hetty

De Trompetter…

Even terug naar 1969/1970. Rick is dan bijna 2 en is toe aan het los leren lopen. Het was nog niet zo eenvoudig doordat hij links beperkingen heeft. Daardoor gingen we twee keer per week naar het ziekenhuis voor therapie. Het is meneer Otter die daar zijn vaste begeleider is. Ik heb even rust en kijk er naar. Het is een grote ruimte daar in de kelder van het oude RK Gerardus Majella Ziekenhuis in Hengelo en verschillende mensen zijn bezig met hun oefeningen. Maar ik zie het voor me gebeuren. Meneer Otter duwt vanachteren tegen Ricks linkerschouder en daarna meteen tegen de rechter terwijl hij zingt: Jan Klaassen was trompetter in het leger van de prins. Rick wordt als het ware gedwongen om het linker en meteen het rechterbeen vooruit te zetten. Het was een prachtig gezicht.

En Rick liep: ‘Hij marcheerde van Den Helder tot Den Briel’…. Nu weer terug…’En hij had geen geld en hij was geen held en hij hield niet van het krijgsgeweld’…. En weer heen… ‘Maar trompetter was hij wel in hart en ziel’.

Rick belde gisteravond om half 8 zoals elke avond sinds Wim overleed. Ik vroeg hem of hij dat nog wist… Nee… Rick had er geen herinneringen aan… maar ik wel. Wel is hij altijd fan van Rob de Nijs geweest, misschien mede daardoor. Ik tenminste wel.

Toen Rick na zijn opleiding op Werkenrode weer in Emmen kwam wonen kwam Rob de Nijs een avond optreden in de Muzeval. Daar wilde hij wel naar toe. Ik ook, want ik vond zijn liederen en stem altijd prachtig. Ik weet niet meer of Wim ook mee geweest is, zal Rick nog eens vragen. Ik was dan wel fan, maar een hele avond liedjes… nou ja… ik zou wel zien.

Het werd de avond van ons leven. Het was helemaal boven verwachting. Wat een opbouw en een afwisseling. En dan die gevoelige stem.

Toen Rick gisteravond belde meldde hij dat hij voor een keer geheel tegen zijn principes naar Ned. 1 ging kijken vanwege de uitzending over Rob de Nijs, begreep ik hem helemaal. Tja… eenmaal fan, altijd fan…

De Trompetter… Meer lezen »

Stil

Vooruit nog even terug naar onze mooie tijd aan het Schoolpad.

Nou, zo stil hoeft nou ook weer niet… De laatste haan is weg, de haan voor Rob. Hij heeft de meeste genen meegekregen van vader Hendrik. Vanmorgen vroeg, zelfs voor ik de kippen ging voeren zag ik de jonge haan al in de bench voor z’n vroege ontbijtje. Je weet wel, de hondenbench die we ook gebruiken om kippen te vangen. Ik trok meteen maar aan het touw aan het deurtje en onder luid protest, van zijn kant dan, deed ik het deurtje dicht. Even later stond Hendrik er bij. Hij leek verontwaardigd en ze even praatten ze met elkaar zoals alleen hanen dat doen. Ik kwam er bij en sprak ze toe dat het allemaal goed kwam. Jonge haan zou een mooi plekje krijgen met een eigen harem net als vader Hendrik. Het regende en ik legde een deurmatje op de bench. Het paste precies en ik voorzag jonge haan nog even van een extra handjevol kippenvoer.

Ik meldde Rob dat zijn haan beschikbaar was.

Ik kwam net uit de wei lopen na de voeding van de lammeren toen Rob me al met de haan in zijn armen tegemoet kwam lopen. Hij had meteen maar muesli en lammeren brokjes voor de beide kleine gasten meegebracht. Die komen niks te kort. Gauw even kijken. Samen keken we naar de beide lammeren in de voor deze kleinen aangename stal. Ze waren iets te vroeg geboren maar doen het goed.

‘Hoe is het met Decibel?’, vroeg ik Rob. Dat is de kleine overlever van verleden jaar waarvan Rob dacht dat ie dood zou gaan. Het is een sterk schaap intussen, maar valt vooral op tussen de andere entertjes doordat hij slecht doet wat de hond van hem wil en altijd op Rob af komt. Ik grijns, tja… het is en blijft een flessenlam.

Foto: Rob’s Decibel vorig jaar. Ik noemde haar Doortje.

Meer lezen »

Ieder zijn ding…

Wat we in onze jeugd te kort zijn gekomen wat betreft reizen hebben we toch in de loop van de rest van ons leven wel ingehaald. Wim had natuurlijk al wel de wereldzeeën bevaren, maar voor mij was alleen een driedaagse excursie van school naar Trier in Duitsland en door Luxemburg en België mijn enige echte uitje buiten onze grenzen.

Toen we eenmaal ons gezin op poten hadden hebben we dat proberen goed te maken. We hebben veel van Europa  gezien. We maakten zelfs de overtocht naar Canada met Henry en Tonny om Gera en Fred en hun gezin op te zoeken en dat deel van Canada te mogen ontdekken. Daarna in onze tijd van pensioen en meer kansen maakten we de droomreis van 8 weken naar Nieuw Zeeland. Het werd de topper. Het was leuk dat Rick later af en toe graag met ons mee wilde naar Groot Brittannië en België. Naar Fred en Gera in Canada kan hij alleen ook wel af.

Toch blijf je ook nieuwsgierig naar andere plaatsen. Terwijl we ons plekje op de boerderijcamping De Boomgaard bij Johan en Joke lang in ere hielden bleef het de laatste jaren vooral bij reisprogramma’s kijken op de tv, zoals Floortje naar het einde van de wereld, Escape tot he Country en James Herriot. Zo beleef je toch al dat moois opnieuw. En dat doe ik nog steeds.

Ik kan niet net als buurman Jans zeggen terwijl hij met een brede zwaai naar het land achter hun boerderij wijst: ‘Waorumme zol ik hier vot gaon? Kiek maor. Nergens zo mooi als hier’. Zijn geboorteplek waar de fazanten broeden, hazen hun leger hebben, een ree met haar kalfje te zien was en waar om de haverklap een van de katten van Geesje met een stel jongen aan komt lopen. Die jongen worden in het veld geboren maar als ze kunnen lopen komt het hele spul op de pappotten van Geesje af. Jans vond het altijd prima zo.

Ieder zijn ding!

Ieder zijn ding… Meer lezen »

Life

Zo’n 12 jaar geleden schilderde ik dit. Toen ik ooit begon wilde ik abstract proberen te schilderen, dacht dat het gemakkelijker zou zijn. Ik kan je vertellen… dat is het niet. Voor mij niet. Wat ik ook probeerde… ik werd niet wat ik bedoelde. Pas bij dieren en landschappen lag mijn hart. En toch doe je af en toe een poging. Op de wekelijkse cursus bij Ellen Kroeze kregen we genoeg aangereikt. In een zomer cursus van een paar dagen in de Achterhoek met Doet Boersma leerde ik ook weer bij… maar toch. Bij mij blijft het toch iets waar een betekenis achter moet zitten. Zo ontstond dit kleurige werk waarin ik mijn lange leven zie uitgebeeld. Ik noem het ook Life.

Life Meer lezen »

Loslaten…

Veel te laat kreeg ik contact met Agnes Lichtenberg. Ze woonde op boerderij het Waorle, toen nog onder kasteel de Kieftskamp en was een buurmeisje van onze opoe Kornegoor, ook uit Linde. Eigenlijk zag ik haar alleen in het voorbijgaan op het Lindese feest. Zij kwam uit een R.K. familie en ging naar school op de Kranenburg een R.K kerkdorpje dichtbij Vorden. Pas toen bleek dat we allebei de FB pagina van Ik ben een Vordenaar… volgden kregen we contact. Het was voor mij een cadeautje.

Ze schreef over het leven bij hen op de boerderij: Bi-j ons thuus. En zo hadden we veel overeenkomsten. Opoe Kornegoor had haar eens een zakje met kwetsen meegegeven voor thuis toen ze vanuit school langs hun boerderij kwam fietsen. Ze had ze onderweg bekeken en besloot dat het een grapje was van tante Mientje, zoals ze in de buurt werd genoemd. Kwetsen lijken dan verrot als ze goed zijn. Ze had ze weggegooid. Toen tante Mientje later aan haar moeder had gevraagd of het gesmaakt had kwam de aap uit de mouw. Ze deelde zo het een en ander met mij, en ik met haar….. Regelmatig bleven we contact houden.

Toen we eens een schilderij met tulpen hadden weggebracht ergens in Brabant kwamen we op de terugweg langs haar dorp in de Betuwe. Ik zocht haar op en we hebben een tijdje met elkaar gesproken. Beiden hebben we het een en ander meegemaakt in ons leven. Een paar van haar gedichten mocht ik gebruiken in mijn boeken.

Ze is een paar jaar geleden overleden, te jong…. Na het overlijden van Mark stuurde ze me dit mooie gedichtje.

loslaten

het mooie moeten loslaten

het warme weerloos laten gaan

doet verstillen en verkillen

alleen verleden blijft bestaan

herinneringen zijn geschenkjes

voor wie die wil verwerven

laten dat mooie leven levend

loslaten is een beetje sterven

2012 Agnes.

Foto’s: Het Waorle nu is natuurgebied geworden. We gingen er vaak even zitten…

Loslaten… Meer lezen »

Uit… of thuis?

Wat we in onze jeugd te kort zijn gekomen wat betreft reizen hebben we toch in de loop van de rest van ons leven wel ingehaald. Wim had natuurlijk al wel de wereldzeeën bevaren, maar voor mij was alleen een driedaagse excursie van school naar Trier in Duitsland en door Luxemburg en België mijn enige echte uitje buiten onze grenzen.

Toen we eenmaal ons gezin op poten hadden hebben we dat proberen goed te maken. We hebben veel van Europa gezien. We maakten zelfs de overtocht naar Canada met Henry en Tonny om Gera en Fred en hun gezin op te zoeken en dat deel van Canada te mogen ontdekken. Daarna in onze tijd van pensioen en meer kansen maakten we de droomreis van 8 weken naar Nieuw Zeeland. Het werd de topper. Het was leuk dat Rick later af en toe graag met ons mee wilde naar Groot Brittannië en België. Naar Fred en Gera in Canada kan hij alleen ook wel af.

Toch blijf je ook nieuwsgierig naar andere plaatsen. Terwijl we ons plekje op de boerderijcamping De Boomgaard bij Johan en Joke lang in ere hielden bleef het de laatste jaren vooral bij reisprogramma’s kijken op de tv, zoals Floortje naar het einde van de wereld, Escape tot he Country en James Herriot. Zo beleef je toch al dat moois opnieuw. En dat doe ik nog steeds.

Ik kan niet net als buurman Jans zeggen terwijl hij met een brede zwaai naar het land achter hun boerderij wijst: ‘Waorumme zol ik hier vot gaon? Kiek maor. Nergens zo mooi als hier’. Zijn geboorteplek waar de fazanten broeden, hazen hun leger hebben, een ree met haar kalfje te zien was en waar om de haverklap een van de katten van Geesje met een stel jongen aan komt lopen. Die jongen worden in het veld geboren maar als ze kunnen lopen komt het hele spul op de pappotten van Geesje af. Jans vond het altijd prima zo.

Ieder zijn ding!

Foto: Buurman Jans bij zijn werkplaats, het voormalige stookhok. Hier maakte hij de mooiste en handigste dingen zoals berkenbezems, vogelhuisjes en voedertafels.

Uit… of thuis? Meer lezen »

Zag ie dat?

‘Zag ie dat?’, zei Wim altijd in het voorbijrijden. Ja, zo ging dat bij ons wanneer we onderweg waren.

‘Wat was dat dan?’ Ik zag natuurlijk weer niks.

‘Daor zat d’r weer ene… op dat päöltjen’ en dan bedoelde hij altijd de buizerd. Natuurlijk zag ik dat zo gauw niet. ‘Ik snappe niet da-j dat niet ziet’, ging het dan. Wim had een voorliefde voor die roofvogels.

En ik moest even terug denken aan deze vogels bij ons aan het Schoolpad. We hadden inwoning, tenminste als ik ons erf er bij mag betrekken. Al weken zat er een stoere buizerd bij ons in de wei, elke dag. Af en toe verhuisde die even naar Alle en Anja, maar iedere keer als we bij de wei kwamen of er langs reden was ze er. Ze was prachtig met een witte krans veren over de borstpartij. Meestal zat ze op een paal in het midden. Goed overzicht moet je hebben, zal ze gedacht hebben. Maar soms zat ze ook midden in de wei op het gras. Ik denk dat ze dan net een mol of muisje gepakt had. Ik verdenk haar er ook van dat ze een aanval op de witte kip had gedaan die totaal overstuur aan het eind van een middag in november onder de rododendron zat. Dat was even minder. Ik had de kip nog proberen te redden door extra te verwennen met voer en water en een plekje in de schuur, maar ze heeft de stress niet overleefd.

Maar we waren gaan wennen aan ‘onze’ buizerd en wensten haar nog veel muizen en mollen toe want de molshopen en gangen net onder het gras laten zien dat er voer genoeg is voor deze struise dame. Van ons enig overgebleven haantje moest ie wel afblijven dan…vond ik toen.

Maar ook toen we op een morgen niet meer gewekt werden door onze haan zagen we de bui al hangen. En ja hoor… in de wei zagen we zijn veren liggen. En onze mooie haan? Foetsie…  Daarna hebben we die ruigpootbuizerd niet terug gezien.

Zag ie dat? Meer lezen »

Opa Bijenhof

Regelmatig moet ik vanzelf even aan opa Bijenhof denken. Eigenlijk was opa de rust zelve. Hij had behalve zijn gedichten over Hans Knol en Truuken, die hij met verve kon voordragen, ook zijn bijzondere uitspraken. Eén ervan was: Wie zijn hoofd niet gebruikt moet zijn benen gebruiken.

Toen we in Hengelo woonden in de Marnixstraat hadden we ons eerste koophuis. Het was er één met drie verdiepingen. Beneden de living met keuken. Boven de woonkamer en op de bovenste verdieping waren de drie slaapkamers en de badkamer. Het was een heerlijk huis, leuke tuin en een flinke garage. Samen met onze buren werd er zelfs een houtsauna achter onze huizen gebouwd. Als Wim niet naar Holvrieka Ido was gaan werken waren we nooit weggegaan.

En toch… ik ben ’s morgens niet het helderste. ’s Avonds kun je me alles vragen, maar dat eerste morgenuur… En wanneer ik dan beneden in de keuken ben ontdekte ik vaak dat ik iets boven had laten liggen en moest ik twee trappen op…. En af. Dan verzuchtte ik nog wel eens: O..o.. opa Bijenhof…

Het was vanmorgen toch niet heel vroeg meer toen ik na het zwemmen me in het badhokje weer in de kleren hees. Ik leg alles op een rijtje wat ik bij die omkleedpartij nodig heb. Bodylotion, kam, brillenkoker, horloge, gehoorapparaat. Wanneer ik me dan eindelijk richting het Aquarena cafeetje spoed ben ik echt aan koffie toe. Altijd een gezellig halfuurtje. Ik merkte dat ik mijn ‘oortjes’ nog niet in had en met een greep in de zwemtas zag ik ze zo gauw niet. Toch thuis laten liggen? En ik miste zo het een en ander in de gesprekken.

Eenmaal thuis zocht ik het doosje met de oortjes. Niks…. Toen kwam inderdaad opa Bijenhof voorbij met: Wie zijn hoofd niet gebruikt….

Ik weer op de fiets richting Aquarena. ‘Zou het kunnen…’, vroeg ik aan de kassamedewerkster, ‘dat ik mijn gehoorapparaat……’ Ze lachte, deed een greep in een kastje achter haar en gaf me het kleinood. ‘Net binnengebracht’, zei ze.

Opa Bijenhof Meer lezen »

Bommel

Zo tegen 8 uur elke morgen voel ik het neusje van Storm. Hij vindt dat het tijd wordt om wakker te worden. Zo heb ik geen wekker nodig. Bovendien wil hij ook graag even naar buiten. Het duurt toch al even voor ik zover ben. Ik schiet gauw mijn kleren aan en deze morgen gun ik me geen tijd om in de spiegel te kijken of mijn gebit uit het bakje te graaien. Storm staat al bij de achterdeur als ik zover ben. Ik grijp mijn stok die ik tegenwoordig als steun meeneem naar achteren. Eigenlijk zie ik nooit iemand achter onze tuinen lopen, maar dit keer….

Met dat ik het hekje open doe komt een buurman van verderop met zijn flinke uit de kluiten gewassen zwarte hond aan, een Newfoundlander. De hond heeft een dekje op met de naam Bommel. Ik voel me ongemakkelijk met mijn lege mond en mijn haar in alle richtingen. Toch maken we kort even een praatje. Storm is niet erg geïnteresseerd in Bommel en loopt al verder. Ook buurman met Bommel. Ik voel me betrapt… of zoiets, maar schiet meteen ook in de lach…

Toen we hier net woonden liep Wim even naar buiten, ik denk naar de containers en komt even later lachend weer binnen. ‘Dat is mien ok wat hier…’

‘Nou wat is ’t er dan, kan nooit zovölle biezunders wean’. Wim grijnsde nog even bij de gedachte. ‘Ik lope net buten en zie daor een buurvrouw van iets verderop de hond uutlaoten…. in pyjama!’ Tja…

Kan dus allemaal hier, maar sinds deze ontmoeting neem ik één minuutje meer tijd voor een graai in het bakje èn de kam, voor ik de achterdeur uit ga.

Heb Bommel nog niet weer gezien.

Bommel Meer lezen »

Hobbel

Deze hobbel van herinneringsdagen is voorbij. Na het dankbare gevoel op onze 60e trouwdag kwam een andere herdenkingsdag. Ik ben nog nooit zo verdrietig geweest dan deze dagen rond de sterfdag van Mark. Toch is het al 8 jaar geleden. De eerste paar jaar waren ook heftig, maar daarna waren we bezig met het herstel van Wim, waren blij met de kleine dingen en veel aandacht. Zo  raakte het verdriet wat naar de achtergrond.

Nu Wim er niet meer is  en de eerste rouwperiode voorbij is wordt het verdriet om Mark ineens heel heftig. Hoe dat kan? Ik hoef maar aan hem te denken of de tranen stromen alweer, of ik dat nu wil of niet. Wat zit een mens toch ingewikkeld in elkaar. Is dat omdat zowel Wim als ik ons verdriet voor elkaar niet teveel wilden laten zien?

Ik zoek de afleiding in de dagelijkse bezigheden buiten de deur, zwemmen, boodschapje, met Susan ons rondje, zondag de kerk, Ria op maandagmiddag, schilderen eens in de 14 dagen enz. Ik probeerde maar eens om naar de uitstrooiplek te gaan in het Oeverse bos, ben ik lang niet geweest. Ik kon het niet…

Maar niets is toeval, ik kreeg deze week een paar bezoekjes die me erg goed gedaan hebben. Kon alles zeggen wat me bezig hield. Dank daarvoor! Een tip: leegte is een wat beladen woord, maar ruimte daarentegen voelt beter. Die ruimte moet ik zien te krijgen.

Toen ik dan ook nog een mail las van een vriendin van precies een jaar geleden, werd dat opnieuw een opening. Zij benoemde het verschrikkelijke als: Er kwam een eind aan Marks pijn… En zo was het ook. Ik wilde hem niet missen, maar dit moet ik hem ook gunnen. Het is net of die ’leegte’ in mijn hoofd en hart verandert in ‘ruimte’.

Hobbel Meer lezen »