admin

Boekhandel Vermeer

Het wordt tijd voor verandering. Onze pc heeft kuren, de website is nog gebouwd in de tijd van Windows 7 en werkt niet op alle onderdelen nu we Windows 10 op de pc hebben.
Intussen klopt niet meer alles wat ik onder Kinderboekjes en Nieuws heb aangegeven, want die delen kan ik niet meer aanpassen.

Gelukkig kloppen beide mailadressen weer.
Onze vaste hulp bij pc- en website problemen is Bareld en die heeft het erg druk. Maar…. binnen 2 weken hebben we onze nieuwe pc. Daarna wordt aan de website gewerkt

Niet alleen bij ons verandert er wat, ook Boekhandel Vermeer heeft de oorspronkelijke naam weer aangenomen.
Geen Readshop Vermeer meer, maar Boekhandel Vermeer.

Wordt vervolgd….

Boekhandel Vermeer Meer lezen »

Jan en de Haar, de teil en het kippenhok

Ik begin nu te snappen waarom de jeugd en natuurlijk ook een categorie ouderen constant met hun mobiel bezig zijn. Ze moeten gewoon even kijken of er weer nieuwe post op Facebook is, want niet alleen je eigen post is te zien maar ook dat van je Facebookvrienden. Het zijn leuke, snelle contacten. Vaak zijn het foto’s die je wat vertellen over een van hen of wat ze meemaakten. Ik mis dan gewoon eigen stukjes zoals ik hier gewend ben te schrijven. Ik ben eigenlijk meer een verteller met een fotootje erbij dan een fotograaf met een regeltje uitleg. De winterfoto van ons huis aan de achterkant leek blijkbaar zo op het boerderijtje de Haar in Vorden waar we geboren zijn, dat toen bij neef Jan z’n herinneringen aan de oorlogstijd weer boven kwamen. Hij was zo’n opgeschoten jongen die veel bij ons op de Haar kwam voor een bordje roggemeelse pap. Hij heeft er ook wel gelogeerd en bij razzia’s bracht hij met vader Hendrik Jan de nacht door in een deel van het kippenhok bij de spoorlijn, waar hout lag opgeslagen, en waar de ratten door het stro ritselden. Hij vertelde over het wassen ’s morgens onder de pomp en over de deel van ‘de Haar’ waar de teil werd neergezet voor het zaterdagse bad, samen met onze vader Hendrik Jan.
Jan had nog wel een opmerking over het schilderijtje van de Haar dat tante Hermien zo mooi uit haar herinnering schilderde. ‘Die heuiberg klopt niet’, zei Jan. ‘Die was völle groter’. En hij kon het weten.
Jan, ik mis je, je mailtjes, bezoekje en je telefoongesprekjes.
Wel bijzonder dat zowel Diny als ik uiteindelijk, toen de kans zich voordeed, in een vergelijkbaar boerderijtje terecht zijn gekomen. Zonder deel….dat wel!

Jan en de Haar, de teil en het kippenhok Meer lezen »

Twee vrienden – 10- 1935 op de motor naar Schotland. slot

We hadden ons buitengewoon vermaakt, met veel mensen gesproken, zijn in de deftigste hotels geweest, in degelijke pensions gelogeerd, hebben krotten van binnen gezien, hebben als armste schooiers in bos en beemd geslapen. Soms hadden we drie dagen geen warm eten gehad, ons twee dagen niet gewassen, maar ook in de Atlantische oceaan gezwommen en in de mooiste meren van Schotland en Engeland.
Maar nu waren we blij om naar huis te gaan en dankbaar namen we ons voor om het een en ander op te schrijven om door te kunnen geven aan anderen om ook bij hen de reislust op te wekken, al zal niet iedereen het zo goedkoop en fijn kunnen doen als wij met die oude motor.
We haasten ons nu naar Hull en knapten ons in het Douanekantoor wat op. We brachten de motor weer aan boord van de Melrose Abbey. We hadden nu nog een halve dag om iets van Hull te kunnen zien, maar ik was algauw zo moe dat ik tussen de zwervers op een bank in een park in slaap viel.
Sjoerd was echter de onvermoeide, zwierf overal door de stad om me uren later wakker te schreeuwen:’Bervo. Alla, opstaan’. Ik begon te jammeren over honger en dorst en dat ik nu lang genoeg sober had geleefd, ‘Sjoerd, ik wil een stuk gebraden vlees en hete koffie’.
Sjoerd vond dat jammer van de centen, maar ik zei dat ik met mijn kennis van havenplaatsen en grote steden gemakkelijk voor een paar centen ons volop kon laten eten in een of andere sjofele gelegenheid. We slaagden boven verwachting bij de Italiaan Guillaume Rass. Het rook er wel niet fris maar het eten was best en we maakten hier nog kennis van de Wereld Esperanto beweging.
Er wachtte ons nog een laatste beproeving. Toen we in het Prince Dock op de boot wilden stappen kwamen we tot de treurige ontdekking dat onze namen niet op de passagierslijst stonden terwijl we wel een retour hadden geboekt. En alle plaatsen waren bezet, bleek een fout van de kantoren in Rotterdam. Dankzij ons verwoede razen en dreigementen dat we een groot artikel in de Hollandse kranten zouden schrijven en schadevergoeding zouden eisen omdat onze zaken hierdoor zouden lijden, werden we tenslotte toch ingeschreven.
Nog diezelfde avond vertrok de boot en we arriveerden de volgende middag in hevige stortregen in Rotterdam en was onze buitenlandse reis ten einde.

Bervo

Twee vrienden – 10- 1935 op de motor naar Schotland. slot Meer lezen »

Twee vrienden- 9- In 1935 op de motor naar Schotland

Van Leeds naar Hull
Ik wil liever niets zeggen over de stad Leeds. Iedereen die wel eens in zo’n grote fabrieksstad is geweest kan zich er wel een beeld van vormen van deze stad met zijn honderdduizenden.
Ik wil jullie liever meenemen naar de grote fabriek van James Hare. Het is een textielfabriek van de eerste rang en tevens voor gemaakte goederen.
Vriend Sjoerd was uitgenodigd om de fabriek te komen bezichtigen en als vanzelf mocht ik mee. Een Hollander die in deze stad werkte en in dit hotel verbleef wachtte ons op. Hij had onze motor al gepakt en gezakt zien staan en omdat hij de bezitter was van het enige Hollandse motorvoertuig in de stad was had hij zich afgevraagd welke struikrovers wel bij die motor hoorden. Na een korte kennismaking bracht hij ons naar de fabriek van James Hare.
Ze verwachtten ons al omdat Sjoerd een paar dagen geleden onze komst al had aangekondigd. We maakten kennis met de directeur die belangstellend naar ons reisverhaal luisterde. Hij bood ons wijn en sigaren aan, maar we moesten dat afslaan omdat we geheelonthouders en niet rokers zijn. We kregen een uitgebreide rondleiding door een gids die de opdracht had om ons langzaam en duidelijke uitleg te geven.
En toen begon de tocht door de textielfabriek waar 3000 mensen werken, meest meisjes. We hadden nog nooit een dergelijke fabriek gezien waar de schapenwol verwerkt wordt tot stoffen en dekens om vandaar naar de confectiefabriek getransporteerd te worden voor verdere verwerking tot complete pakken, mantels en jassen. Ik kan onmogelijk een beschrijving geven van de machines, spoele- wring-, mangel- en persmachines, verfkuipen, wasinrichtingen en honderden naaimachines, alles elektrisch bediend door de vaardige handen van vrouwen en meisjes. Ik merkte al gauw dat ik een vreemde eend in de bijt was.
Sjoerd in zijn kwaliteit als kleermaker kon er over meepraten. Voor de rest snapte ik er niet veel van.
De vrouwen en meisjes waren onder de indruk van dit bezoek waar de directie zoveel aandacht aan besteedde en hadden al gauw in de gaten dat Sjoerd de vakman en ik de leek was. Ze keken ons verbaasd na in onze uitrusting, de leren motorkleding en het lange mes stak nog steeds in Sjoerds beenstuk. Ik vroeg een meisje nog waar ze dacht dat wij vandaan kwamen. Ze gokten op de Balkan. Toen ik vertelde dat we Hollanders waren en voorname kleermakers. Toen begon ze hard te lachen. Ik hielp haar uit de droom door te zeggen: ‘Hij is de man die de kleren maakt en ik ben het om ze te bederven’. Dat was lachen.
We brachten 3 uur door in de fabrieken van James Hare. Hierna nam de directeur ons in zijn luxe wagen mee naar het allergrootste hotel van Leeds, The Metropol . Voor de tweede keer tijdens deze Schotlandreis werden we op de proef gesteld hoe we ons gedroegen in de aller deftigste gezelschappen. Sjoerd en ik sloegen ons er meesterlijk door en waagden ons niet aan gerechten die we niet kenden. Ook de fles wijn lieten we voor wat het was. Onze gastheer liet zich de wijn goed smaken en betaalde de rekening, We waren verbaasd over het bedrag. Daar konden Sjoerd en ik een week van leven.
De directeur van James Hare zal niet vermoed hebben dat deze twee nog diezelfde avond onze thee ergens in een bos zetten en achter een doornhaag gingen slapen.
Zo is het leven van zwervers. De ene dag aan tafel met de eersten des lands en de andere avond slapen achter een haag. Ik was die middag ook nog Sjoerd verloren, tuffend midden in Leeds. Ineens leek de motor een stuk lichter, ik keek om… en Sjoerd was weg. Ik reed een kilometer terug en op een druk kruispunt stond Sjoerd. Ik had daar zachtjes gereden en Sjoerd dacht dat ik er stopte en was afgestapt Gelukkig was hij op die plek blijven staan en zo vonden we elkaar gelukkig weer.

Het ging verder richting Hull. Op 7 mijl vanaf Hull stopten we bij een woonwagenkamp waar ook een aantal motoren stonden. Nieuwsgierig liep ik naar de eerste de beste woonwagen Onmiddellijk kwamen twee honden in het geweer en even later nog een paar. De woonwagenbewoner maakte er een eind aan en joeg ze weg. We hadden een aardig gesprek met de man die vertelde dat hij ook motor reed. In Engeland was het gemakkelijker, je kon de belasting per maand betalen, de benzine was er goedkoop en oude motoren kostten minder dan in Nederland.
Behalve een varken had de man voor de melk nog een paar schapen en zo leidde hij een rustig leventje Ik voelde me er wel door aangetrokken en had nog wel willen blijven, maar Sjoerd keurde het af en zo verlieten we na een kop sterke koffie het woonwagenkamp. We vonden nu een klein meer waar een bord bij stond ‘Dangerous for non swimmers’. Dat was net iets voor ons en brachten de avond zwemmend door in dat meertje. De nacht lagen we weer achter een haag aan de hoofdverkeersweg naar Hull. Desondanks sliepen we als ossen. Zo was eindelijk de zaterdag aangebroken, onze laatste dag op Engelse bodem.

Twee vrienden- 9- In 1935 op de motor naar Schotland Meer lezen »

Twee vrienden – 8 – In 1935 op de motor naar Schotland

Clapsham
Langs een smalle bergweg kwamen we tot dichtbij Clapsham waar we een groot bord zagen staan: ‘Big Cave Clapsham 3,5 mijl’. Onze liefde voor grotten was zo groot dat we meteen stopten. Zes jonge dames zaten met hun benen bungelend boven een ravijn op een rotswand. Zij wisten te vertellen dat we die cave zeker moesten gaan zien. De gids alleen al was het bekijken waard, zo verzekerden ze ons. We moesten maar niet met de motor gaan, zeiden ze, maar dat deden we toch Het bleek inderdaad een moeilijk pad bergop te zijn met gevaarlijke bochten en hier en daar een gaten in het pad. Knoestige boomwortels en verspreid liggende rotsblokken maakten het rijden nog lastiger. Tenslotte bereikten we na een half uur een weiland met een kleine haveloze boerderij . We klopten aan en vroegen de vriendelijke vrouw naar de beroemde grot die hier ergens moest wezen. ‘Aah, you want to go tot he Clapsham’s Cave’en raadde ons aan de motor hier te laten staan en onder in de vallei naar de grot te gaan met zijn zonderlinge gids. We volgden haar raad op en daalden de diepe vallei af. Nog steeds zagen we niets wat op een grot leek, alleen een houten keetje dat een geheel leek te vormen met de rots. Er vloog een grote raaf krassend boven ons toen we het keetje naderden. We klopten op de deur en hoorden een dof gebrom als antwoord.
We keken elkaar vragend aan. Welk avontuur stond ons hier te wachten? Sjoerd greep naar zijn mes en ik had de bahco sleutel al in de hand. Toen ging de deur open en er verscheen een man die heel geschikt leek om dapperder mannen dan wij ontzag in te boezemen. De man was lang en fors gebouwd, had zandkleurig dun haar en een lange zilverwitte baard. Zijn gezicht had de kleur van grijze biksteen. Zijn handen waren lang, mager en ruw behaard en zijn gezicht en hals hadden diepe rimpels. Hij kon wel 100 jaar zijn. Het doffe gebrom dat we hadden gehoord kwam van een wolfshond die echter in een hoek kroop toen de baas hem dat zei. Er vloog een grote ransuil over onze hoofden. We vroegen bedeesd of we de grot mochten zien. Mochten we denken dat deze man aan het eind van zijn leven was, hij vroeg een buitensporig hoge prijs voor het bezichtigen van de grot. We waren hier nu eenmaal en moesten wel toegeven. We volgden de zonderlinge oude man naar de ingang van de grot op de voet gevolgd door de wolfshond. We daalden af in een donkere gang waar zich een nis bevond. Onze gids, spaarzaam met woorden, gaf ons elk een toorts die in een of andere een brandbare stof gedrenkt was. Zelf hing hij een dievenlantaarn op zijn borst en beval ons voorzichtig hem te volgen om niet in een diepte te storten. Hij vertelde ons telkens wanneer we ons moesten bukken vanwege de aparte rotsformaties die van de zoldering van de grot naar beneden hingen, een druipsteen grot. Nu volgden we onze gids diep onder de grond. Al donkerder werd het in deze rots gangen en onze gids zweeg als het graf. Soms voelden we iets geheimzinnigs tegen onze benen drukken wat we angstig vonden, maar toen we goed keken en bijlichtten met de toorts zagen we de zwartharige hond naast of achter ons sluipen.
Opeens greep Sjoerd me bij de arm Het waren niet alleen de geheimzinnige de geheimzinnige geluiden in het binnenste van deze rots die ons angst inboezemden. Met zijn uitgedoofde fakkel wees Sjoerd me zwijgend naar.. ja wat was het? Waren het een paar gloeiende kolen die hier lagen of waren het de fonkelende ogen van een of ander monster die zich hier ophield en ons onheilspellend aankeek. Sjoerd greep alweer naar zijn mes en ik had de sleutel al in mijn hand. Ineens verdwenen de vuurballen en hoorden we een geheimzinnig fladderen. Nu begrepen we dat het de ransuil was die we straks hadden gezien en ons ongemerkt was nagevlogen om zijn meester gezelschap te houden. Nu waren we gerustgesteld en volgden de oude op de voet Nu kregen we zonderlinge druipsteenformaties te zien, een ontzaglijk grote koffiekan, een hoofddeksel van een jockey, een kop van een zaagvis, olifantspoten met slurf, een bijenkorf. Terwijl wij nog veel meer wonderlijke dingen zagen in deze druipsteen grot vertelde de gids dat zijn grootvader meer dan 125 jaar geleden deze grot had ontdekt en zich vertrouwd had gemaakt met alle gangen om het ook aan publiek te kunnen laten zien. Later had hij dit werk van zijn vader voortgezet en deed dit nu al 50 jaar. Na een tocht van een uur kwamen we weer in de buitenlucht. Onze gids vroeg ons het boek in te zien en ook onze handtekeningen er bij te zetten. Duizenden handtekeningen van veel groten der aarde uit alle windstreken stonden er in , Japan, China, Australië, Congo en zelfs ontdekten we de naam van Witte Beer, een beroemde roodhuid uit Alaska, maar ook van twee Hollanders die hier 4 jaar geleden waren.
Ik had nog alle tijd maar Sjoerd porde mij aan, hij werd door de muskieten aangevallen die er in en om de hut waren en gek bleken op het bloed van Sjoerd. De oude met zijn perkamenten huid scheen er niet de minste last van te hebben. Onverstoorbaar kalm verkocht hij ons tegen een hoge prijs wat ansichten van het binnenste van de grot.
Hierna gaf hij ons een hand en na een laatste blik op de ransuil en de zwarte wolfshond, vertrokken we om onze reis voort te zetten Het was nog 40 mijlen van Leeds waar we in het gebouw van de YMCA de nacht hoopten door te brengen. Tegen 11 uur ’s avonds stonden we midden in de fabrieksstad Leeds en wezen ze ons de weg naar Woodsley House, ons hotel, waar we vriendelijk werden ontvangen. Er zou nog een Hollander logeren, vertelden ze.
Die nacht sliepen we als rozen, dromend over wat de dag van morgen ons zou brengen.

Twee vrienden – 8 – In 1935 op de motor naar Schotland Meer lezen »

Niks veranderd…

‘Hoe zag de deel op de Boomgaard er vroeger uit?’ Jos en Margo zijn bij ons op de koffie met hun beide jongens Len en Siem. Ze zijn een weekje in een huisje in Drenthe dichtbij Orvelte en vonden dit een mooie gelegenheid om de Drentse oom en tante eens op te zoeken.
‘Niks veranderd’, zei Jos terwijl ze een eerste blik op ons huis hadden geworpen.
Maar nu die deel? Hoe was dat vroeger toen de koeien er stonden? Jammer dat ik er geen foto’s van heb, maar een deel was natuurlijk vrij donker en een foto komt dan niet uit. Ik beschreef de rij van 10 koeien met rammelende kettingen die er ’s winters stonden. En dat ik pa wel eens moest helpen bij de geboorte van een kalfje. Toen hadden ze nog geen geboortekrik zoals ik later Johan en Joke ermee zag werken
‘En de kalfjes, waar stonden die?’ Len is er nieuwsgierig naar.
‘Die stonden er tegenover in de kalverstal en daarnaast was de paardenstal’. Ze hebben er nooit koeien zien staan want toen vader Jos geboren werd was de grote ligboxenstal met melkstal al gebouwd waar wel 8 keer zoveel koeien los in konden lopen. Ik besef ineens dat er een paar generaties verschil tussen ons is. De Boomgaard van vroeger staat nog gewoon helder op mijn netvlies… met alle werkzaamheden er bij. Ook de tuin is een paar keer op de schop geweest. De prachtige door vader Eggink, tuinman op het Medler, in Franse stijl aangelegde voortuin veranderde midden jaren 60 in gazon met een paar perenbomen. Joke en Johan brachten er weer wat buxusvormen in terug en nu hebben Jos en Margo het weer anders.
Margo denkt dat ze misschien wel een kalfje voor Len aan kunnen schaffen.
Het was een leuk en gezellig bezoekje en het leuke plantenbakje mèt vogeltje dat ze meebrachten zal ik in ere houden.

Niks veranderd… Meer lezen »

Alles met pit…

Het is niet alleen dat wíj gek op schapen zijn en dat er hier in Drente in elk geval al minstens drie flinke schaapskuddes lopen van het oersoort: Drentse heideschapen en de Schoonebekers?
Henk Braakhekke stuurde eens een paar foto’s van een soort schaap dat in Barchem rondloopt. Als ik het goed zie is dat het misschien wel kleinste schaap ter wereld: de Quessant, afkomstig van het Franse eiland Quessant waar het gewend was om bij karige omstandigheden te overleven. Het is een aardig hobbyschaap, al kunnen de rammen wat verraderlijk zijn.
Zwager Piet kwam voor zijn werk vroeger overal. Zo kwam hij eens bij iemand met Quessant schapen en die man wilde net een ram afmaken omdat die zo ondeugend was, niet te vertrouwen gewoon. Dat vond Piet te gek. ‘Of wol ie-j ‘em soms hemm’n?’, zei die man toen. ‘Nem ‘em maor met, maor ie bunt ‘ewaorschouwd’.
De ram met z’n mooie gedraaide horens heeft nog jaren bij hen in de wei gelopen, maar telkens als er iemand het waagde om in de buurt te komen, viel hij die vol aan. Ik denk dat Piet het aan de ene kant nog wel wat vond, zo’n ram met pit.
Zo zocht hij in die tijd ook de meest dominante pup uit een nestje Schnautzers, toen hun Higgins dood was. Ze hebben het geweten. Die is zo dominant dat hij geen enkele hond van buitenaf in zijn omgeving duldt. ‘Je eigen schuld’, vond Marry indertijd. Toen Henry en Tonny eens met Sacha, de Labrador, bij hen in Frankrijk kampeerden met de caravan, kon die arme Sacha niet eens de caravan uit als hun hond buiten was. Een hond met pit heeft hij dus ook!

Alles met pit… Meer lezen »

Kom gauw…

‘Kom gauw… kiek… daor he-j ze’. Ik versta Wim niet goed en dan volgt: ’Schiet op anders bunt ze weer weg’. Ik zie hem naar de vijver kijken en dan weet ik het. Het zijn de nieuwe goudvisjes die we gisteren kochten. We wilden er vijf kopen voor in de vijver. De vijver waar we veel troep uitgevist hebben en die nu met de flinke pomp elke nacht een paar uur zuurstof in het water produceert. Die ligt er weer gezond bij. In de dierenwinkel leken die goudvisjes wel erg klein zodat we er meteen maar 10 meenamen. Onderweg viel in een bocht de zak met vissen die ik tussen mijn benen had staan om. Pats… die vissen zouden zich dood kunnen schrikken. Viel mee…
Voorzichtig liet ik ze even later met zak en al in het water zakken om te wennen aan de iets koudere temperatuur. Daarna liet ik ze los en strooide er een beetje voer achteraan.
Even bleven ze in de buurt en daarna was het wegwezen. Alle 10 leken levendig. Ik hoop dat ze een goed leven krijgen bij ons. Even later waren ze niet terug te vinden in deze flinke vijver.
En nu vanmorgen… zag Wim ze ineens. Er zwommen er een stuk of 5 gezellig bij elkaar. Zo… de eerste nacht hebben ze overleefd. Nu afwachten of de reiger de vijver met rust laat.

Kom gauw… Meer lezen »

Ach…

Deze oude foto kwam ik tegen en eigenlijk zegt die alles al. Ik vind hem gewoon aandoenlijk. Wat een praktische manier om je kleine te beschermen tegen pijnlijke valpartijen. En kijk eens naar de schaatsjes met band ondergebonden. Ik voel het zelf nog hoe strak ze eerst zaten en naar verloop van tijd los gingen zitten. Nee deze bescherming kennen wij niet, hooguit was het een keukenstoel als steun bij onze eerste schaatspogingen op een stuk ondergelopen weiland bij onze boerderij.

Ach… Meer lezen »

Terugblik

Ze vormen al een gelegenheidskoor. Ik denk dat ik er vier van in de klas heb gehad, maar als jullie hier de tweeling uit kunnen halen ben je heel knap. Ik weet het toevallig.
Af en toe als ik terugkijk op mijn leven sta ik versteld dat je zoveel meemaakt. Mijn leven lijkt net als bij iedereen in bepaalde periodes verpakt.
Bij mij zijn het dan als eerste mijn hele jonge jaren op De Haar en daarna op de Boomgaard.
Dan volgt een korte maar spannende tijd in Hattem, waar de start lag van mijn leven met Wim.
Daarna volgde onze tijd in Hengelo waar onze jongens opgroeiden.
In Emmen kwam de tijd dat de drie volwassen werden en uitvlogen, niet ver want alle drie bleven ze in Emmen of directe omgeving.
Nu is het dan de periode Schoolpad , een huisje waar ik altijd al van droomde, hoewel ik me in alle huizen gelukkig heb gevoeld of het nu op een kamer, in een flat, een tussenwoning of een hoekhuis was. De tijd zal het leren of dit ons laatste huis wordt. Ik vermoed van niet. Ik heb even zitten tellen. In mijn leven ben ik in totaal 10 keer verhuisd.
Waarom deze periodes ineens weer bij me boven komen? Ik zag foto’s van een volwassen tweeling Dennis en Patrick, de ene extravert en de andere introvert. Een mooi stel die ook telkens hun roots in Emmen weer opzoeken. Het zijn intussen al vaders die op hun beurt genieten van hun kroost. Ik had ze als 14 jarigen in de klas en verbaasde me over een tweeling die zo verschillend was.
Mijn herinneringen aan mijn Hattemse tijd heeft behalve Wim ook leuk blijvend contact met een paar meisjes van mijn allereerste klas opgeleverd. Een paar zijn intussen al oma geworden en heel gelukkig met hun kleinkinderen. En ook voor hen ging het leven niet op rolletjes.
We krijgen allemaal blijkbaar lessen te leren of je dat nou wilt of niet.

Terugblik Meer lezen »