruiloft van Henk en Anneke op 12 juni 1975.

Hun droomreis Meer lezen »

Op weg naar Queenstown

Zomaar een stukje uit het reisverslag van onze ANWB reis door noord en Zuid Nieuw Zeeland. Wat ben ik blij dat we op tijd deze mooie droomreis konden maken. Wat een mooie herinneringen. Bovendien was het ’t begin van een mooie vriendschap met Ben en Riet. Met ons vieren vormden we het oostblok zoals het door anderen genoemd werd. De interesse voor dit land, haar natuur en cultuur gaf een band met iedereen van deze groep. Helaas moeten we Ben en Riet, en ook Anda die met Dick dezelfde reis al maakte, al een paar jaar missen. Maar de herinneringen bewaren we  voor altijd. Dit schrijven geeft het stukje weg weer richting Queenstown op het Zuider eiland. Hier is het intussen hoog zomer .

4- 12
“Verdikkeme, d’r hef t- er mien toch weer ene te pakken!” Wat een wonder! Wim loopt er weer uitdagend bij: slechts korte broek, hoed en slippers. Ik kijk eens om me heen en zie opvallend veel lange broeken ondanks het warme weer.
We zijn in Queenstown op een drukke stadscamping. We staan mannetje aan mannetje! Gistermiddag ontstond er na aankomst spontaan een niet georganiseerd happy hour onder de dikke bomen met uitzicht op een meer, want bij de caravans was er te weinig plaats of te veel zon!
Het was een relatief korte rit- 120 km, maar wel veel stops, die ons in ons “Tips voor Trips Boek” werden aangeraden.
Puzzle World is leuk. Ecodrome in Zwolle heeft ook van die kijkgrapjes, maar niet zoveel bij elkaar. In het café erbij lag ook op iedere tafel een puzzel om te proberen.
Daarna hebben we een poosje op ons gemak naar het sky diven gekeken. Vanuit een vliegtuigje kon je met een ervaren springer een sprong maken. Leuk om te zien.
Even later passeren we de 45e breedtegraad, die bij ons op het Noordelijk Halfrond ergens over Nrd- Frankrijk gaat. Fred en Janny staan ons daar op te wachten en maken een mooie foto van ons bij die dikke steen! Wij zijn vandaag het laatst. Het landschap waar we nu doorheen rijden heeft wat weg van dat achter Revelstoke in Canada. Je zou er ieder moment een stel Indianen verwachten die achter de heuvel vandaan komen!
Verderop vullen we onze fruitvoorraad weer aan bij een fruitstalletje. Nu volgt een gebied met veel fruit. We stoppen nog ergens voor een heerlijke cappuccino en een wat uitgebreidere stop bij Arrowtown, een aardig goudstadje. Nee Anda, wij zijn niet met zo’n pannetje in de weer geweest. Riet wel… die heeft wel een potje met een splinter goud. ”Leuk veur de wichter”!

In de laatste Tweets van het Schoolpad is ook de hele reis te volgen. Wie nog belangstelling heeft? Ik heb nog een paar boeken liggen.

Op weg naar Queenstown Meer lezen »

Op een ereplek..

We woonden nog in Hengelo en Wim had nog een wens. Hij wilde graag rijles geven. Dat kon toen nog zonder diploma’s.  Elke donderdagavond en zaterdagmorgen kon hij zich uitleven met een rijschoolhouder in de buurt. Nadat hij met de rijlessen ook een nieuw horloge en een trainingspak had opgespaard stopte Wim. Het was mooi geweest. Want deze vader van intussen drie zonen ging weer aan de studie.
Hij had  al een poging gedaan om de beginselen van het Frans onder de knie te krijgen. Dat bleek echter een druppel op een gloeiende plaat. Duits zou ook handig zijn, maar daar had hij het volgende op gevonden. Met Herr Elzasser, een inspecteur van de TÜV uit Duitsland had hij een afspraak gemaakt. Hij zou zich zo goed mogelijk in het Duits uitdrukken en Herr Elzasser zou hem, telkens wanneer hij iets echt verkeerd zei, verbeteren. Zo liepen ze samen alles al pratend en verbeterend te inspecteren in de Pijpenbuigerij bij Stork..
Ik kan je verzekeren dat hij nu gemakkelijker Duits spreekt dan ik. Hij gebruikt geen enkele naamval, terwijl ik het allemaal zo perfect mogelijk probeer te doen.
Op het gebied van kwaliteit had hij al heel wat certificaten en diploma’s verzameld, maar nu kwam het echte grote werk!
In de avonduren ging hij de “Stork- HTS” volgen. In drie jaar tijd had hij geen tijd voor iets anders. Alleen volleybalde hij nog. Er werd serieus gestudeerd. Minstens 1 keer per week zat Wim met twee jonge mannen die bij ons in de buurt woonden aan de grote tafel te blokken. De beide Klazen, beiden MTS-ers, vonden het wel gezellig bij ons en zij hielpen Wim met een soort hogere wiskunde.
De laatste avond voor de vakantie kwamen ze dan met een kratje bier voor hen en een fles wijn voor mij aanzetten…Moselblümchen. Ken je dat..? Aan het eind van de avond was alles op. Ik weet nog dat ik begon te lachen toen ik de trap op kroop en dat ik nog lachte toen ik in bed lag!
Het heeft geen van drieën windeieren gelegd. Wim werd Chef Afname. Maar zijn grootste beloning is toch wel een originele koperen plaat van één van de eerste Storkketels uit 1909. Hij kreeg die van inspecteur Buis van het Stoomwezen. Storkdirecteur Ketel- en Apparaten Bouw dhr Scheffer vond dat die plaat bij hem op kantoor hoorde te hangen. Via slinkse wegen heeft hij vaak geprobeerd Wim die bijzondere plaat afhandig te maken. Een laatste poging deed hij nog in 1983 toen Wim het bij Stork voor gezien hield. Tot dan had het achter zijn bureau op de muur gehangen. Wim was niet te vermurwen. Hij had hem persoonlijk gekregen. Uit! De plaat ging mee naar Emmen en hangt nog steeds op een ereplaats bij ons in de kamer!
“Later” mag deze bijzondere plaat naar het Stork Museum.
En…Klaas Renting kreeg een leidinggevende functie bij een bedrijf in Coevorden en de andere Klaas bij de NAM.
En alle drie wonen ze nu…….. in Emmen en omgeving!

Op een ereplek.. Meer lezen »

Afscheid

Toen opoe en opa Eggink afscheid namen van Herman toen hij in 1924 naar Amerika vertrok om boer te worden, wist niemand wanneer ze elkaar terug zouden zien. Het zou die keer 5 jaar duren. Daarna duurde het 17 jaar. In 1946 toen zijn broer en onze vader Hendrik Jan zo plotseling overleed kwam hij opnieuw over en dat was voor opoe voor het laatst.
Mijn hele leven heb ik al afscheid moeten nemen”, zei ook Tonny. Eerst al werd ze vanuit toenmalig Perzië, waar haar vader werkte, naar Nederland gestuurd toen ze bijna aan de middelbare school toe was. In de vakanties ging ze natuurlijk terug, drie keer per jaar. Ze trof een fijn gezin dat haar geweldig opving en een belangrijke rol in haar leven speelde.
Toen Gera trouwde en samen met Fred de oversteek maakte naar Canada begon het afscheid nemen voor haar  opnieuw. Je zou denken dat het gaat wennen, maar ik denk dat het nooit went. Vaak gingen Henry en Tonny naar hen toe. We zijn zelfs twee keer 4 weken met hen mee geweest en hebben een geweldige tijd gehad in het altijd warme gezin van Fred en Gera en hebben intussen ook heel wat van Canada gezien. Ook in  september 2010 waren we bij Henry en Tonny zelf te gast in Canada, samen met Ben en Niesje. En Rick heeft er al heel wat keren een fijne vakantie gehad bij Fred en Gera en heeft de kinderen zien opgroeien.
Ik denk dat het 2008 was toen  Henry en Tonny zelf de stoute schoenen aantrokken en zijn de grote plas overgestoken, zoals Rick dat altijd noemt, en nu om te blijven. Het afscheid nemen blijft, want nu blijven Arend en Amaka achter in Nederland.
Toen namen wij afscheid van hen, misschien niet voor lang want waarschijnlijk komen ze in november terug om de echte emigratiepapieren te laten tekenen in Berlijn.
En een aantal keren namen we afscheid van Berdina en Curtis. We hebben ze nu al vaker  wat langere tijd ontmoet en Berdena voelt als een zus voor ons, zo bijzonder. Het zou die keer ook niet een afscheid worden voor heel lang. Curtis zei bij het afscheid tegen Wim:”You mùst come”. En die plannen: zijn intussen ook werkelijkheid geworden in 2012, in navolging van opa en vele neven en nichten uit de familie Eggink, om de plek op te zoeken waar ome Herman de toekomst opbouwde voor zijn gezin. Berdena en Curtis regelden alles  voor ons. Het werd een van de mooiste belevenissen in ons leven. Afscheid nemen wordt er in elk geval gemakkelijker door, want 3 jaar later bezochten ze ons weer en konden we hen een kijkje in ons leven geven. We hebben intussen wel, behalve van Ben en Niesje, Mark en Henry, nu definitief afscheid moeten nemen van Curtis en Harold. Dankzij de moderne techniek konden we het afscheid van Curtis en later Harold mee beleven. Maar wat we samen hebben meegemaakt zal altijd bij ons blijven.

Bij het afscheid in 2011 kregen Diny en ik deze broche als herinnering aan onze ontmoeting en aandenken aan de Three Eggink Sisters.

Afscheid Meer lezen »

Pieman…

Pie…pieieie…kom dan, pie ie….’, ik hoor het opoe Bijenhof nog roepen naar de katten. Meestal had ze iets te eten voor ze. Een beetje melk ,denk ik, met wat stukjes oud brood, want toen deden de mensen nog niet aan kattenvoer uit de winkel. En betrapte ze een kat op het melkzeef of één die er vandoor ging met een stukje spek of naegelholt van de taofel, dan hoorde ik haar: ‘smerige katte’ roepen. Hoe ik ineens op de katten van opoe kom? Laatst las ik een stukje van Vordense Harry over Pieman, de katte van Hendrik Jan en Gardientj’n. Daar waren zo verschrikkelijk gek mee, werd verwend met allerlei lekker hapjes, tot hij ineens verdwenen was en ze hem tot hun grote verdriet dood op straat vonden… dachten ze. Pieman werd met alle eer begraven tot een paar dagen later ineens de echte Pieman weer boven water kwam. Tja katten lijken soms erg op elkaar. Het deed me even glimlachen… dat stukje over de kat Pieman.

Ik hoorde vroeger bij ons thuis nog wel eens het woord pieman gebruiken. Mama deed dat als ze mijn kleine broertjes duidelijk wilde maken dat ze een grote jongen waren als ze niet meer pieman in de broek lieten plassen maar buiten of op de wc. Wij als zusjes, hadden daarvoor nog nooit een pieman gezien en vonden onze kleine broertjes hoogst interessant met hun pieman, vooral als ze tijdens het dagelijkse badje een grote straal tevoorschijn konden toveren.

Pieman… Meer lezen »

Nostalgie

Je zou kunnen zeggen dat dit de moderne versie is van de tekst die vroeger op de Boomgaard aan de wand hing. Het was in die ouderwetse Duitse letters geschreven en wanneer er bezoek kwam mocht ik het voorlezen.
Nu is het bij Diny en Ben en is onderdeel van de ‘hunkerbunker’ zoals dat hoekje in de logeerkamer wordt genoemd. Het staat tussen allerlei nostalgische herinneringen, uitgestald op de plankjes van opoes zwart gelakte open wandkastje.

De mensch lijdt dikwijls het meest
door ’t lijden dat hij vreest
en dat nooit op komt dagen.
Zo heeft hij meer te dragen
dan God te dragen geeft.

Het leed dat is, drukt niet zo zwaar
als vrees voor allerlei gevaar.
Doch komt het eens in huis,
dan helpt God altijd weer
en geeft Hij kracht naar kruis.

Nostalgie Meer lezen »

Vroeger….

Op “De Boomgaard” groeiden we op met veel planten. De mooie voortuin was indertijd aangelegd door de vader van pa die tuinman was op kasteel het Medler. Maar vooral waren er ook veel dieren. Juno was de waakhond. Die zat meestal in de ren met een hok erin. Het was een lichte herder. Echt te vertrouwen was hij niet. Ik heb er in elk geval een litteken bij m’n oog aan overgehouden. Voordat wij er kwamen wonen was hij ook geen kinderen gewend. Na Juno kwam Max en later Sacha.

De katten waren echte boerderijkatten. Muizen vangen…dat moesten ze. Die katten kreeg je echt niet te pakken. Pas toen later ons Miesje haar intrede deed op de Boomgaard werden ze wat aanhaliger. Ook hier moesten we ze telkens bij de melkzeef wegjagen tijdens het melken. Dat melken gebeurde begin jaren 50 nog helemaal met de hand. Ieder keer wanneer er een emmer vol was werd die door de zeef op de melkbus geschonken zodat er geen vuil bij kon komen. ‘Smerige katte’, riep opoe dan als ze weer een kat op de melkzeef ontdekte.

Ik herinner me de varkens die met hun slimme oogjes boven het hek uitkwamen kijken en de motte met keunen die tijdens de bevalling in een kevi lag om niet op de kleintjes te gaan liggen. Nooit gedacht dat dit zielig zou kunnen zijn voor een varken. Hier hebben ze zelfs nog buiten gelopen om lekker in de modder te kunnen wroeten. Bij pa hadden ze een goed leven.

Er waren 10 melkkoeien op een rij en wat pinken en kalfjes er tegenover naast de paardenstal, meer konden er ook niet in. Ze stonden ’s winters vast met kettingen aan een lerenhalsband, maar ze zagen er allemaal heel tevreden uit…vooral als ze gevoerd werden. Op de deel stond de mangelmölle. Die werd door een motor aangedreven en daar werden de mangels (voederbieten) in gesneden. Het rook er altijd lekker naar koe! Alleen wanneer er persvoer gevoerd werd was de geur….. wel wat minder aangenaam.

Op verjaardagen werd er wel lacherig over gedaan. Zo van…’A’j bi’j de dokter in de wachtkamer zit krieg i’j vanzelf de ruumte!’

In het voorjaar gingen de koeien naar buiten en begon de grote schoonmaak van de stallen en de deel. Eerst werd alles een dag in de week gezet en dan begon het schoon schrobben. De muren werden gewit en het onderste stuk van de muren werd mooi zwart geteerd. En als dan het hooi binnen werd gebracht rook het ècht heel lekker.

In de hoek op de deel was vroeger ook een paardenstal en daarnaast stonden de kalfjes. Die roken wel het allerlekkerst. En nee….schapen had pa niet, maar toen Henk en Johan opgroeiden kwam er wel een geit…Heidi, genoemd naar Heidi uit de bergen. En er is zelfs nog een pony geweest. Maar nee zo’n paardenliefhebber als pa was …. nee de beide jongens hadden niks met paarden. Van Johan mochten later Jos en Joanne alle sporten doen…. als het maar geen paardrijden was! En toen Joanne vader Johan probeerde om te praten riep hij Diny er bij: ‘Diny… vertel Joanne nog es hoe alderbastend zeer et dee toen ie van Vurose velen’.

Vroeger…. Meer lezen »