Weblog2

Niet verveeld…

Het was de tijd dat Wim allang met de VUT was en waarschijnlijk net officieel met pensioen. Er was toen ook al genoeg te doen op erve het Schoolpad. We hadden behalve schapen, kippen en een paar geitjes ook een paar pony’s. Die moesten bekapt worden. En die middag ging Wim met Gerhard en  Robin en een stel vriendjes naar het Planetron om zijn 10e verjaardag te vieren.

“Nou… ik heb me ook niet verveeld”, meldde Wim toen ik ’s avonds naast hem in de stoel plofte.. Buurman Jans was die morgen al op tijd geweest om Amber en Sara te bekappen. Amber was de gemakkelijkste. Die werd ook verzorgd door Eva. Sara wil wel geborsteld maar kreeg je niet aan het lopen.
Jans is nogal direct. Hij zei: ”Pootje” en greep pony Amber bij de poot. Wim hield haar verder in bedwang. Maar bij Sara was het even anders. Die vocht er tegen en Wim zat daardoor met een door het touw verbrande plek op z’n arm. Tja… die Shetlanders hè!
Sara is een dochter van Kitty die bij Jans en Geesje loopt…ook niet zo’n makke. “’t Is net als bij Saddam Hoessein”, zegt Jans. “De vader deugt niet en de zoon evenmin!”
’s Middags was het andere koek. Wim ging dus  met Gerhard en een stel 10-jarigen naar het Planetron in Dwingeloo. Robins verjaardag moest gevierd met een stel klasgenootjes. “Man.. o.. man… ,ik wist niet dat daar zoveel geluid in zat… in die jongens”, zei Wim. Maar ze vonden het allemaal geweldig. Ach…hij was ook niks meer gewend.
Gerhards 5e verjaardag herinner ik me nog heel goed. Dat was in december met slecht weer. Het zou een pannenkoekenfeest worden. We begonnen altijd met de taart met kaarsjes. Terwijl die kaarsjes brandden vertelde ik dan een verhaal. Het was heel gezellig tijdens het eten en drinken en uitpakken van de cadeautjes. Toen waren ze al wel heel lang stil geweest vonden ze blijkbaar. De spelletjes boeiden ze maar even en toen wilden ze alleen maar donderjagen. Wim kwam precies op tijd thuis want pannenkoeken bakken èn de ploeg vermaken bleek onmogelijk.
En hier dus net zo, Tijdens de film in het Planetron die zaterdag waren de boys rustig, maar in de hal later moesten ze zich gewoon ook even laten gaan. Wims oren tuitten nog lang na…..

Niet verveeld… Meer lezen »

Zomaar…

De eerste bruiloft die ik meemaakte toen we eenmaal op de Boomgaard woonden was die van  Looman die met zijn huishoudster Leida trouwde. Hun eerste kind hadden ze al en nu werd er getrouwd. Tegenwoordig wordt er soms pas getrouwd als de kinderen groot zijn of gaan ze voor een  samenlevingscontract naar het gemeentehuis. Ik weet nog welke jurkjes Diny en ik aanhadden bij die allereerste bruiloft na die van vader hein met mama.. Al snel daarop maakten we nog twee bruiloften mee. Jantje en Dine, de zussen van Pa’s eerste vrouw Hanna, traden korte tijd na elkaar in het huwelijk en was er weer feest. De Loomans waren geen familie maar woonden op een boerderijtje van Pa op het Zelle waar hij voor de  Ruilverkaveling veel van zijn grond had. In het voorjaar brachten we het jongvee erheen. Jazeker, lopend achter de platte wagen met het paard ervoor waar een paar pinken  aan vastgebonden waren De rest liep mee terwijl wij als kinderen er achter liepen met een tak in de hand om ze ‘aan te jagen’. Zo heette dat. Jaren later werd het boerderijtje verkocht aan een advocaat uit Amsterdam die er zijn tweede huis van maakte en de Loomans vertrokken naar Vorden. Als pa zag dat de nieuwe bewoner er was en hijzelf op het land was maakten ze vaak een praatje. Zo zagen ze op een keer dat Johan nogal stevig met de tractor reed en de man er een opmerking over maakte. Het enige wat pa erover zei was: ’Als het van hemzelf is wordt dat wel anders.’. Ja, zo gaat dat! We zijn intussen alweer een generatie verder maar nu ik deze foto zie van het boerderijtje van Looman komt dat zomaar weer boven.

Foto: Deze boerderij op het Zelle, ook van vader Hein, werd vroeger bewoond door de fam. Looman en is later verkocht.

Zomaar… Meer lezen »

18 maart 2017

Nee, het zat er voor mij vanmorgen nog niet in om mee te gaan naar de kerk. De vroege ochtenden zijn nog zwaar vanwege de verse herinneringen. Maar Wim ging, hij vindt het fijn om tussen vrienden te zijn. We zitten hier natuurlijk wel aardig geïsoleerd.

Maar na een half uurtje kwam Susan langs, nee aan. Ze had een boekje meegebracht om af en toe steun aan te hebben. ‘Wat mijn hart je zeggen wil’ van Hans Stolp, teksten van troost en bemoediging. Het gaat over het doorlopen van moeilijke fases in je leven. Ik knapte meteen op van haar bezoekje en samen namen we een kopje thee en bekeken een aantal van de 175 kaarten die we kregen. ‘En hoe is het met je kip’, vroeg ze. Ze heeft zelf ook een paar kippen, ‘gered uit een legbatterij’. We hebben er nog maar eentje nadat de ander bezweek na een vlucht voor iets. Ze vloog onder de struiken voor iets en toen Wim haar wilde pakken, was ie al dood. Hartverlamming van schrik, denken we. De kip die er nog is volgt je op de voet als je buiten bent en wipt achter je aan naar binnen. Dit is een kip waartegen je kunt praten en ik weet zeker dat ze me snapt ook.

Mijn boek dat in de afwerkingsfase zit wordt mooi. Peter bedacht om het gedicht Ander Licht, dat Robin voorlas op de uitvaart van Mark, achterin het boek te plaatsen met een fotootje. Agnes vindt het zelfs een eer toen ik haar toestemming vroeg.

Verder ga ik het boek opdragen aan alle drie mijn jongens, eigenlijk vier. Allemaal hebben ze me gestimuleerd om te doen waar je hart ligt, al was Mark dat vooral op het gebied van schrijven.

Foto:1990- Zondagochtend in Londen

18 maart 2017 Meer lezen »

Memories

Wat kwamen er veel herinneringen boven toen we bij elkaar waren om de begrafenis van moeder Siet voor te bereiden. Ik zie haar in deze outfit en denk aan het laatste wat we voor haar konden doen.  De dominee kende moeder van der Kolk alleen van haar laatste jaren. Ineens begon het. Wim en Ben struikelden bijna over de woorden… hoe ze vroeger aan de Gasthuissteeg woonden en dat Wim al op 12 jaar wist dat hij zijn vader ging verliezen… en hoe moeder alles aanpakte om aan geld te komen voor haar opgroeiend gezin. Kranten bezorgen, kosteres van de kerk, verzorgen van maaltijden voor vergaderingen, koffie en thee verkopen, oppas bij de speeltuin. En op Koninginnedag, wanneer de muziekkorpsen ’s morgens vroeg Hattem rondgingen, voorzag ze hen allemaal van een stevig bakje koffie op Dorpsweg 4. Ben vertelde nog heel beeldend, zoals hij alleen dat kon doen, hoe het ‘Sanhedrin’- dominee met ouderlingen en diakenen- bij hen thuis vertrok naar hun oude kerk terwijl de kinderen van een pepermuntje voorzien werden. Hoe ze later naar de nieuwe Emmaüs kerk gingen waar nog geen keukentje in zat, en moeder Siet  ’s avonds de zware kan met koffie en kopjes naar toe bracht voor de vergaderingen, toch zeker 100 meter. Hoe ze een keer viel….De jongens hielpen overal aan mee en voor het schoonmaken van de kerk was haar vriendin en trouwe hulp tante Gees er altijd bij. Dat waren er twee bij elkaar, er werd wat afgelachen in ‘Gods Huis’.
Moeder kreeg in die voor haar zo zware tijd vaak kleding van een van de juffen van de van Heemstraschool die hetzelfde postuur had als zij. Toen ze een keer met haar fiets met pakken koffie bij een vast adresje kwam, kreeg ze te horen: ’Nee ik hoeve gien koffie meer. Ie hebt et niet neudig. Ie hebt mooiere klere as ik’.
Moeder antwoordde dan alleen: ’Dan gao ik toch weer een deurtje wieter’. Nee klagen was ook niet haar ding. ‘As klagen hielp, dan begon ik d’r vandage nog mee’, placht ze te zeggen. De dominee kreeg zo een eerste indruk en vrijdag zou de kerkdienst zelf verder worden besproken. En wat ik me daar vooral nog van herinner? Naast de indrukwekkende uitgeleide door twee rijen verzorgsters van Zorgcentrum De Bongerd herinner ik me ook de achterkleinkinderen die rondom hun oude ‘oma Bongerd’ stonden. Waarschijnlijk zagen ze allemaal voor het eerst iemand die overleden was. Nieuwsgierig wezen ze op wat aparte dingen en de uitvaartbegeleidster ving dat allemaal heel mooi op. Het was goed om kinderen ook een afscheid van een geliefde oma mee te beleven. Die middag na kerkdienst en de tocht naar het kerkhof waar ze haar rustplaats kreeg bij haar Gerard die zo’n 50 jaar daarvoor al overleed, werd haar kamer door ons samen leeggehaald en kwamen er nog steeds herinneringen voorbij.

Moeder in de outfit bij het koffieschenken. Hier in de achtertuin die toen nog groot en groentetuin was en door opa Barink bijgehouden werd. Opa Barink was niet hun opa maar een oude boer uit Silvolde die bij zijn dochter en schoonzoon in ging wonen en blij was met deze klusjes en de gezelligheid.




Memories Meer lezen »

Het orgel

Het moet hier hoog zomer zijn. Het gordijn is dicht getrokken tegen de zon en oom Sjoerd en tante Hermien zijn op visite op de Boomgaard. Oom Sjoerd in zijn ontspannen houding, steeds keurig in pak, vaak met een vestje in Schotse ruit en duidelijke manchetten uit de mouw met manchetknopen. Hij  en tante Hermien  toonden altijd echte interesse in ons leven.
Het orgel van vader Hendrik Jan staat nog op zijn vaste plek zoals dat nog 30 jaar zal blijven, ook toen Johan en Joke op de Boomgaard gingen wonen.
Het schilderij er boven hangt nu bij ons. Het werd in 1963 geschilderd door Liefers, de vader van Hannie, een leerling uit mijn allereerste klas in Hattem.
Waarschijnlijk is het op een van de laatste verjaardagen van mama op 23 juli 1977 of ’78. Voor de innerlijke mens is al gezorgd, de gesmeerde broodjes staan op tafel. In 1978 hoorde mama dat ze niet weer beter zou worden en stond haar en onze wereld op zijn kop. Je denkt dat je ouders er altijd zullen zijn en ineens slaat het noodlot toe. Moeder Coba zou toch nog een half jaar bij ons zijn en heeft tijd gekregen om op een goede manier afscheid van iedereen om haar heen te nemen. Maar wat was ze nog jong, slechts 63 is ze geworden. Toen Diny en ik deze leeftijd bereikten hebben we er beiden bij stil gestaan: ‘We hebben onze moeder overleefd’, ikzelf nu al 16 jaar.

Toen Johan en Joke naar hun nieuwe optrekje verhuisden was er geen plek meer voor het orgel en zette ik een advertentie op Marktplaats. En ja hoor, er kwam een reactie van iemand uit onze eigen buurt: Valthe. Deze man had een zwak voor orgels en was een klein museum begonnen in zijn achtertuin. Met vereende krachten is het orgel op de aanhanger getild en brachten we hem op zijn nieuwe plek. Elke keer als we voor de jaarlijkse inenting van Storm bij dokter Harry door Valthe rijden denk ik even aan dat oude orgel waarop onze vader  heel wat liederen heeft ondersteund op zondagmiddagen op de Boskamp.  De boeken in klavarscribo, zoals Hendrik Jan die gebruikte, zaten nog altijd in de orgelkruk.

Het orgel Meer lezen »

Opa’s avontuur

In 1932 ging opa Eggink op reis. Hij ging naar Herman in Amerika om te zien hoe het hem ging op zijn farm. Eigenlijk had hij zelf ook een heel avontuurlijke inslag, maar was getrouwd, kreeg 10 kinderen en ja… dan ga je toch niet meer weg. Maar wèl Johan Eggink. Onze vader Hendrik Jan was toen 21 en hielp mee de boerderij in Barchem te verzorgen samen met opoe en de toen 16 jarige Jan. Èn opa ging. Hij schreef zijn belevenissen op in een klein oranje dagboekje. Hij vertelde over de reis per schip, over de hymnen in een kerk in Londen die hij zo mooi vond en over de ijsbergen die hij zag toen ze Noord Amerika naderden. Toen hij zag dat er veel mensen zeeziek werden, was hij blij dat Bram niet meegegaan was zoals eerst nog de bedoeling was. Bram was toen een jaar of 8.
Per trein reisde hij vanaf  Quebeck naar Chicago en verder westwaarts en daarna werd het laatste stuk per postbus afgelegd. Eigenlijk wilde opa zo onverwacht bij Herman en Nettie voor hun neus staan.
Op het laatst was hij de enige passagier in die bus en de chauffeur maakte een praatje en hoorde dat hij bij Herman Eggink moest zijn. Hij belde daarop bij een volgende stop stiekem Herman op om te vertellen: “Ik heb hier je vader in de bus en we komen er aan”.
Zo stonden ze hem toch op te wachten bij de bus stop bij een buurman, Herman, Nettie èn de kleine Harold. Hij is al met al bijna een half jaar weggeweest, beschreef alles wat hem opviel onderweg en over het leven daar.
Toen ik later na opa’s overlijden dat boekje meekreeg van ome Jan om te lezen, las ik ook op school telkens aan het eind van een les een klein stukje voor. De brugklassers luisterden met aandacht en vroegen na iedere les om nog een  stukje.
Het boekje ging uiteindelijk terug naar ome Jan. Toen ome Jan ziek werd en wist dat hij niet meer lang zou leven gaf hij mij het boekje terug en ik bewaar het als een waardevol document!

Opa’s avontuur Meer lezen »

Opa Bijenhof

Even terug naar 1953… Opa met twee van zijn kleinzoons

Opa Bijenhof beviel het erg best op de Boomgaard. Hij kon overal op de fiets naar toe. Hij schilde de aardappels, voerde de kippen en hielp die eerste jaren mee bij de oogst als het nodig was. Hij was de verantwoording en de zorg ons en voor een inkomen kwijt. Zelfs toen hij al dik in de 80 was zat hij onder de kersenboom om aan de bel te trekken als de spreeuwen fanatiek werd in de kersentijd. Mama wilde vooral de spekkersen bewaren voor haar beroemde bowl. Er hebben ook van die aluminium stroken in gehangen, maar dat werkte niet erg. En in de Spaanse kersenboom zat Dorus, een levensechte vogelverschrikker……, hielp ook niet afdoende. Verder hadden we nog morellen. Dat zijn van die zure krengen. Die waren ook alleen maar geschikt om in te maken. Maar… daar bleven de vogels wel van af, net als van de vogeltjeskersenboom. Dat zijn van die kleine kersen met een normale pit. Daar zat niet veel kers aan, zal ik maar zeggen. Daar hadden ze geen belang bij. Dan hadden we ook nog een meikersenboom. Daar kregen de vogels geen kans, want daar waren we zelf het eerste bij. Ik vermoed dat pa’s vader, de tuinman van kasteel het Medler, die bomen en ook alle fruitbomen van De Boomgaard nog geplant heeft in de jaren 30.

Johan heeft nu heel wat oude rassen opnieuw geplant. De campinggasten kunnen er nu al van meegenieten. Nu na een jaar of 10 zit er al heel wat aan: walnoten, kersen, appels en peren.

Opa Bijenhof Meer lezen »

Naar IJmuiden…

Het is rustig tijdens de oversteek, een mooi glad zeetje. Zonder problemen zijn we aan boord gekomen en lezen tijdens de overtocht nog een boek uit, wel met een whisky en een Baileys ter afsluiting.
Na het uitvoerige English Breakfast staan we samen voor op het schip en zien IJmuiden aan de horizon verschijnen. Het schip stuurt inderdaad precies zo dat de beide lichten in de haven boven elkaar zitten. Dat weten we nog van onze zeilreis in 1991 toen we met bar weer de haven van Ebeltoft zonder brokken binnen moesten zien te komen.
We maken de balans op van onze tocht door Engeland en Schotland. Prachtig land. Nou ja… die laatste avond telt even niet mee.
Toen we de allereerste keer vanuit Engeland na drie weken Europoort binnenvoeren kwam er net de Ferry uit die naar de overkant ging. Wim zei toen zoiets als: ’ Zit ik toch weer op de verkeerde boot’. Hij had zo weer terug gewild. Engeland had voorgoed zijn hart gestolen. Nu begint het toch wat anders te worden. “’t Was mooi. Maor 14 dagen was ok goed ewes”. Warempel wat ik altijd na twee weken heb… heeft hij nu ook.
’s Avonds zitten we voor het eerst weer even voor de tv. Ik kan het niet geloven. Hoor ik het goed. “Berlijn… daor wil ik toch nog wel een keer hen”.

Naar IJmuiden… Meer lezen »

Dat paaltje

Deze laatste avond zullen we ons lang heugen… of misschien ook niet. We gaan het vast verdringen….!
We bereiden ons dus voor op de afreis naar Newcastle. We staan wat dicht op het meertje en Wim wil even de auto anders bij de caravan zetten om hem makkelijker weg te kunnen trekken… en ja… daar stond een paaltje, nou ja een paal met een kraan er aan, een brandblusser èn een wit bordje. Hij rijdt achteruit… tja dat paaltje had er niet moeten staan. Met een geweldig geraas stoot hij de achterruit van de auto in honderdduzend stukjes.
De paniek is groot kan ik jullie melden. Terwijl we al met een plastic vuilniszakken aan het plakken zijn, haal ik onze campingbaas er bij. Die kijkt nergens meer van op. Die heeft al eens een gast gehad die met een spiksplinternieuwe caravan de hele bovenkant eraf schuurde toen hij onder de slagboom door wilde komen. Zelfs dat had hij geplakt.
Hij komt onmiddellijk in actie en komt met een flink stuk wit gerubberd zeildoek aan. Dat lag er al 42 jaar, nog uit de tijd dat hij kajaks bouwde. In een ogenblik hadden we dat aan de achterkant geplakt. Een engel op je pad noem je toch zo iemand!
Wim haalt die stunt ’s nachts nog een aantal keren in z’n dromen uit. Ik slaap ook niet best.
De volgende morgen nemen we afscheid. Het enige wat ik onze baas te bieden heb is een boekje van ‘Ik ben Moniek’ met de Engelse vertaling I’m Monica[. Hij vindt het geweldig en ik krijg een dikke pakkerd. Hij woont daar nu nog alleen met z’n grijze kat, een briljante man, vol humor.

Dat paaltje Meer lezen »

De receptie

De receptie was nog zoals 40 jaar terug, zelfs met carbonpapier, maar het werkte.
Op het houten bordje onder de scheepsbel staat:

The reception, just very simple, with using carbon paper, but it worked. On the wooden plaque beneath the ship bell you could read:

Please ring door bell.

If no reply
strike ship’s bell twice.

For fire
ring continiously..

De receptie Meer lezen »